top of page

ZOEKEN

78 resultaten gevonden met een lege zoekopdracht

  • Abstractie I

    Tijdens de les Vrijwel de hele les is besteed aan de bespreking van de werken van les 22, de aangepaste compositie. Dit was ook gelijk de introductie voor het huiswerk van deze week.   Huiswerkopdracht Maak naar aanleiding van het resultaat van de opdracht “ Veranderde compositie ”  (les 22) een abstract werk. Maak daarbij gebruik van kleur om een richtpunt in je compositie te creëren. Abstraheer zodat er grote vlakken ontstaan door vormvereenvoudiging. Voorbeelden van het soort werk zijn bijvoorbeeld de schilderijen van Serge Poliakoff, maar ook de door mij gebruikte compositie van Mondriaan is een duidelijk voorbeeld van abstracte kunst. In mijn originele (huis)werk van les 22 ben ik van abstract naar figuratief gegaan, nu is de opdracht om weer terug te gaan naar een abstract werk. Het doel van de huiswerkopdracht is tweeledig: Onderzoek hoe vorm en kleur kijkrichting bepalen in een schilderij. Ervaar dat een abstract werk ergens vandaan komt.   Abstractie theorie Om het voor mezelf wat helderder te maken de theorie van abstractie nagezocht op Wikipedia: “Abstractie is het proces van het weglaten van alle niet-essentiële (beeld)informatie en secundaire aspecten en vervolgens generaliseren om zo de meer fundamentele structuren zichtbaar te maken, wat zou kunnen leiden tot nieuwe inzichten.” Idee Eigenlijk maak ik voor elk werk van tevoren een plan, zo ook deze keer. De basis van mijn idee was gebaseerd op een mozaïek, vooral om invulling te geven aan vormvereenvoudiging. In de eerste schetsen ook vastgehouden aan dezelfde vorm van het doek, dezelfde oriëntatie en zelfde positionering van “versimpelde” voorwerpen.   Aanpak Als achtergrond eerst een diffuse vorm van het mozaïek opgezet, de scherper gestileerde versie wilde ik daar overheen zetten. Terwijl ik bezig was bleken zowel het idee als de aanpak een enorme beperking. Het geheel werd erg statisch, terwijl ik juist graag de beweging van de vallende dobbelstenen weer wilde vastleggen. Die dynamiek is de essentie van het eerste werk waar de dobbelstenen in een soort spiraal naar het raster toe lijken te vallen. Het is een beweging die zich prima laat vertalen naar een draaikolk, die de kijker meeneemt naar het centrum van het schilderij, het oog van de kolk. De eerste pogingen zijn nog best wat figuratief, je ziet voorwerpen -misschien zelfs wel te herkennen als kubussen- in de maalstroom. Ook vond ik de gebruikte kleuren te fel. Het resultaat daarvan is dat er eigenlijk geen expliciete (kijk) richting in het werk zat. Misschien dat ik de kijkrichting kan beïnvloeden met minder verzadigde kleuren, en ook met grijs en wit. Het effect kan versterkt worden door het heel expliciet te kwasten in spiraalvorm naar het oog. Deze is uitgevoerd in een donkergrijze niet-kleur om diepte te suggereren. Parallel aan het voortschrijdend inzicht heb ik telkens nieuwe lagen aangebracht op de eerdere uitwerkingen, de lagen stapelden zich op. Tot de slotsom gekomen dat ik de kubus figuren niet nodig had maar dat het volstaat om alleen de beweging af te beelden. De dynamiek van het originele werk is daarmee denk ik goed behouden. Vorm, kleur en niet-kleur geven een heldere kijkrichting. Ook wilde ik graag de referentie naar het originele werk van Mondriaan behouden. Daarom het typische Mondriaan raster over de maalstroom heen geschilderd. Daarbij weer gebruik gemaakt van tape en papier om scherpe lijnen te maken. Het raster integreerde niet met de kolk. Nogmaals een draaikolk-laag gezet, en deze stevig cirkelvormig uitgewreven en geschuurd om één geheel te vormen met het raster. Om geen duidelijk herkenbaar begin van de spiraal, maar alleen een duidelijk einde te realiseren heb ik de typische Mondriaan vlakken in alle vier hoeken geplaatst. De hoeken zijn met het paletmes dik opgezet in primaire verzadigde kleuren. Helaas ging dit visueel niet fijn samen met geschuurde/gehavende strepen van het raster. Daarom heb ik het raster rondom deze vlakken deels hersteld. Ook besloten om het werk vierkant te maken, dit maakt de referentie naar Mondriaan duidelijker. De compositie van een cirkel in een vierkant leidt de kijker ook nog sterker naar het oog van de maalstroom toe. Wat heb ik geleerd en ontdekt? Voor sommigen is het maken van een schilderij blijkbaar een reis zonder planning. Dan zijn de verschillende stadia verrassend, en dat zijn soms -maar niet altijd- aangename verrassingen. Dit is voor mij een heel andere manier van werken, het werk verandert drastisch en voortdurend gedurende het maken, en heeft al snel weinig meer te maken met het originele plan. Het voelt meer als experimenteren dan creëren. Maar het hielp wel bij de steeds verdere versimpeling van vormen. Heel plezierig vind ik het niet… Ik ben niet blij met het resultaat, ik merk dat ik aan deze werkwijze erg moet wennen.   Ik vind het bij figuratief werk al lastig om te bepalen wanneer iets klaar is, bij abstract werk begrijp ik daar helemaal niets van…  Ik weet eigenlijk nog steeds niet in welk stadium ik het werk eigenlijk het beste vond. Terugkijkend neig ik naar de eerste (felgekleurde) draaikolk met blokken. Het werken met sjablonen en tape wordt minder netjes en “crisp” als je al vele (soms dikke) lagen verf hebt aangebracht. Bedacht me later dat ik -met vier felgekleurde hoeken- nu helemaal een spelbord heb gemaakt. Lijkt wel een beetje op Mens-erger-je-niet…   Feedback Het meest in het oog springende commentaar op dit werk was dat “verf verbruiken niet hetzelfde is als schilderen” en dat het natuurlijk niets met Poliakoff te maken heeft. Ik had het idee dat de opdracht was om een abstracte werk te maken gebaseerd op het resultaat van huiswerkopdracht 22. Ik heb daarin gekozen om vooral de beweging van de dobbelstenen een hoofdrol te geven. Blijkbaar had ik de opdracht niet goed begrepen en was de bedoeling om iets te maken wat lijkt op Poliakoff. Originaliteit?

