top of page

ZOEKEN

76 resultaten gevonden met een lege zoekopdracht

  • Aanzet tot een landschap

    Tijdens de les Op dinsdag mijn eerste academisch atelier meegemaakt. Ik moet enorm wennen. Toen ik maandagavond de docent appte met de vraag wat ik mee moest nemen, was het antwoord “Wat jij wilt, Theo!”. Natuurlijk ook een nieuwe groep. “Onze” groep was de afgelopen twee jaar heel vertrouwd geworden. Mijn nieuwe groep is een groep van acht, waarvan de meeste al een aantal jaar academisch atelier doen. Zeven nieuwe namen, zeven nieuwe gezichten, zeven nieuwe verhalen is dan voor mij best even wennen. Na de introductie ging iedereen ook gelijk zijn eigen ding doen. Ik had nog geen vastomlijnd plan, anders dan dat ik iets met verandering en een landschap wilde gaan doen. Bij het inpakken van wat spulletjes vanmorgen had zich dat vertaald in een stuk werkkarton waar ik al een Molotow primer op had gezet, een paar pasta’s die ik nog over had van ‘ Harley Q. ’ en een setje paletmessen. Daarmee heb ik gepoogd om een reliëf van texturen te creëren die de basis moet gaan vormen voor een skyline. Het bleek nogal een uitdaging voor mij, dat knoeien met paletmessen. De volgende dag even naar Crejat gewandeld om er alvast een laag gesso op te smeren, zodat ik er volgende week mee verder kan. Ik merk dat ik het interpreteren van expliciete opdrachten mis, en ik denk toch ook mijn oude klasgenootjes… Ik ben duidelijk nog niet “geland”. Week 38 Bastiaan suggereerde dat hetgeen ik met dit werk probeer te doen is een beeld neer te zetten van het conflict tussen een achtergrond die is ontstaan uit toeval, en daarover een voorgrond die -door rechtlijnigheid en rasters een systeem representeert. Dat conflict brengt de spanning in het werk, het moet “schuren”. Gedurende de les met een beperkt aantal kleuren acryl geprobeerd om de “toevallige” achtergrond te creëren. De kleuren die ik heb gebruikt:   Titaniumwit Warm grijs Turkooisgroen Ivoorzwart Ondertussen bleef het idee van het conflict tussen willekeurig toeval en systematiek door mijn hoofd spoken. Ik denk dat ik de weergave van het conflict aanzienlijk kan versterken door toeval en systeem ook in het reliëf en de textuur aan te brengen. De combinatie van willekeurig opengewerkt golfkarton, waarbij de richting van de rillen horizontaal of verticaal is, aangevuld met verschillende pasta’s lijkt me een mooie basis.   Aanpak Twee nieuwe werkkartonnen gesneden Voorzien van een laag gesso Golfkarton -met twee verschillende rilbreedtes- gescheurd en opengewerkt, en daarmee gaan componeren. De stukken karton met boekbinderslijm op het werkkarton geplakt, daarna ook de bovenkant met lijm ingesmeerd voor de stevigte. Met modeleerpasta en puimsteenpasta het golfkarton ingebed. Aan de bovenkant een laag craquelé pasta gesmeerd op beide platen. Golfkarton en pasta’s met gesso bedekt. Craquelé pasta niet, die wil ik graag met waterdunne verf of inkt gaat behandelen, om te voorkomen dat de fraaie craquelé textuur weg geschilderd wordt. De luchtpartij eerst aangezet in blue warmgrey acrylinkt die ik sterk had verdund met flow improver. Een aantal lagen over elkaar gezet, waarbij de verdunde inkt in de groefjes van het craquelé liep. Mooi effect! De eerste laag schilderwerk met verschillende kleuren acrylinkt uitgevoerd, waarbij het linker paneel veel donkere tinten (grijs, paars, rood, zwart) bevat, en het rechterpaneel vooral veel lichte (wit lichtblauw vanille geel en groen).  Het aanbrengen heb ik gedaan met natuur- en schuursponzen, met keukenrol en een freestyle paddle. Om de rechtlijnigheid en systematiek in het schilderwerk van de voorgrond uit te werken heb ik gekozen voor het afplakken van grids van rechthoekjes. Aan de linkerkant verticale oriëntatie, reaching for the skies… terwijl de rechterkant een horizontale oriëntatie heeft, down-to-earth, landscape. Na het afplakken gradients met spuitbussen aangebracht. Aan de linkerkant paars-donkerrood-karmijnrood-oranje. Rechts wit-lichtblauw-vanille-geel-groen. De rigide lijnen weer deels weggeschuurd zodat het grid hier en daar vervaagt, vooral richting het midden. Aan de linkerkant losjes industrie silhouetten gaan inschilderen, in donkere kleuren, wel transparant. Het zou een sfeer van TATA steel, Hoogoven torens, schoorstenen en rook moeten oproepen.   En verder… Het werk voelt nog helemaal niet eigen en roept bij mij nogal wat vragen op. Wil ik aan de rechterkant ook meer details? De balans lijkt eigenlijk wel oké zo. Is het eigenlijk wel een tweeluik…? Volstaat het linker paneel, is dat eigenlijk niet genoeg?   Voor nu maar even laten rusten.