  • Modeltekenen I

    Tijdens les 23 Deze keer modeltekenen! Dat voelde in het begin heel onwennig. Wat het voor mij extra lastig maakte was de tijdsdruk. Voor de eerste 5 poses kregen we elk 7 minuten. Dat is normaal gesproken de tijd die ik nodig heb om eerst eens goed te kijken naar wat ik ga tekenen… Het was ook leuk om weer eens met houtskool te tekenen, dat was alweer een tijdje geleden. Van Bastiaan de tip gehad om niet met korte houtskool staafjes te werken, maar met wat langere en deze dan aan het einde vast te houden. Dan ga je als vanzelf wat losser tekenen. De tekenles begon met de grondbeginselen van model tekenen. Allereerst de verhoudingen van een staand model. Het hoofd beslaat ongeveer 1/8e van de totale lichaamslengte. De heupen zitten op ongeveer de helft Daartussen zit de borstpartij op 1/4e De knieën op 3/4e Als je je armen laat hangen komt de onderkant van je handen ongeveer halverwege je bovenbeen. Een ander fundamenteel aspect van modeltekenen is perspectivische verkorting. Dat is de vertekening die optreedt doordat je (bijvoorbeeld bij een zittend model) schuin van voren tegen een bovenbeen aankijkt. Deze lijkt dan veel korter, terwijl de breedte van het been natuurlijk onveranderd blijft. Ook in grootte van elementen moet je hier rekening mee houden. De knie, omdat deze dichterbij is moet je dus groter tekenen, en je kan dat best een beetje overdrijven om de diepte meer tot uiting te laten komen. Het blijkt ontzettend leuk om een “live” model te tekenen! Ik heb er heel veel plezier aan beleeft, ook omdat model Inge het door haar uitleg en bemoedigende woorden een stuk gemakkelijker en minder onwennig maakte. Deze keer samen met de groep een hele les getekend, allemaal bezig zijn met mooie dingen maken. Huiswerkopdracht De opdracht was om één van de schetsen van Inge uit te werken in een acrylverf schilderij. Daarnaast om er een omgeving bij te creëren, een context of compositie.   Ideeën Ik ben veel aan het puzzelen geweest om een mooie compositie bij één van de schetsen te bedenken. Ik had een paar ideeën, zoals “Dame of Thrones” en “Chess on the Beach” en heb wat knip en plakwerk gedaan om te kijken hoe het uitpakte. Ik werd er niet enthousiast van. Hetgeen me vooral stoorde was het feit dat het werk niet meer over modeltekenen leek te gaan, maar dat de omgeving de aandacht van de kijker lijkt te claimen, en leidde veel te veel af. Ik wilde graag een mooie herinnering aan afgelopen maandag maken, een herinnering aan mijn eerste modelteken ervaring.  Dan gaat het natuurlijk vooral om de poses en beelden van model Inge. Na nog wat rondneuzen op internet kwam ik foto bewerkingen van Arjen Roos tegen. Daar zat ook een werk bij dat “Zittend naakt” heet en is wat de titel belooft, met een donkere achtergrond, een zittend model en prachtige lichtval. Deed me sterk denken aan Clair-Obscur.  De compositie gaat een donkere vierkante achtergrond worden, met verschillende nuances zwart en grijs. Het donkere vierkant staat gecentreerd in een witte rechthoek, om te benadrukken dat het een vierkant is. De keuze voor vierkant is om de focus op het midden heel expliciet te maken, en Inge in het middelpunt te zetten. Naast het werk van Arjen Roos nog verder gekeken voor afbeeldingen die me konden helpen met kleurgebruik en belichting. Veel van die voorbeelden gebruiken onverwachte kleuren voor het weergeven van de huid. Linda stuurde ook nog een prachtig voorbeeld waarbij de huid in allerlei kleuren was opgezet. Ik heb een snelle tekening gemaakt om het effect van verschillende kleuren uit te proberen. Ook hier werd ik niet enthousiast van, het wordt dus gewoon huidskleur.   Aanpak De volgende stappen genomen tot het eindresultaat: Een werkkarton van 50x70cm meermalen in Gesso gezet en geschuurd. Daarop het vierkant afgeplakt De achtergrond in meerdere lagen en tinten grijs en zwart opgezet. Overgangen gemaakt met droge spalters Eerst een onderschildering gemaakt. Het doodverven was bij de Clair Obscur opdracht goed bevallen. Dus Inge eerst in donkere tinten geschilderd. Afgeschilderd in kleur van donker naar steeds lichter. Om toch aan de opdracht te voldoen nog gecheckt of een “Vermeer gordijn” de compositie beter zou maken. Ik vond het geen verbetering en het gaf zelfs een wat ongemakkelijk gevoel.   Wat heb ik ontdekt en geleerd? De achtergrond is opgezet in geconstrueerd zwart. Het blijft me verbazen hoeveel tinten “natuurlijk zwart” je kunt maken door te mengen. Huidskleur is best een lastige kleur. Veel kleuren gemengd om op de verschillende plaatsen tot de juiste tint te komen. Onverwacht veel cadmium donkergeel en wit in de lichte delen. Zoals verwacht veel gebrande omber in de schaduw, maar ook Phtalo blauw. Compositie is niet alleen de organisatie van elementen maar ook het weglaten daarvan ;-) Het losser schilderen gaat steeds beter. Hier is vooral het opgestoken haar een product van mijn hand en de kwast hun gang laten gaan -niet bij nadenken- maar gewoon laten ontstaan.   Feedback Begrijpelijk dat je Inge centraal stelt om weer te geven wat de eerste keer modeltekenen voor jou betekende. Maar… modeltekenen werd en wordt vooral gedaan als oefening om mensen correct in een grotere voorstelling weer te geven. Door het model juist niet in het centrum te zetten had er een spannendere afbeelding van gemaakt. Een Vermeer gordijntje was een leuke toevoeging geweest. Beetje voyeuristisch. Daar kwam denk ik dat ongemakkelijke gevoel vandaan wat me ervan weerhouden heeft om het gordijntje te schilderen. Bastiaan vertelde dat het weergeven, oproepen en blootleggen van dat soort gevoelens en sentimenten juist één van de interessante (en leuke!) aspecten is aan het maken van schilderijen. De ruggengraat zit te ver naar rechts, en de schaduw op de rechterbil is te hard.   Vervolg Met de inzichten van Bastiaan verder nagedacht over de compositie van “Inge in acrylverf”. Heel vroeger hadden mijn ouders een Polaroid-direct-klaar-camera. De foto’s die daar uitkwamen hadden een aparte rand, de onderkant van de omkadering was veel breder dan de andere drie zijden, zodat je de foto vast kon houden zonder het ontwikkelde deel aan te raken. Door de bovenkant van het witte kader om mijn werk in te korten ontstaat hetzelfde effect. Voor mij geeft het idee van een zo’n Polaroidfoto een nog veel ongemakkelijker en meer voyeuristisch gevoel dan het gordijntje van Vermeer.      Inge in stift en stippels De sessie modeltekenen was erg inspirerend, en terwijl ik het werk in acrylverf af vond, wilde ik toch graag nog wat andere technieken met als basis de modelschetsen proberen.   Stift Ik vind Pro-markers van Winsor and Newton nog steeds heel fijn om mee te kleuren. Ik heb daarmee de liggende pose gekleurd, en ook de achtergrond wat kleur gegeven. Daarna wilde ik toch graag nog eens proberen te werken met niet-huidskleuren, of in ieder geval delen in te kleuren met minder voor-de-hand-liggend tinten. Leuk om te doen, en eigenlijk best blij met het effect.   Fineliner Ik heb recent het boekje “Tekenen met Fineliner” van Liam Carver gehad. Er staan heel veel voorbeelden in van lijn-tekeningen, tekeningen met verschillende arceringen en gestippelde werken. Het leek me leuk om kijken of ik een gestippelde versie van één van mijn schetsen zou kunnen maken. Op 250-grams Bristolpapier gewerkt met fineliners in diktes 0.1, 0.3, 0.5, 0.8 en 1.0. Je moet er de tijd voor nemen, en je wordt er heel rustig van. Geduld is het sleutelwoord, en je moet vooral zorgvuldig blijven stippelen, want een “per-ongeluk” streepje valt enorm op! Ik ben tevreden met het resultaat.