  • Academisch Atelier

    Derde (of vierde…) lesjaar? In april 2025 had ik me opgegeven voor het derde lesjaar ‘Kunst en Vormgeving’ op de dinsdagochtend en zou dus dit jaar ondergedompeld worden in Realisme, Surrealisme, Expressionisme en Constructivisme… Het jaar zou volgens hetzelfde stramien als afgelopen jaar gaan verlopen; Elke week een opdracht, in verschillende materialen en al doende kennismaken met verschillende stromingen.    Eind augustus, twee weken voordat het studiejaar weer zou beginnen, kreeg ik te horen cursus waar ik me voor opgegeven had door te weinig animo geen doorgang zou vinden. Het alternatief was op een andere dag, maar dat levert voor mij logistiej nogal wat problemen op. Crejat heeft mij als alternatief deelname aan het Academisch atelier aangeboden, en dat heb ik maar aangenomen. Ik sla dus een klasje over. Ik voel er (nog?) geen enthousiasme over. Ik vond het fijn en leuk om elke week na te denken over -en op een eigen(wijze) manier invulling te geven aan- de wekelijkse opdrachten. Ook was het leerzaam om te zien hoe andere heel getalenteerde medestudenten met dezelfde opdracht omgaan. Het wekelijkse bezoekje aan het museum voor schone kunsten is dus komen te vervallen.   Toch huiswerk De eerste opdracht is nadenken over het thema waar ik dit jaar mee aan de slag wil. Best lastig… maar ik heb wel wat ideeën. Wat me direct door het hoofd schoot was dat het thema voor het eindexamen vorig jaar alle ruimte bood voor interpretatie. Dus ik wil ook nu vooral een thema wat me veel ruimte geeft, en dus heel breed is en blijft. Zo kwam ik uit op de volgende kernwoorden voor het thema van mijn eerste academische atelier jaar. Verandering Transformatie Metamorfose Ontwikkeling Groei Opbloeien Aftakeling Dit lijkt me een prima start, breed genoeg om er vele kanten mee op te kunnen. In de volgende paragrafen wat ideeën over invulling van het thema in verschillende contexten.   Landschap, uitzichten of vergezichten op vroeger, nu en de toekomst Huis waar ik opgroeide, van uitzicht tot de einder naar ontelbare doorzonwoningen. Hoogovens, van ongerept kustgebied naar industrie naar… ja wat eigenlijk?   Dieren, metamorfoses in de natuur Rups naar Vlinders Vis naar Kikkers   Mensen, leeftijd Jong naar oud(er), zoals baby naar kind, naar puber, naar volwassenheid, naar bejaard, naar dood. Zoiets al een keer gedaan met een agamograaf, zie Wilhelmina +/- 50 jaar .   Mensen, gender Man naar vrouw en v.v. Geschiedenis, arbeid Ambachtsman naar robots en AI   Mindset Rust naar focus Rust naar inspanning Vreugde naar verdriet Vreugde naar boosheid Qua uitvoering en materiaal biedt dit thema een heel scala. aan mogelijkheden, denk daarbij aan meerluiken, series, agamografen etc... maar ook M.C. Escher is een prima inspiratiebron voor metamorfoses.

  • Agamografie II

    Het TV-programma Het geheim van de Meester organiseerde in mei en juni een wedstrijd waarbij je moest laten inspireren door één van de volgende werken: Amandelbloesem van Vincent van Gogh Stilleven met kan, glas, kruik en breidel van Johannes Torrentius Familieportret Baag van Armand Baag Portret van Prinses Wilhelmina van Thérèse Schwartze Vervolgens was het de bedoeling om een eigen versie van een van deze werken te maken. Het mocht in elke kunst- en stijlvorm. Ik heb gekozen voor het portret van Prinses Wilhelmina van Thérèse Schwartze. Omdat ik -kort hiervoor- door mijn gezin was meegenomen naar een graffiti workshop was mijn idee om gebruik te maken van de verf