  • Modeltekenen II

    Motief Omdat ik les 23 , modeltekenen, een enorm leuke ervaring vond heb ik me ingeschreven voor de cursus modeltekenen bij Crejat. De lessen werden gegeven door Pam Wessels. Ontzettend aardige vrouw met overduidelijk heel veel ervaring en kennis. Wat een enorme verademing was is hoe deze cursus verliep! Eigenlijk hebben we elke les 2,5 uur getekend en geschilderd. Tijdens het werken kreeg ik goede en opbouwende adviezen, en deed Pam voor hoe je bepaalde dingen beter of anders kan doen. Tijdens het tekenen legde ze veel uit over lijnen en vormen die je kunt herkennen in een pose van het model. Vaak V-vormen en driehoeken. Ook aandacht voor lijnen die je door het hele model heen kunt trekken. Lijnen door de schouders, heupen. Onderlinge verhoudingen zijn terug te vinden door te meten met je houtskool. Ook positie van lichaamsdelen ten opzichte van andere lichaamsdelen en de hoek waaronder ze staan kun je prima tracen met je staafje houtskool. Voor een beter zicht op licht en donker: door je wimpers kijken.   Les 1, Janneke Deze eerste les is vooral een beetje loskomen en gevoel krijgen voor het tekenen van het model met houtskool. Voor de pauze vijf snelle schetsen, na de pauze twee langere studies van elk een half uur. Les 2, model Annemiek Deze les werd, naast oefenen met houtskool ook de mogelijkheid om met stift en pastelkrijt te tekenen toegevoegd. Les 3, model Marieke Eerste deel van de les was opnieuw met inmiddels vertrouwd houtskool. Aansluitend met stift, maar als complicerend element in de oefening was het de bedoeling om zonder naar je papier of stift te kijken -met andere woorden zonder je ogen van het model af te houden- de contouren van het model te tekenen. Het resultaat was net zo bedroevend als lachwekkend. Mijn oog-hand coördinatie is nog dramatisch slecht Het was ook mogelijk om te schilderen met een stukje autoband en acrylverf. Deze keer niet geprobeerd, maar wel leuk om later nog eens mee aan de slag te gaan.   Les 4, model Alain Voor de laatste les werd gevraagd om een aquarel penseel mee te nemen in maat 18 tot 24. Modelschilderen in inkt, heel lastig, maar ook heel leuk. Met enorm verdunde inkt proberen om de menselijke vorm te vatten… het valt niet mee. Als laatste werk deze cursus toch maar weer houtskool gepakt. Deze laatste vind ik ook mijn beste werk van de cursus.  Heel veel geleerd!

  • Agamografie

    Huiswerkopdracht Maak een keuze uit de drie composities die zijn opgesteld en maak daarvan een groot stilleven in sterk verdunde acrylverf. Gebruik veel medium en/of water. Schilder twee aanzichten door elkaar heen. Transparantie moet ervoor zorgen dat je beide beelden ziet. Maak gebruik van donkere kleuren, bijvoorbeeld gebrande omber en groen, zodat het lijkt op een onderschildering. Door de sterke verdunning ontstaan er druipers maar dat hoort bij deze techniek. Ideeën ...of beter, het gebrek daaraan. Wat naspeurwerk leverde de naam van deze merkwaardige techniek op: dubbelbeelden. De opdracht deze week is niet mijn ding… twee perspectieven op hetzelfde stilleven door elkaar heen, met sterk verdunde verf, en druipers die erbij schijnen te horen… een duister kleurpalet beperkt tot gebrande omber, donkergroen en dat soort tinten. Ik heb hier helemaal niets mee... Het door Bastiaan, op verzoek van Danielle, geschilderde voorbeeld maakt wel een gevoel bij me los. Dat gevoel laat zich het best omschrijven als hartgrondige weerzin. Er komt geen enkel idee bij me op over hoe ik deze opdracht zou willen invullen. Ik probeer te begrijpen waarom ik het tegenovergestelde van inspiratie ervaar. De uitkomst daarvan is… … dat ik niet begrijp waarom de composities waar ik uit kan kiezen alweer boordevol sinistere elementen zitten. De keuze tussen schedels, knekels en een ruw geboetseerd Gargoyle-achtig ding met een strop om zijn nek is voor mij niet inspirerend. Ik vind het nogal morbide. … dat ik de voorgeschreven composities in combinatie met het voorgeschreven duistere kleurpalet niet motiverend vind. De ruimte voor eigen invulling is daardoor zeer beperkt en dat neemt veel van het plezier in schilderen bij mij weg. Zo wordt het niet mijn ding. … dat ik er de lol niet van kan inzien om iets moois maken, en er dan weer rücksichtslos semi transparant overheen te gaan kwasten met een ander perspectief. Dat voelt heel destructief. Hier kan ik me hier echt niet toe zetten en besteed mijn tijd liever aan andere dingen. Een week later Creativiteit heeft niet exclusief betrekking op kunst of artistieke uitingen maar is een veel breder begrip is. Het is dingen bereiken of problemen oplossen op een originele manier. Dus als ik meen dat ik ook maar een klein beetje creatief ben dan is een -op het eerste oog- kutopdracht dus slechts een probleempje waar ik een oplossing voor kan bedenken. In mijn gedachtegang vorige week zag ik drie oorzaken voor het ontbreken van inspiratie, ideeën en motivatie.    De stilleven opstellingen zijn morbide en sinister, en nodigen niet uit tot schilderen. Ik kan natuurlijk een veel zachtere toon/afbeelding maken dan het origineel… Het voorgeschreven kleurenpalet is nogal duister, gebrande omber, groen enz… Ik heb het filmpje dat Dorien in de appgroep heeft gezet nog even bekeken en beluisterd, en daar hoorde ik dat ook gebrande Siena werd genoemd als een kleur in het toegestane palet. Met die prachtige koperachtige oranje tint kan ik nog veel meer duisternis uit deze opdracht drijven. Naast veel medium dus ook veel gebrande Siena… Voor de verschillende perspectieven door elkaar heen geschilderd moest ik denken aan die kaartjes waarop de afbeelding veranderd als je er onder verschillende hoeken naar kijkt. Zo vond ik de oplossing in de werken van Miggs Burroughs en Cathy Gazda: agamografie. Bekijk je het werk onder een hoek van 45˚van de linkerkant dan zie je één van de twee afbeeldingen. Als je vanaf de rechterkant onder een hoek van 45˚kijkt, dan is die eerste afbeelding verdwenen en zie je alleen de tweede afbeelding nog.  Loop je er omheen dan gaan ze in elkaar over. Twee perspectieven op hetzelfde stilleven, in hetzelfde werk, zonder destructief te zijn…   Aanpak Om een dergelijk werk te maken had ik dus -om te beginnen- een tweetal schilderingen van het stilleven nodig. Het stilleven met de suïcidale Gargoyle, de fles, de lepel en de bloem leende zich het best voor een zachtere toon.  Twee vellen Hahnemuhle 360 grams Acrylpapier naast elkaar opgezet omdat ik op beide tegelijk wilde werken. Heel veel matte medium gebruikt om transparantie te bereiken. Weinig water gebruikt dus gelukkig ook geen druipers. 21 driehoekige latjes gezaagd en aan beide korte zijden voorzien van dubbelzijdig tape. Eerst de linkerzijde beplakt met stroken van de eerste afbeelding, daarna de rechterzijde met stroken van de tweede afbeelding. De latjes -in de juiste volgorde- naast elkaar geplakt, klaar! Wat heb ik geleerd en ontdekt? Ik heb totaal geen affiniteit met een destructieve aanpak van componeren, tekenen en/of schilderen. Ik wil vooral bezig zijn met het maken van dingen, waarbij ik mijn gedachten volledig kan focussen op “het creëren”. Het resultaat is daarbij ondergeschikt, maar wel een product zoals ik het bedacht en bedoeld heb, en niet een toevalligheid. Creativiteit heeft niets met artisticiteit te maken. Feedback Nadat ik had verteld dat ik dit een hele lastige en vervelende opdracht vond vanwege het destructieve karakter was de reactie van Bastiaan dat door improvisatie ook lelijkheid kan ontstaan. Een destructieve -vernietigende- aanpak levert nieuwe inzichten op. Daarmee is mijn invulling van de opdracht WOG (Werk ontwijkend gedrag). Het is overigens wel mooi geschilderd.

  • Vormvereenvoudiging

    Eén van de eye-operners van het afgelopen cursusjaar is het fundamentele verschil tussen tekenen en schilderen. Als ik een tekening maak, dan werk ik in onderdelen. Als voorbeeld: bij een portret begin ik bij de ogen en teken deze als geheel, en maak dat onderdeel ook af, met alle details die daarbij horen.  Deze werkwijze is bij schilderen niet werkbaar. Een schilderij als geheel bouw je op in lagen, waarbij je in elke laag meer detail op de gehele afbeelding aanbrengt. Op die manier blijft het een mooi samenhangend geheel en groeit het schilderij dus ook als geheel.  Om op die manier te kunnen werken is het heel belangrijk om vormvereenvoudiging te begrijpen en toe te kunnen passen.  Door de gelaagde aanpak zijn de eerste lagen van je schilderij een sterk vereenvoudigde versie van wat je als eindresultaat wilt gaan bereiken.   Aanpak 1 Om meer begrip en gevoel voor vormvereenvoudiging te krijgen zag ik een leuke oefening op Youtube. Door vlakken/figuren uit de bovenste laag papier van golfkarton te snijden ontstaat er een patroon. Wat je dus tot je beschikking hebt om je afbeelding te maken is dus wel of niet uitsnijden. Als onderwerp heb ik een door AI gegenereerde model van DeviantArt.com genomen. Leuk om te doen!   Aanpak 2 De tweede oefening was hetzelfde AI-model weer te geven door alleen gebruik te maken van drie vellen papier, een wit vel, een lichtgrijs vel en een donkergrijs vel.     Wat heb ik geleerd en ontdekt? Vormvereenvoudiging is veel complexer dan het op het eerste oog lijkt. Om de juiste vlakken te identificeren moet je heel goed kijken en heel bewuste keuzes maken welke kleuren -en dus ook welke donker en lichtgraden- bij welk vereenvoudigd vlak horen.