waarmee graffiti artiesten werken. Hetgeen me daar vooral in aansprak is dat het hele heldere, maar toch matte kleuren zijn. Op de website van Molotow vond ik alle spuitbussen die ik nodig had, en meer. Dezelfde verf die in de spuitbussen geleverd wordt kun je ook in stiften bestellen. Zo ontstond het idee om vormvereenvoudiging toe te passen op de eerste laag, door het maken van sjablonen/maskers en daarna de details aanbrengen door over de eerste laag te stippelen met stift. (Pointilisme) Om in graffiti stijl te blijven wil ik het aantal kleuren beperken, en geen natuurgetrouwe realistische kleuren gebruiken. Uit het assortiment van Molotow vijf kleuren gekozen: Geel, oranje, blauw, paars en zwart. In dezelfde kleuren twin-stiften besteld, met aan de ene kant een 1,5 mm tip en aan de andere kant een 4mm tip. Daarnaast wilde ik graag mijn invulling van de huiswerk opdracht van les 25 in dit werk toepassen en er dus een amalgograaf van maken. De ene afbeelding zou koningin Wilhelmina op 8-jarige leeftijd zijn, als tweede afbeelding vond ik een werk van Willem Hofker. Ook dit is een afbeelding van koningin Wilhelmina, maar hier moet ze ongeveer 58 jaar oud zijn.  Titel: Wilhelmina plus of min een halve eeuw.   Aanpak Twee stukken acrylpapier opgezet (Hahnemuhle acrylpapier, 360 gram 50x65 cm) Beide beplakt met frisk film, en de vereenvoudigde afbeeldingen op de film getekend, en daarna gesneden zodat ik de maskers kan verwijderen en weer kan aanbrengen. Eén voor één de kleuren gespoten, van de lichtste kleur (geel) naar de donkerste (zwart). Drie lagen per kleur aangebracht, gebruik makend van de maskers per kleur. Op de ontstane basisvormen met de stiften gaan stippelen om de details aan te brengen. Monnikenwerk, maar wel heel tof om de gezichten beetje bij beetje tevoorschijn te zien komen!  Om er een lenticulaire afbeelding (ook wel agamograaf genoemd) van te maken heb ik dezelfde aanpak als in de huiswerkopdracht van les 25. Om de afwerking wat netter te maken heb ik de kopse kanten van de driehoekige latten afgewerkt met dezelfde blauwe verf als in de afbeeldingen is gebruikt. Ik heb hierbij voor blauw gekozen omdat dit de middelste kleur van de vijf is. De witte zijkanten van het papier van de opgeplakte “schilderij-lamellen” heb ik met de stiften bijgewerkt zodat er geen witte lijn meer is op de overgangen tussen de jonge en oude Wilhelmina. Het hele paneel met een matte lak afgewerkt om de heldere kleuren te beschermen tegen UV. Omdat het een inzending voor een wedstrijd betrof heb ik voor het werk een baklijst gemaakt. Ook de baklijst is afgewerkt in dezelfde blauwe kleur Wat heb ik geleerd en ontdekt? Wat een ontzettend leuke techniek is dit. Het werken met zulke mooie kleuren, fijne verf en maskers is een prima manier om vormvereenvoudiging in de praktijk te brengen. Aansluitend bezig zijn met pointillisme met de stiften vraagt heel veel tijd, maar is ontzettend leuk om te doen. Je ziet de details tevoorschijn komen, en je ziet (en voelt…) bij elke stip of ie goed staat en de juiste kleur heeft. Het verschaft heel veel inzicht in licht en schaduw, omdat je dat in je hoofd moet omzetten in één van de vijf kleuren.   De uitslag Mijn inzending heeft de top 10 van de wedstrijd niet gehaald. Het vooraanzicht van mijn werk is dan ook nogal verwarrend en daardoor niet echt fraai… Voor mij dus geen eeuwige roem en geen prominente plek in de expositie in het Vincent van Goghhuis in Zundert. Maar wel heel veel plezier gehad aan het maken hiervan!