  • Droge naald

    In les 36 en 37 hebben we geëtst met de droge naald. Etsen heb ik 10 jaar geleden al eens gedaan, destijds met ons gezin een ets workshop gedaan. Was erg leuk, alle onderdelen van het ets proces kwamen aan bod. Je etsplaatje polijsten, vernissen, tekenen, het salpeter-zuurbad, zwarte handen van het afslaan, en het met een grote pers afdrukken.   Tijdens de les Als plaatje gebruiken we geen metaal uit kostenoverwegingen, maar als vervanging een stukje placemat. Daarin gaan we tekenen met een etsnaald (burijn). Daarna smeer je het plaatje in met inkt en verwijdert daarna de overtollige inkt (afslaan) zodat het alleen in de groeven blijft zitten, of op plaatsen waar je het bewust laat zitten. Dan pers je een afdruk op bevochtigd papier. Tijdens de les al gemerkt dat met een kraspen tekenen op een witte placemat in niets lijkt op etsen, en bijzonder lastig is.  Je ziet namelijk totaal niet wat je al hebt gedaan, of waar je nog iets wilt doen. Om dat op te lossen heb ik met een watervaste marker delen zwart gemaakt en ben daarin gaan krassen. Dan zie je in ieder geval waar je geweest bent. Omdat ik in het begin niet zo heb gewerkt, is het stukje placemat redelijk verwarrend geworden. Een verse start lijkt een goed begin.   Idee Deze keer geen fantasievolle ideeën maar een aantal afbeeldingen en tekeningen opgezocht die ik eventueel na zou willen maken. Thuis veel geëxperimenteerd met verschillende ondergronden. Nieuwe placemats gekocht. Het zijn twee verschillende soorten, de ene is duidelijk zachter dan de ander. Voor het gemak tijdens het krassen is de zachtere versie prettiger, maar ik weet niet of dat materiaal met afdrukken goed werkt. Het stukje placemat wat Bastiaan in de les heeft uitgedeeld lijkt meer op de hardere variant. Bastiaan heeft blijkbaar dezelfde placemat leverancier… Blokker. Een volgende pogingen zijn met transparante voorbladen in verschillende diktes die ik normaal gebruik om documenten in te binden. De transparantie blijkt een enorm voordeel, om drie redenen. Ten eerste kun je het origineel “overkrassen”, ten tweede kun je heel goed zien wat je gedaan hebt als je een zwart vel onder je plaatje legt. Ten derde kun je een foto maken terwijl het zwarte papier eronder ligt. Als je dan de afbeelding als gespiegeld negatief bekijkt zie je al heel aardig hoe je afdruk gaat worden, of misschien hoe je wilt dat ie gaat worden… Bij van Beek Art supplies pvc-folie van 0,7 mm dik besteld. Dit materiaal is speciaal bedoelt voor het werken met de droge naald.   Droge naald 1, Walter White In ieder geval één krastekening op een zachte placemat gemaakt. Als onderwerp een portret van Walter White aan het eind van zijn loopbaan. Om deze afbeelding op de placemat te krijgen heb ik geëxperimenteerd met Inkjet transfer. Ik had dat nog niet eerder geprobeerd en dit leek een goede gelegenheid. De placemat ingesmeerd met matte medium en de print van Walter White daar strak opgewreven. Drie minuten laten rusten en er toen weer afgepeuterd. Misschien is het mijn onervarenheid, de ondergrond, het medium, te lang of te kort laten rusten, maar het resultaat viel nogal tegen. De fijne details die je zou willen zien om een mooie droge naald tekening te maken zijn niet overgekomen. Daarna is het weer verwijderen van het medium van de placemat een heel gedoe. Niet vatbaar voor herhaling dus… Droge naald 2, Walter White Het eerste transparante sheet dat ik gebruik is 0,15 mm. Het materiaal blijkt te dun, door het krassen blijft het plaatje niet vlak maar begint te bobbelen. In een tweede poging geprobeerd iets minder hard en diep te krassen. Ik denk dat de groeven nu niet diep genoeg zijn om voldoende inkt te bevatten. Dat kan ik zonder pers natuurlijk niet uitproberen.   Droge naald 3, Walter White Dikkere (0,3 mm) transparante voorbladen besteld, en de dunnere exemplaren gelaten voor wat het is. Op de 0,3 mm opnieuw begonnen met Walter. Het tekenen gaat een stuk beter en het materiaal blijft vlak. Bij het afdrukken blijkt het materiaal toch nog te dun. De afdruk is niet helder. Twee afdrukken gemaakt, beide zijn niet wat ik ervan verwacht (of gehoopt) had. Droge naald 4, Nocturne Nog een poging met een placemat, de afbeelding nu overgezet met carbon, naar aanleiding van de tip van Dorien. De afbeelding is een nachtelijke blik op de haven van Venetië eind 19e eeuw. Het werk heet Nocturne en is vervaardigd door James Whistler. Carbon pakt niet heel goed op het gladde plastic, en vlekt ook nogal. Het levert wel een beetje een leidraad op, maar toch vooral zelf (na-)getekend. Drie afdrukken gemaakt, alle drie fijne platen. Bij de meest geslaagde niet alleen blauwe olieverf, maar ook wat ivoorzwart gebruikt. Droge naald 5, Koolmees Een placemat in verdunde rode acrylverf gezet en laten drogen. Het idee was dat ik zou kunnen zien waar ik op de witte ondergrond had gekrast door in het laagje rode acrylverf te tekenen. Het werkt niet zoals gehoopt, de acrylverf is slecht gehecht aan de kunststof, dus als ik er in kras komt er geen lijntje maar laten willekeurige deeltjes acryl los, het resultaat is dus absoluut geen scherp getekende lijn. Zal waarschijnlijk beter gaan met inkt. Besloten om ook de koolmees maar eens op een transparante plaat te proberen. Dit gaat (op 0,7mm) prima. Afdruk van de koolmees in verschillende kleuren verf. Blauw, twee kleuren groen, gebrande omber en zwart gebruikt. Leuk plaatje. Droge naald 6, Helena Bonham Carter Deze actrice uit onder meer Sweeney Todd leek mij een prachtige afbeelding om te oefenen met het deels afslaan van de plaat. Het gezicht moet helemaal wit blijven terwijl het wilde kapsel bijna helemaal zwart moet worden. Om te bepalen waar de inkt moet blijven zitten heb ik aan de achterkant van de plaat een rode stift gebruikt om de zwarte gebieden te markeren. Ook deze tekening gemaakt op 0,7mm plaat. Dat werkt heel prettig, je kunt stevig krassen, en hebt verder alle voordelen van transparantie. Twee afdrukken gemaakt, bij de eerste te veel inkt laten zitten, daardoor nogal spooky ogen. Tweede afdruk zonder extra inkt gemaakt, door de niet afgeslagen inkt een spannende afbeelding geworden. In de volgende les nogmaals wat afdrukken gemaakt van deze plaat. Zowel in rood-blauw als in bruin-zwarttinten een veel beter resultaat. Droge naald 7, Rechtlijnigheid In de zomervakantie met drie kleuren karton geoefend op vereenvoudiging van vormen. Het lijkt me leuk om te kijken wat het effect gaat zijn als ik de drie kleuren vervang door witruimte en een tweetal arceringen. Eén arcering horizontaal, de ander horizontaal en diagonaal over elkaar. Op deze manier ontstaan er twee donkerte gradaties. De arceringen met een liniaal gezet. Ik teken nu niet in omtreklijnen maar in vlakken. Vergeten om de afbeelding op voorhand te spiegelen, jammer.  Twee afdrukken gemaakt. Beide goed gelukt, de tweede afgeslagen in richting die haaks staat op de arceringen, zodat ik niet de inkt uit de groeven wrijf. Dat maakt het een betere afdruk. Droge Naald 8, De Waagtoren. Omdat droge naald je de mogelijkheid geeft om met hele fijne lijntjes te werken -eigenlijk kan je niet anders dan met hele fijne lijntjes werken- leek het me leuk om een stadsgezichtje van Alkmaar te doen op een relatief klein plaatje. Om het heel herkenbaar te houden voor de Waagtoren gekozen en het blikveld vanaf het Luttik-Oudorp. Twee afdrukken gemaakt, één ervan met een heel klein beetje kleur.     Droge Naald 9, Jack Nicholson Droge naald leent zich ook prima voor het maken van portretten. Denk bijvoorbeeld aan de zelfportretten van Rembrandt. Het leek me leuk om een markante kop neer te zetten en heb daarom gekozen voor Jack Nicholson. Bij het tekenen deze keer niet vergeten om van tevoren de foto te spiegelen. Het gezicht is veel herkenbaarder dan het spiegelbeeld op de ets-plaat. Wat mij betreft zijn dit de meest geslaagde afdrukken van het droge naald project. Blij mee!    Wat ik heb ontdekt /geleerd Lastig is het niet kunnen uitproberen hoe het er op enig moment uitziet. De optimale methode lijkt voor mij 0,7 mm transparante pvc-folie en geen kraspen maar een etsnaald. Vloeiend gebogen lijnen zijn lastig te maken. Het spiegelen van een afbeelding heeft een enorme impact op de compositie. Zo spreekt bijvoorbeeld bij droge naald 7 -rechtlijnigheid- de compositie van het niet-gespiegelde origineel me veel meer aan dan de gespiegelde afdruk.

  • Landschappen

    Vandaag les 27, buiten spelen. Gewoon e en leuke plek uitzoeken en zonder plan gaan schetsen. Langs het water van het Noord-Hollands kanaal een prima plekje gevonden en wat gaan zitten krijten. Het was heerlijk weer, ik heb me prima vermaakt, ontspannen genoten van de omgeving. Het resultaat qua werk vind ik niet bijzonder, maar op zo’n mooie dag maakt dat niet zoveel uit.   Aanpak Eén schets gemaakt van het uitzicht naar de overkant van het kanaal met Carré pastel krijt. Was leuk om wat uit te proberen met reflectie in water. De tweede tekening was een experiment met acryl-stiften. Ze tekenen heel fijn, maar als je niet oplet dan kunnen ze behoorlijk lekken en dus vlekken.