  • Schilderen op aluminiumfolie

    Idee Na de expositie had ik even het idee dat ik er wel even klaar mee was. Met tekenen en schilderen bedoel ik… niet direct animo om met iets nieuws te beginnen, het voelde even als een soort van schildersblock. Natuurlijk blijven er wel suggesties van YouTube komen over tekenen en schilderen die ik volgens de Google algoritmes wel leuk zou vinden… Zo ook dit filmpje  van Lydia Broderick over het gebruik van aluminiumfolie voor het maken van achtergrond texturen. Ik vond het een boeiende techniek, en wilde er graag mee aan de slag. Zodoende had ik dus al een aanpak voor de achtergrond met textuur, maar welk onderwerp zou ik op het voorplan zetten? Het antwoord kwam van een voormalig mede student, die gekscherend voorstelde om een dier in zijn omgeving te maken. Ik moest er eerst hard om lachen, omdat we deze opdracht al twee keer tijdens de opleiding hebben gehad, en vooral de tweede keer  zeker niet mijn favoriete techniek en werk is gebleken. Bij nader inzien bleek het toch (alweer) een prima tip. De aluminium folie methode leent zich prima voor een wat duistere onheilspellende achtergrond. Met dat in mijn achterhoofd was de associatie met het recente bezoek aan de expositie ‘Sag mir wo die Blumen sind’ van Anselm Kiefer gauw gemaakt. Het eerste werk wat je daar -in een enigszins duistere zaal- tegenkwam was ‘Nevermore’, een imposant en overrompelend werk geïnspireerd door Edgar Allan Poe’s “The Raven”. Dat is een intens gedicht over verlies, verdriet en waanzin. Ook Alan Parsons heeft zich in 1976 al eens door dit gedicht laten inspireren voor een overweldigend muzieknummer . Ik heb met “The Raven” van Parsons op mijn koptelefoon heel erg lang naar dit meesterwerk van Kiefer gekeken en ik vind de combinatie fenomenaal. Kiefer zien, Parsons horen en Poe voelen, écht heel bijzonder. Toen ik nog wat meer filmpjes van Lydia Broderick had bekeken zag ik ook daar een werk met een kraaiachtige als onderwerp. Dus… voldoende inspirerende redenen om de derde versie van 'een dier in zijn omgeving' een raaf in een onheilspellend bos te laten zijn. Aanpak Ik werd gelijk enthousiast van het plan en ben het direct aan de slag gegaan. Heb een ACP plaat als basis gebruikt. De plaat ingesmeerd met matte gel en er -licht verkreukeld- aluminium folie opgeplakt. Om de kreukels wat steviger te maken ook de bovenkant met matte gel behandeld. Daarna twee lagen gesso aangebracht. Pruisisch blauw en ivoorzwart aan de randen gespalterd met een Liquitex freestyle paddle. Geweldig ding! Met een paletmes ivoorzwart tegen de opstaande randjes van de aluminium textuur gesmeerd. Sterk verdunde Phtalo blauw onregelmatig over het hele werk gespalterd. Delen opnieuw gespalterd met Pruisisch blauw en ivoorzwart. Terwijl het acryl nog nat was met een mengsel van propaan, glucopyranose, oligomers, decyl octyl glycosides, trisodium nitrilotriacetate (beter bekend als HG kookplaatreiniger) over het hele werk gesprayd. Met stukjes natuurspons op willekeurige plekken titaniumwit en phtaloblauw aangebracht. Zinkwit en gebrande Siena aangebracht met een ramentrekker. Met de plantenspuit de verf stevig bevochtigd, verder uitgesmeerd met de ramentrekker. Nogmaals bevochtigd met de plantenspuit en veel verf weggedept met een doek. Het effect was best fraai, maar nog totaal niet onheilspellend. Het is te licht, en daardoor veel lieflijker dan ik hebben wil. Om het geheel een stuk duisterder te maken verder gegaan met acrylinkt. het paneel ondersteboven gedraaid en op mijn schuine tekentafel gezet. Aan de bovenzijde -wat dus uiteindelijk de onderzijde van het werk moet worden- over de hele breedte signaalzwarte-, steengrijze, en een beetje natuurwitte acrylinkt gegoten. Door de schuine hoek van de tekentafel en de dunvloeibaarheid liep de inkt vlot in druipers naar beneden. Om het effect wat dramatischer te maken, de inkt uitgesmeerd met de ramentrekker, en delen transparanter gemaakt door met keukenrol te deppen. Het gieten van inkt nog een keer herhaald, maar nu turquoise als inktkleur toegevoegd. Ook weer met de ramentrekker en keukenrol behandeld. Nu best tevreden met de veel onheilspellender achtergrond. Een nachtje laten drogen, de toevoeging van kookplaatreiniger zorgt ervoor dat de verf en inkt veel langzamer drogen. Het werk weer omgedraaid, zodat de opgedroogde druipers van onder naar boven lopen en in het beeld boomtoppen insinueren. Op de plaats waar ik de uitsnede van de raaf wil gaan schilderen met een rubber behangnadenroller zoveel mogelijk van de textuur uit de aluminium folie weggerold. Op het ontstane -min of meer- vlakke deel de raaf gaan schilderen in acrylverf, eerst in grove streken met onverdund ivoorzwart, pruisisch blauw, titaniumwit, en allerlei mengvormen daarvan. Toen de eerste laag gedroogd was met een kleiner penseel meer details gaan aanbrengen in diezelfde kleuren. Na droging van deze laag ivoorzwart en titaniumwit los van elkaar gemengd met verdikkingsmedium en in de richting van de veren gekwasterd. Het medium zorgt voor een beter zichtbare penseelstreek, en dat leek me voor de veren van de raaf een goed idee. De verwerkingstijd wordt door het gebruik van dit medium wel zeer bekort, voor je het weet heb je een soort stopverf op je palet, in dus ook in de haren van je kwast. Een sterk verdunde glacis van gebrande omber met flow improver gemaakt. Selectief op het verenpak aangebracht, zodat het helderwitte op de juiste plaatsen intact bleef, maar de rest meer één geheel vormt met de achtergrond. Vraag me nog af of ik meer details wil/ga invullen met kleinere penselen? Voor nu even klaar, maar wie weet... wordt het nog wel vervolgd.