  • Acryl en epoxy

    Idee Bart, onze zoon, zou het heel erg leuk vinden om een werk van zijn vader in zijn woonkamer te hangen. Toen ik hem vroeg wat dat voor werk zou moeten zijn bleek dat een coureur ook altijd coureur blijft. Hij wilde graag een Porsche 917, in de Gulf livery (lichtblauw en oranje), met heel veel wit en in een beetje “pop-artsy” stijl. Omdat Bart zijn woonkamer -op de plaats waar het werk moet komen te hangen- nogal hoog is (+/- 3,5 meter) leek het me een goed idee om het werk ook best groot te maken. Tijdens zijn race carrière heeft Bart met startnummer 19 gereden, dus leek het me een leuk idee om de Porsche met hetzelfde startnummer te laten rijden. Ook wil ik proberen om de coureur een beetje op Bart te laten lijken. Tot slot wil ik het werk op een paneel schilderen, waarbij het schilderwerk doorloop op de zijkant van het paneel. Natuurlijk eerst een mooie foto van deze klassieke sportwagen opgezocht.   Aanpak Ondergrond Voor het paneel eerst een frame gemaakt van 1 m x 50cm. Op de voorkant en de zijkant van het frame 3mm dik werkkarton geplakt. Daarna de naden tussen de kartondelen met MDF-plamuur dichtgesmeerd en geschuurd. De voor- en zijkanten van het paneel in de gesso gezet. Gesso op karton van deze oppervlakte -een halve m2- resulteerde helaas in veel bobbels. Ik moet iets anders bedenken, misschien MDF? Na twee dagen zijn alle bobbels weggetrokken. Voor de versterking twee ribben in het frame aangebracht. Nog twee lagen gesso aangebracht en geschuurd. Ik wil het oppervlak spiegelglad hebben, dus boven op de Gesso nog tweemaal een laag Liquitex aangebracht met een kunststof plamuurmes en afgestreken met een behanglineaal. Grondering van Molotow met de spuitbus aangebracht. Totaal 3 lagen, 2x dun, 3e keer dikker. Aanpak Spuitwerk Molotow Signal white over het hele oppervlak gespoten. Ook drie lagen. Vormvereenvoudiging toegepast en de grote vlakken op Frisk film getekend. De film aangebracht op het paneel. De bovenkant en onderkant in kraftpapier ingepakt. Eerst de grijze delen uitgesneden en met de spuitbus gespoten. Aan de onderkant een gradient naar wit as weergave van het asfalt. Toen het goed droog was de uitgesneden frisk teruggezet. Met een roller aangedrukt en de naden met tape afgesloten. Toen lichtblauw uitgesneden en met de spuitbus gespoten. Zelfde procedure, goed laten drogen, daarna de Frisk weer aangebracht. Vervolgens hetzelfde met zwart en tenslotte met oranje. Na droging alle film, tape en kraftpapier verwijderd. Aanpak Schilderwerk De details gaan inschilderen met acrylverf. Veel lagen met steeds meer details. Deze aanpak lijkt op de werkwijze bij les 16, de claire-obscur opdracht. Een matte lak over het schilderwerk aangebracht, om het schilderwerk goed te sealen. Dit als voorbereiding op de epoxylaag.   Afwerking Eerste laag epoxy heel dun aangebracht met een roller. De volgende twee lagen epoxy gegoten. Dit leverde een spiegelgladde en glimmende toplaag op, die ik heel goed bij de racewereld vind passen. Omdat het werk een ereplaats in de woonkamer van Bart krijgt heb ik om het paneel een witte baklijst gemaakt. Wat heb ik geleerd en ontdekt? De aanpak met het aanbrengen van vereenvoudigde vormen met maskers en spuitbussen vind ik een fijne techniek. Geduld is een schone zaak, fijn dat het paneel na twee dagen toch nog mooi vlak getrokken was. Liquitex is duur, maar levert wel een hele fijne supergladde ondergrond op.

  • Eerstejaarstoets deel 2

    Ideeën In het begin van de opleiding gaven de opdrachten alle ruimte voor een eigen interpretatie, inbreng en originaliteit. Bij de laatste paar opdrachten leek die ruimte al steeds beperkter, maar deze opdrachten slaan werkelijk alles. Een lijst waarop “vereisten” afgevinkt moeten worden. Ik vind de titel van de opdrachten wel heel inspirerend, stadsgevoel en stadsgewoel roepen een hoop gedachten op. Ik ben met opdracht 2 begonnen omdat ik daar het eerste idee bij kreeg.   Opdracht 2 Mijn eerste associatie bij opdracht 2 was een collage die ik gemaakt heb toen ik ongeveer 15 jaar oud was. De opdracht tijdens de tekenles op de middelbare school was om beweging weer te geven. Ik was destijds een fervent skateboarder, dus het centrale onderwerp lag voor de hand. Op de achtergrond had ik een Manhattan-achtige skyline gemaakt. New York, waar alles aan de oppervlakte shiny en plastic fantastic is… daarmee had ik gelijk een titel voor dit werk: Plastic Manhattan. Om dat te benadrukken ga ik dit werk uiteindelijk ook met een laag glanzende epoxy afwerken, net als de Porsche 917.    Aanpak eerste versie Een stuk werkkarton inde Gesso gezet en daarna met geknipte gebouwen gaan componeren. Met hetgeen ik over compositie heb geleerd leek het me een goed idee om een gebouw uit het beeld te laten lopen, zodat er interessante restvormen zouden ontstaan. Eerst de lucht en de waterpartij opgezet met acrylverf met veel medium en flow improver. Daarover de verschillende lagen van de skyline met papieren sjablonen aangebracht. De hoofdkleuren die ik heb gebruikt waren vooral blauw/groen en grijs, met rode, gele en witte accenten. Toen de verf goed droog was heb ik epoxy aangebracht in een aluminium omlijsting,  Uiteindelijk toch niet blij met de compositie en het kleurpalet van deze versie, het effect van restvormen door de uitloper van het gebouw aan de bovenkant geeft een heel onevenwichtig incompleet en onaf effect. Ook zit de horizon te hoog, waardoor het deel water buiten proportie lijkt. Alsof ik ruimte te kort had, of op de verkeerde plaats van het karton ben begonnen. Het was een prima oefening, het was ook leuk om te maken, maar ik ben hier zeker nog niet tevreden/klaar mee. Opdracht 2, poging 2 Nadat ik veel heb gekeken naar poging 1, heb ik ideeën over wat ik in de volgende versie anders wil doen. Ik wil het formaat graag vierkant maken, als contrast met standaard “landscape”. Het kleurpalet kan veel spannender, avondrood! Bij foto’s op canvas loopt de afbeelding altijd door op de zijkant van het canvas. Dat lijkt me voor dit werk ook een leuk effect, dus moet ik een paneel maken. Geen uitlopers meer buiten het paneel, het weergeven van alle spitsen en de reflecties daarvan brengt evenwicht in de compositie. Aanpak tweede versie Frame gemaakt uit vurenhouten latten Karton op voor- en zijkanten geplakt Eerste laag gesso aangebracht Geplamuurd met MDF-plamuur Het paneel geschuurd Nog drie lagen gesso aangebracht, tussentijds licht geschuurd. Daarop twee lagen titaniumwit acrylverf Eerste laag van de avondrood lucht geschilderd.  Acrylverf met veel (matt) medium en flow improver. Daarmee twee lagen nat in nat met spalter opgezet. Door hetzelfde proces de volgende dag nog een keer te herhalen ontstond er veel diepte in de lucht. Aan de rand van de lucht met meer dekkende en donkerdere tinten gewerkt. Achterste laag van de skyline geschilderd, met behulp van een sjabloon van frisk film. Daarna de tweede laag en de derde laag van de skyline, ook met behulp van een sjabloon opgezet.  Water geschilderd, net als de lucht 2x afzonderlijke nat in nat lagen aangebracht om de diepte en reflectie goed weer te geven. De overgang tussen de skyline en het water gemaakt door “rimpelingen” in het water te schilderen in verschillende kleuren met behulp van stukjes papier met een rechte kant. Daarna met een droge spalter wat diffuser gemaakt. Blauwe glacis over het water, oranje glacis over de skyline en een roze glacis over de lucht gezet. Meer acrylverf lagen op de gebouwen aangebracht om het contrast tussen de drie lagen van bebouwing te versterken. Meer details in de gebouwen aangebracht met een sleper. Ook de details in de waterpartij wat fijner aangezet, zoals de reflecties onder de brug. Matte lak van Molotow over het schilderwerk gezet (2x dunne laag, derde keer wat dikker) om het werk te sealen dus te voorkomen dat de epoxy later het werk aantast. Bak gemaakt om epoxy te gieten. Eerst dunne lagen epoxy met de kwast en roller om het geschilderde karton goed te sealen. Daarna nog twee dikkere lagen epoxy gegoten voor het “hoogglans-plastic-fantastic” effect. Lijst gemaakt en het paneel in de lijst bevestigd. Wat heb ik geleerd en ontdekt? Compositie blijft een lastig fenomeen. Ook bij de tweede versie ben ik -achteraf- toch nog niet helemaal blij met de compositie. Ik denk dat de horizon wat lager plaatsen (de gulden snede?) meer balans in het werk zou hebben gebracht. Ik dacht juist dat de skyline en de reflectie daarvan als twee helften een evenwichtige compositie zou opleveren. Dus toch nog niet!     Feedback Nogal een saai werk, met name omdat alle gebrouwen op de verschillende lagen dezelfde behandeling hebben gehad. De epoxy neemt de toegankelijkheid van het werk weg en maakt het kunstmatig. In kleur heb je wel expressionisme toegepast, in vormgeving is het een “gewoon” een realistisch figuratief landschap.