  • Stilleven schilderen

    Tijdens de Les In de les werden er groepjes samengesteld die samen een stilleven mochten gaan componeren. Samen met Ruth, Eunice en Judith een opstelling gemaakt. Daarna veel foto’s gemaakt. We hebben de foto’s onderling ook gedeeld. De bedoeling was om een vervreemdend stilleven te maken door bijvoorbeeld een apart standpunt of een ongebruikelijke uitsnede.   Idee Voor de onderstaande foto gekozen omdat het van zichzelf al een beetje vervreemdend beeld is. Doordat in onze stilleven-opstelling de stormlamp schuin achteroverlag ontstaat bij dit camera standpunt al iets geks. Je denkt dat de lamp rechtop staat maar ook lijkt te zweven doordat je een groot deel van de onderkant ziet. Dat effect heb ik geprobeerd te versterken door de fragmenten van theepot -de tuut en het oor- waar de lamp op rustte niet af te beelden. Er zijn dus geen ondersteunende attributen zichtbaar. Daarmee klopt het perspectief van het lampje dan weer niet met die van de fles waardoor de positie van alle onderdelen van het stilleven voor mij onduidelijk wordt. Subtiele diagonaal als achtergrond vervangt de muren en plafond zodat het perspectief en het camera standpunt nog onduidelijker zijn. Hiermee eigenlijk de context verwijderd. Al met al… best een beetje vervreemdend. Aanpak Werkkarton van 3mm in de gesso gezet. Daarna een onderschildering in kleur gemaakt, ruwe opzet, grote kwasten. Daarna onderdeel voor onderdeel, laag voor laag steeds meer details gaan aanbrengen. Van achter naar voor gewerkt, met als uitzondering de lamp. Die heb ik als eerste gedaan omdat ie aan de linkerkant zit -zodat ik mezelf als rechtshandige niet in de weg zou zitten-, omdat ik toen nog dacht dat dat het meest complexe element zou zijn en omdat ik er zin in had. Die zin vertaalde zich naar het aanbrengen van heel veel detail… Roestplek op de lamp lastig! Het glas van de fles iets groener gemaakt dan op de foto. Wordt daarmee voor mij nog net iets meer glas. De vorm van de fles bleek een lastig ding. Vooral de symmetrie wilde in eerste instantie niet zo erg lukken. Randen van de fles zijn daarom niet zo scherp en crisp als ik ze eigenlijk zou willen hebben. Het stukje leer is een crime… het motief van leer is natuurlijk sowieso niet na te maken, maar vlekjes die de indruk van leer wekken willen niet erg lukken.  Natuurspons geprobeerd, tamponneerkwast en stippen zetten met een penseel. Alle pogingen geven niet het gewenste effect. Stug doorgestippeld, en uiteindelijk maar zo gelaten. Twee en derde laag met details van de zalmroze doek geschilderd. Dat zag er best leuk uit, maar paste niet bij het detailniveau van de andere elementen. Sinaasappel kwam eerst niet uit de verf. Nat in half nat, dus de eerder aangebrachte laag liet weer deels los. Niet verder gaan prutsen, maar zoveel mogelijk natte en halfnatte verf verwijderd met een paletmes. Nachtje laten drogen. Herkansing sinaasappel; de basis is een stuk beter nu. Daarna de doek op de voorgrond. Tegen het natuurgetrouw neerzetten van de stofuitdrukking van een slordig gedrapeerde doek zag ik best een beetje op. Blijkt leuk om te doen, soms is een kwaststreek of tint in ene raak. Sinaasappel afgemaakt, pointillisme to the rescue… Sinaasappelhuid over de basis gaan stippelen in veel kleur, van gebrande omber tot wit en elke tint bruin, oranje en geel die daartussen zit. Nog een keer met het stukje leer aan de slag gegaan. Nu met een penseel het leer reliëf vooral in het midden aangebracht. Bijna wit gebruikt. Met een beetje afstand lijkt het nu op leer! Traditioneel stilleven doet mij al snel denken aan olieverf en vernis. Om dat beeld in dit werk terug te laten komen heb ik het geheel gevernist. Daardoor worden de kleuren ook wat helderder. Oriëntatie dingetje Bij het maken van de foto, half liggend op de grond en de telefoon schuin, had de iPhone besloten dat deze foto een landscape oriëntatie had. Ik heb de foto 90 graden tegen de klok in gedraaid. Portrait oriëntatie brengt meer rust en maakt het beeld “normaler”. Ik heb dan ook gedurende het maken alleen maar in portrait oriëntatie gewerkt. Toen het werk klaar was heb ik heb toch nog eens teruggedraaid naar landscape. Het wordt er een behoorlijk meer vervreemdend stilleven van. Dus in het kader van de opdracht is dat misschien beter. Als beeld vind ik de portret oriëntatie nog steeds fijner.   Wat heb ik ontdekt/ geleerd? Zinkwit maakt prachtige overgangen tussen twee tinten Als je denkt dat het niks wordt, gewoon doorgaan, of een droogpauze inlassen. Goed blijven kijken en dan komt er uiteindelijk een resultaat waar je tevreden mee kunt zijn. De aanpak van dit werk had een interessant nadeel.  Ik had natuurlijk eerst een onderschildering in kleur gemaakt, de ruwe opzet met grote kwasten. Daarna onderdeel voor onderdeel meer details gaan aanbrengen. Het eerste element dicteert dus hoever je met de andere elementen moet gaan om een coherent geheel te krijgen. Feedback Onderschildering van de sinaasappel had iets meer oranje moeten zijn voor de perfecte schil. Painstakingly detailed, maar dat werkt hier goed. De diagonaal in de achtergrond is niet nodig, en verplat het beeld zelfs enigszins. Heel mooi geschilderd.

  • Décollage en Grattage

    Opdracht les 40 Maak een werkstuk met behulp van décollage (opplakken en wegscheuren) en grattage (krassen of krabben in een bovenlaag waardoor de onderlaag te zien is). Start met acrylschildering in willekeurig kleurvlekken en plak daar stukken papier overheen. Overschilderen wegscheuren, plakken, overschilderen, wegscheuren. En krassen en krabben in de verschillende lagen. Net zolang tot je in de vlekken en plekken iets van een voorstelling zou kunnen zien. Overschilder overbodige plekken zodat je voorstelling helder wordt. De volgende titels gelden als leidraad: Blikken stuiptrekking Gefriemel op een strandgezicht Vrouwman hobbelt onder de zon   Idee Tijdens de les gekozen voor “Een blikken stuiptrekking”. Een begin maken tijdens de les is altijd een eerste, impulsieve poging waar ik nog niet echt over heb nagedacht. Zo ook deze keer met een poging tot het schilderen van een conservenblik. Het leek volgens Danielle niet op een blik en de mening van een afnemer van je werk moet je natuurlijk niet licht opvatten. Bovendien had ze nog helemaal gelijk ook. Nogmaals gekeken naar Bastiaans bijzondere titels. Ze resoneren niet echt bij mij. Toch maar bij het blik gebleven, maar nu met de gedachte dat een auto ook van blik is! De fijnste auto die ik gereden heb was een zwarte Alfa Giulia. Dus voor mij is de titel deze week geen blikken stuiptrekking maar RG-557-S, het kenteken van die auto.   Aanpak Over het “wat-niet-op-een-conservenblik leek” een laag lichte primer gespoten gevolgd door een laag kiezelgrijs. De brochure van een Alfa Giulia 2017 geprint op 75 grams kopieerpapier en de pagina’s ruwweg op kleur en donker en licht gesorteerd. Ik wil starten met twee collages over elkaar, zodat bij het scheuren de collage eronder zichtbaar wordt. Stukken en stukjes uit de brochure scheuren en plakken met een matte gel. Deze eerste collage dekt het hele karton af en ik maak hier nog geen onderscheid in tinten. Het is dan ook een mengelmoes van donker en licht en verschillende kleuren. Daaroverheen een laag van een mengsel van ivoorzwarte acrylverf, matte medium en flow improver. Voor het aanbrengen een foamrollertje gebruikt. Het maakt een mooi geheel van de collage, als een soort collectie van zwart-wit foto’s. Laten drogen. De brochure nog een keer geprint voor de tweede collage. Met de tweede collage laag wil ik het voor- en het achterplan een beetje vormgeven. Het idee is hoogbouw in de verte en asfalt als voorplan. In deze tweede collage tijdens het plakken al veel gescheurd en delen weggewreven. Deels toen de gel nog nat was, en deels nadat het al gedroogd was. De onderste collage blijft bijna helemaal intact. Deze tweede laag met transparant blauw gerold. Een mengsel van ultramarijn blauw, matte medium en flow improver. Waar het blauw de onderste collage raakt wordt deze vrij donker, misschien wel een beetje te donker. De derde collage is het middenplan, en vormt een soort onderschildering voor de auto. Lichte pagina’s uit de folder gebruikt voor lichtere delen van de auto, zoals de koplamp, de voorruit en de motorkap. Ook hier weer gescheurd en gewreven in natte en droge gel. Wel een stuk behoedzamer om te proberen ruwweg de vorm van de auto te maken. Deze vlakken overgeschilderd en waar nodig qua vorm met verf gecorrigeerd. Ik had nog wat flaconnetjes acryl gemengd met gietmedium staan in de kleuren ultramarijn, licht ultramarijn, wit en oranje. Prima kleuren voor dit deel van het werk. Vervolgens laten drogen Voor het krassen heb ik de Praxis kraspen gebruikt. Ik probeer het op een Claire obscure manier aan te pakken, en vooral te krassen en stukjes weg te scheuren die zorgen dat er een lichtbeeld ontstaat in het nu hoofdzakelijk donkere werk. Bij het krassen komen vaak grotere stukken mee. Eerst baal ik daarvan, maar die losse stukken nodigen wel uit tot verder scheuren en ik merk dat het beeld daar beter van wordt! Na het krassen en scheuren de opengewerkte plekken geschuurd met schuurpapier korrel 120 en 240. Het effect is best goed, maar het totaal vormt nog geen geheel. Een glacis van verdund zwart en verdund ultramarijn blauw aangebracht met een foamrollertje. Het wordt inderdaad meer één geheel, maar het getekende effect van de kraslijnen gaat wel grotendeels verloren. Dus nogmaals gaan krassen, scheuren en schuren. En weer een glacis aangebracht maar nu met Pruisischblauw en veel gerichter, daarbij geprobeerd om de kraslijnen te ontzien. Tot slot met wat onverdund zinkwit en verdunde ivoorzwart de lichtste en donkerste plekken wat opgewerkt. Het geheel op een stuk werkkarton geplakt en een steunlaag gemaakt met een zwarte ecotape rand. Klaar!   Wat heb ik geleerd en ontdekt? Voor het effect wat ik eigenlijk wilde bereiken -het zichtbaar houden van de onderliggende collages- heb ik te veel en onvoldoende verdunde verf gebruikt. Daardoor is heel veel van de collages verloren gegaan. Ik heb mezelf voorgehouden dat je soms onderweg mooie delen van je werk verliest. Een soort kill your darlings, maar dan niet geheel vrijwillig. Door evengoed door te gaan is er een andere versie ontstaan waar ik uiteindelijk best redelijk tevreden mee ben.   Feedback Evenals in de vorige opdracht het toeval niet toegelaten, maar eerst een plan gemaakt en daarmee aan de slag gegaan. Dat ga ik jou nooit af kunnen leren. De bedoeling van de opdracht was om een figuur te laten ontstaan uit het willekeurig scheuren en krassen, en de figuratie dus achteraf te doen. Technisch is het een heel goed werk en ook goed doorgewerkt. Bastiaan deelt mijn observatie over het onderweg verliezen van mooie delen van het werk niet. “Het is geen verlies, het fraaie beeld blijft ergens in je hoofd achter en komt echt nog wel eens terug…”