  • Repliceren, deel 1

    Toen ik met dochter Kim en schoonzoon Jeroen het Amsterdams Stedelijk Museum bezocht vertelde Kim me dat ze de realistische stillevens van Lucie van Dam van Isselt heel erg mooi vindt. In het Stedelijk hing de Omelet, een olieverfschilderij uit ongeveer 1935 …en Kim en Jeroen hadden in hun keuken een plekje vrijgehouden voor een schilderij van (schoon)paps… Aanpak Tegelijkertijd met het frame voor de het werk met de Porsche 917 had ik ook een frame gemaakt voor dit werk. Op het frame 3mm werkkarton geplakt met dubbelzijdig tape en houtlijm Drie lagen Gesso aangebracht en geschuurd Twee lagen Liquitex aangebracht met kunststof plamuurmes en afgestreken met een behanglineaal. Tegels geschilderd, zonder detail van voegen. Dit zijn inmiddels heel veel lagen, waarvan een aantal glacis om alle kleuren van de tegels te treffen. In een eerste oogopslag lijkt de tegelwand opgezet in een nogal effen en saai kleurpalet. Als je het werk beter bekijkt dan zie dat er ontzettend veel kleuren in zijn verwerkt.  Aanrechtblad geschilderd, basis voor schaduwen aangebracht. Eerste laag van het schaaltje en twee hele eieren Eerste laag van brander, pan en eierschalen. Het vervolg vind je hier .

  • Slimme uitsneden

    Opdracht les 29 Zoek een onbetekenend onderwerp, kijk met oog voor het onbenullige. Maak hier een werk van waarbij je door compositie en een slimme uitsnede van een onooglijk onderwerp een belangrijk ding maakt. Het materiaal is een vel van 50x65cm, eerst tekenen met houtskool en eventueel met Siberisch krijt. Daarna een washing van acrylverf waarbij je je moet beperken tot okers, wit en zwart.   Idee Ik ben op zoek gegaan naar een voorwerp dat voor iedereen vanzelfsprekend is, maar als je zou vragen om er een schets van te maken er slechts een enkeling daar zonder voorbeeld toe in staat is. Nadat ik al veel dingen had bedacht -en weer verworpen- kwam ik op zolder een lijmklem tegen.  Functioneel een heel vanzelfsprekend ding, wordt door menigeen veel en vaak gebruikt, terwijl vrijwel niemand weet hoe zo’n stukje gereedschap er eigenlijk precies uitziet. Ook een leuk onderwerp vanwege de complexiteit van de schroefdraad, en de verschillende stofuitdrukkingen van staal, het gietijzer en het houten handvat. Vanwege het oker palet ga ik proberen om er een verweerde, wat geroeste klem van te maken. Aanpak Tijdens de vorige les was me duidelijk geworden dat een diagonale compositie de dynamiek van een werk positief kan beïnvloeden, dus een paar fotootjes gemaakt van de lijmklem onder een schuine hoek. Op basis van de foto’s met houtskool gaan schetsen Tussentijds regelmatig gefixeerd Laag over laag steeds minder vlakken en meer details aangebracht Met wit conté krijt de hooglichten wat versterkt Met zwart houtskool potlood de donkere delen wat donkerder gemaakt Met Siberisch krijt geprobeerd om de zwarten nog zwarter te maken. Papier is al zo verzadigd dat het niet lekker meer pakt, is ook eigenlijk niet nodig. Watergedragen matte clearcoat aangebracht om de houtskool tekening te beschermen tegen de acryl wash. Zo kan ik de houtskool gebruiken als stabiele onderschildering zonder dat het een smeerboel wordt Met oker, omber en sienna, vermengd met glaceer medium, roest en metaaltinten gemaakt. Eerst voorzichtig, later wat vrijpostiger, meer kleur, meer roest… Perspectief niet helemaal oké, schroefdraad te recht, had meer taps toe moeten lopen, zeker in verhouding met het handvat Besloten om tijdens de les verder te gaan, nu aan de slag met ander werk onder handen. In de les toegelicht wat ik tot zover had gedaan, en wat ik van plan was om te gaan doen. Bastiaan gaf me twee adviezen: De stalen onderdelen kunnen wat meer wit hebben, dat maakt ze nog metaalachtiger. Vooral niet met maskers gaan werken. De randen en overgangen worden heel onnatuurlijk bij het gebruik van maskers. Eigenwijs… toch wel gedaan. Aan de slag tijdens de les. Ontzettend leuk als tijdens de les iedereen mooie dingen aan het maken is. Lijmklem achter een masker van Frisk veiliggesteld. Lijnenspel met 3mm tape in omgekeerd perspectief, de lijnen doen aan als een soort meridianen en geeft de lijmklem een soort eigen universum. Hoe belangrijk kan je -als onbetekenend voorwerp- zijn of worden? Eerst met een vrij harde oker (ocre en cadmium mid hue met veel glacis medium) grove streken met een blokwitter vanuit de (afgedekte) lijmklem naar buiten gezet. Frisk film op de lijmklem laten zitten, de rest verwijderd. Passé-partout aangebracht, 1 cm ruimer dan het eerste afgeplakte kader. Nu een lichtere oker gemengd met dezelfde verven en medium als de donkere variant, maar nu met veel zinkwit een stuk lichter gemaakt. Weer met een blokwitter vanuit het afgeplakte deel van de klem naar buiten gesmeerd, ook over het passé-partout. De tape en de film verwijderd. De lijmklem met transparante glacis medium opgewerkt. Door de acrylverf en het glacis medium zijn de schaduwvlakken van de houtskooltekening behoorlijk verbleekt. Ik vroeg me af of het een goed idee was om die vlakken met houtskool op te werken. Liza vindt het zo mooier. Toch aan de rechterkant de oker donkerder gemaakt met houtskool, aan de linkerkant lichter met wit Conté krijt. In lijn met het advies van Bastiaan de stalen onderdelen opgewerkt met meer contrast wit en zwart. De randen waar de maskers gezeten hebben op sommige plaatsen een beetje verzacht met houtskool potlood en een doezelaar. Het passé-partout met houtskool en wit krijt opgewerkt. De glansgraden op verschillende plekken verschilt nogal. Niet zo fraai… daarom het hele werk met matte clearcoat geëgaliseerd. Nabewerking van het passé-partout met houtskool en krijt maakt dat er veel aandacht naar de rand, en dus niet naar de lijmklem gaat. Wilde toch sowieso al eens kijken hoe het werkt met een dubbel passé-partout, dus de wilde rand wat ingetoomd door er een extra witte rand op te zetten. Wat heb ik ontdekt en geleerd? Houtskool vormt een snel en mooi medium voor een onderschildering. Om een werk met verschillende glansgraden te matteren werkt Molotow One-4-All Clearcoat Matt perfect. De achtergrond van dit werk was een leuk experiment, maar het moment waarop het werk mij het meeste aansprak was toen ik alleen acrylverf op de klem had aangebracht en de achtergrond nog uit wit en houtskool-schaduw bestond.