  • Examenwerk: Aanpak en resultaat

    Dit is het vijfde en laatste deel uit de reeks "Examenwerk". Voor het eerste deel klik hier . Voor het eindexamen van de cursus Tekenen en Schilderen ben ik vanaf januari 2025 tot begin mei bezig geweest met het maken van mijn eindwerkstukken. Mijn ideeen, plannen, keuzes, aanpak en het resultaat zijn beschreven in deze reeks. Aan de slag Na het maken van de plannen, visualiseren, uitproberen en testen is de uitvoering een rigide stappenplan geworden… of toch niet? Kan natuurlijk nooit overal aan gedacht hebben. Dus waren er toch nog een paar verrassingen onderweg… Half februari vijf composiet platen ontvangen van 58x58 centimeter. Ik kan gaan beginnen! De platen zijn heel erg glad, dus als eerste stap goed geschuurd. Daarna de platen geprepareerd met een drietal lagen witte Liquitex gesso.   Schilder en stippelwerk Voor alle werken geldt dat ik per kleurovergang het volgende procedé heb toegepast: Eerste Molotow Acryl kleurlaag op de gesso onderlaag aangebracht met penselen Tweede laag stippelen met 1,5mm kant van de Twinmarker licht over donker Derde laag stippelen met 4mm kant van Twinmarker om de scherpte van de randen van de geschilderde vlakken te maskeren. Vierde laag stippelen met 1,5mm kant van de Twinmarker donker over licht. Vijfde laag stippelen met de Specialtech fineliner zowel naar lichter als naar de donkerdere kant Stap twee, vier en vijf herhalen op plaatsen waar het nog niet oké is. Februari Begonnen met het schilderwerk aan ‘Zuiver’. Het schilderen van mijn moeder doet me, net als bij het maken van het familieportret in les 32, heel veel. Had het idee dat ze over mijn schouder meekeek, en me zo nu en dan een goedkeurend knikje, of een klopje op mijn schouder gaf. Omdat ik twijfelde over de juist kleur donkergrijs had ik twee tinten besteld. Uiteindelijk gekozen voor iets donker steengrijs (260) omdat deze iets meer richting zwart gaat. Daarmee is het contrast met zwart een subtiel beetje minder, en maakt daarmee het hele beeld zachter. Nadat het schilderwerk klaar was begonnen met het stippelwerk. Het zetten van de eerste stippen ging gepaard met het besef dat ik de komende maanden nog heel veel meer stippen en stipjes zou gaan zetten. Het pointillisme deel van de werken is het meest tijdrovend, en vraagt per werk tussen de 60 en 80 uur. Zoals ik ook heb ervaren bij eerdere werken waarbij ik deze techniek heb toegepast zie je het beeld onder je handen groeien, en dat is fantastisch. Tijdens het maken van ‘Zuiver’ het mooiste compliment al gehad: ‘Waardigheid ten top. Niet alleen een plaatje, ik zie een ziel’.   Maart Begonnen met het schilderwerk aan ‘Geluk’. Wat een bijzonder gevoel om je eigen kinderen te portretteren. Omdat ik ze zo goed ken is de gelijkenis voor mij heel belangrijk. De blik, oogopslag, lach en uitstraling wilde ik precies treffen, en dat is naar mijn eigen gevoel goed gelukt. Dat ging echter niet zonder slag of stoot. Tijdens het schilderen van de zwarte inkt, als laatste kleur, ontstaat er een zo groot contrast tussen het natuurwit en de rest van de kleuren dat het heel onnatuurlijk en bijna ziekelijk overkomt. Ze lijken wel als geisha geschminkt. Het beoogde effect lijkt er niet te zijn en wat ik met de kleuren wilde overbrengen zit er dus niet overtuigend in. En waarom…? Ik weet het niet. Misschien is het contrast tussen de twee lichtste kleuren te groot? Dan zou ik het natuurwit kunnen vervangen door een soort vanille pastel. Maar misschien wordt het werk daar wel weer heel vlak van. Of moet ik het blauwgrijs vervangen door een bruintint om de eventuele kilte eruit te halen? Misschien lost het zich vanzelf op als ik ga stippelen? Dat dempt contrasten behoorlijk en brengt de kleuren dichter bij elkaar. Maar... als ik een andere kleur wil gaan gebruiken moet ik dat wel doen vóórdat ik begin met stippelen. Om raad gevraagd aan mijn artistiek coach, en kreeg het volgende advies: ‘Maak eerst de volgende van de reeks. En oordeel dan. Het totaalbeeld.’ Dus niet met stippelen van ‘Geluk’ begonnen, maar die even terzijde gelegd. Eerst aan de slag gegaan met ‘Cyborg bitch’. Omdat ik geen afbeelding kon vinden van mijn beeld bij een Cyborg bitch heb ik hiervoor een aantal afbeeldingen verzameld die elk op hun beurt elementen bevatten die ik terug wil laten komen. Op basis van de afbeeldingen die ik eerder had verzameld gaan schetsen en tekenen. Heb geprobeerd om een knappe maar smalende blondine, een crash test dummy, een robot en de terminator uit de gelijknamige film in steampunkstijl samen te voegen. Daarna met de penselen en de inkt aan de slag gegaan voor de vereenvoudigde eerste laag in kleur. Nadat het eerste schilderwerk aan de ‘Cyborg bitch’ klaar was kwam het spannende moment. Ik kon nu drie werken naast elkaar zetten om te kijken hoe de paletten samen “uit de verf” zouden komen. Oordelen op basis van het totaalbeeld bleek een gouden tip. Tussen het zwartwit van het eerste werk en het ijskoude palet van nummer drie kwamen de zachtgele kleuren van ‘Geluk’ helemaal tot hun recht. ‘Geluk’ weer opgepakt en gaan stippelen. Begonnen aan de bovenkant van de achtergrond, de geel, oranje en bruintinten vragen veel lagen om de overgang geleidelijk te maken. Ik doe in dit werk meer met SpecialTech nibs dan in het