  • Symboliek, belichting en schaduw

    Les niet kunnen bijwonen, maar door de fotoreportage van Margit en de toelichting van Bastiaan in de Whatsapp groep toch best een beeld gekregen.   Opdracht les 30 Maak een schilderij van een doodgewoon object dat je in een magisch licht zet door gebruik te maken van een bijzondere aanlichting, licht en schaduw. Soms lopen eigen schaduw van een voorwerp en slagschaduw in elkaar over waardoor er nieuwe vormen ontstaan. Dat mag je met behulp van bijvoorbeeld stilering gaan benadrukken. Kijk bijvoorbeeld hoe Léon Spilliaert omgaat met schaduwen in zijn werk. Let goed op hoe lichte en donkere vlakken werken in je compositie. Je schilderij werk je uit in acryl, waarbij je start met een donkere ondergrond.  Een combinatie van materialen is mogelijk, denk aan acryl, (pastel)krijt, Oost-Indische inkt etc. Zorg ervoor dat het gewone voorwerp getransformeerd wordt tot iets bijzonders, misschien zelfs symbolisch Idee Eerst dacht ik aan een fles, bijvoorbeeld een plastic waterfles met veel ribbels. Dat leek me mooi en interessant met reflecties en transparantie. Toch, toen ik een beeld begon te vormen werd dat min of meer een standaard stilleven, er sprak wat mij betreft geen symboliek uit het werk. De volgende optie was een stoel, en daar kwam wel een mooi beeld bij. Een lege stoel, in een verder lege ruimte met magisch licht… in een ruimte zonder ramen, alleen lichtval door een deur die (blijkbaar) openstaat maar niet in het beeld gevangen is. Het geeft voor mij iets weer van leegte, eenzaamheid, verlies, er alleen voor staan… een behoorlijke lading symboliek dus. Moet natuurlijk aan mijn moeder denken. Foto gemaakt, stoel met schaduw op de muur. Aanpak Karton in witte gesso gezet. Daarna een laag Liquitex, afgestreken met een behang liniaal. Donker paars -richting zwart- gemengd met gebrande omber, ultramarijn en karmijnrood In een paar lagen -met droogtijd- de achtergrond opgezet. De gesso te kort laten drogen. Bij steviger kwasten komen er rolletjes Liquitex los, jammer! Ook hier geldt weer, geduld is een schone zaak!    Donker en licht verschillen en overgangen gemaakt door in verschillende mate tiraniumwit en een matte medium toe te voegen. Bij de eerste laag flow improver gebruikt om fijn te kunnen smeren. Begonnen met de schaduw van de stoel op de muur. Het leek me een goed idee om in plaats van de scherpe schaduw van mijn foto een diffuse schaduw te maken. De gedachte is dat daarmee de meeste aandacht gaat naar het object stoel en niet naar de slagschaduw van de stoel op de muur. Eerst een nieuw voorraadje paarsblauwzwart gemaakt. Daarna deze basiskleur in verschillende maten van onverzadigdheid, dus in verschillende tinten, gebruikt voor de donkere en lichte kanten van de onderdelen van de stoel. Stoel voor de tweede keer geschilderd, het begint op een onderschildering te lijken, maar voor dit werk vind ik het wel een hele mooie kleur. Twijfel over de kleur van de glacis, blauw of oker? Laten drogen, en met een klein penseel details gaan aanbrengen. Goed laten drogen, de volgende dag een glacis gemaakt van kobaltblauw, glacis medium, matte medium en flow improver. Met een brede spalter een paar lagen in verschillende richtingen opgezet, laatste laag in vormbepalende richting. De vloer diagonaal, van linksonder naar rechtsboven. De achter- en zijwand verticaal.   Toch is met het aanbrengen van het glacis een deel van de details in het houtwerk van de stoel verdwenen. Opnieuw aangebracht.   Wat heb ik ontdekt en geleerd? Een diffuse schaduw maken blijkt erg lastig, veel lagen, elke keer (nog niet tevreden. Na nog meer zinkwit gebruikt te hebben toch wel blij mee. Denk dat het nog beter wordt als er een glacis overheen zit. Ik ben aan nieuwe spalters toe, deze beginnen wel ernstig te verharen. Tellen blijft moeilijk, de stoel heeft drie spijlen, de schaduw vier!   Feedback Een andere uitsnede had het spannender gemaakt, en de nadruk op de schaduw in plaats van de stoel gelegd. Prachtig geschilderd Een loopje met de werkelijkheid nemen is een privilege van de schilder, een extra spijl in de schaduw is eigenlijk alleen maar leuk!

© 2026 by Theo. 

bottom of page