eerste werk. Ze werken erg goed voor het maken van subtiele overgangen. Om wat afwisseling in het werk te houden ben ik na het stippelen van ‘Geluk’ verdergegaan met het schilderen van het vierde werk ‘Chaos’. Begonnen met de twee wittinten Omdat het veel kleine vlakjes zijn is het verschil tussen signaalwit, natuurwit en het wit van de gesso vrij klein, lastig! Vervolgens rood gedaan. Blijkt dat, ondanks grondig reinigen er inkt in de kwasten achterblijft. Omdat ik bij het vorige paneel zwart als laatste had gedaan is het eerste rood wat te donker, maar wordt al snel helderrood. Voor volgende kleuren/kwasten: eerst behoorlijk wat inkt opnemen, de kwast uitsmeren op een apart vel. Dan is het residu van de vorige kleur wel verdwenen. Het schilderen gaat fijn, heb dan ook zo’n 10 uur geschilderd. De volgende dag weer vroeg verder, en weer een dag volgemaakt met 14 uur schilderen. De basis voor het vierde werk dus in twee dagen klaar! Ik twijfel nog over het zwart, het is best redelijk gedekt, maar niet spiegelglad en strak. Dat zijn de andere panelen ook niet, maar daar zijn de niet gestippelde vlakken veel kleiner. Voor nu laat ik het zo, de matte clearcoat gaat ook nog zorgen voor vervlakking.   April Begonnen met het stippelen van de ‘Cyborg bitch’. De tekening die ik heb gemaakt heeft veel meer lijnen en minder vlakken. De vertaling maken naar pointillisme is daardoor veel lastiger dan een plaat met grotere vlakken zoals ‘Zuiver’ en ‘Geluk’. Welke lijnen houd ik scherp? Welke maak ik wat diffuser? Lastige puzzel… en heel veel stippelwerk, zeker omdat je niet kunt doorpakken op een groot vlak, telkens van stift moet wisselen en veel preciezer moet werken. Na drie dagen stippen ongeveer één derde klaar… pfffff… Tijdens het werk besloten om signaalwit toe te passen in plaats van natuurwit. Omdat ik in dit beeld vooral de kilte, koelheid en afstandelijkheid wil benadrukken werkt signaalwit beter dan natuurwit. In die laatste tint ligt toch iets van warmte besloten. Stippelwerk aan de Cyborg bitch eindelijk klaar! De complexiteit van de afbeelding maakte dat ik veel van kleur moest wisselen en dus ook heel veel moest schudden... Molotow inkt is een emulsie. Je moet een stift minstens twee minuten schudden voor gebruik, en tijdens gebruik schudpauzes inlassen. Zeker bij de twinmarkers is het duidelijk, bij te weinig schudden geeft de 4mm kant heel veel pigment en is eigenlijk te dikvloeibaar voor de viltnib, terwijl de 1,5 mm kant dan bijna alleen maar oplosmiddel afgeeft.   Begonnen met het zagen van de profielen voor de buitenlijsten. M400 profiel gebruikt en 16 ribben gezaagd en aansluitend verlijmd. Na het verlijmen en drogen van de vier buitenlijsten ze twee keer in een lichteiken patineerwax (Les Anciens Ebinistes) gezet en daarna lang geboend. Begonnen met het stippelwerk aan ‘Chaos’. Omdat deze compositie grote zwarte vlakken heeft is het aandeel stippelwerk iets beperkter. Een begin gemaakt met het maken van de binnenlijsten. Ik gebruik hier latten van 27x27mm voor. Gezaagd, aan één kant zwart gemaakt en met de steunlatjes verlijmd. Alle stippelwerk klaar. Nu alle werken klaar zijn kon ik gaan kijken hoe ze combineren met de buitenlijsten. Dat is een tegenvaller, de licht eiken wax heeft de lijsten een veel gelere kleur gegeven dan wat ik gevisualiseerd had. De combinatie lijst met de werken is niet mooi. Knoop doorgehakt, dit moet overnieuw. Opnieuw profielhout besteld en een kleurloze patineerwax gehaald. Op alle vier werken 4 lagen Molotow Acryl Clearcoat 240 aangebracht, voor UV-bescherming en egaliseren van de glansgraad. Nieuwe buitenlijsten gezaagd de binnenlijsten op maat gezaagd. Buitenlijsten verlijmd, twee keer in kleurloze patineerwax gezet en geboend. Nu hebben de lijsten precies de kleur die ik wilde hebben.   Mei De laatste dag… de buiten- en binnenlijsten gemonteerd. Tesa Powerbond ultra strong dubbelzijdig tape aangebracht en de ACP-panelen in de lijsten bevestigd. Tot slot de staalkabeltjes, de tiltreducers en afstandhouders aangebracht. Klaar en opgehangen.   Resultaat Ik ben dik tevreden met mijn resultaten van de eindexamen opdracht. Het zijn heel goed passende beelden geworden bij hetgeen ik in mijn verhaal heb beschreven en bedoeld. Ook is de uitvoering precies wat ik in mijn plan had bedacht, toeval en verrassingen heb ik tot een minimum beperkt en dat geeft mij er een extra goed gevoel bij.

  • Examenwerk: Nog meer keuzes

    Dit is het vierde deel uit de reeks "Examenwerk". Voor het eerste deel klik hier . Voor het eindexamen van de cursus Tekenen en Schilderen ben ik vanaf januari 2025 tot begin mei bezig geweest met het maken van mijn eindwerkstukken. Mijn ideeen, plannen, keuzes, aanpak en het resultaat zijn beschreven in deze reeks. Afmeting en oriëntatie Qua afmeting heb ik gekozen voor vrij groot, de reden daarvoor is tweeledig. Het geeft mij een gevoel van meer impact, en ik vind werken op een groter canvas veel prettiger dan miniaturen. De afmeting is uiteindelijk 58x58cm geworden. Qua oriëntatie denk ik dat ik -in eerste instantie onbewust- ben beïnvloed door het werk “Marilyn Monroe” van Andy Warhol uit 1967.  Dat werk heeft mij eerder gedurende de opleiding ook geïnspireerd tot de portretten van Helena Bonham Carter. Vierkant dus, omdat het vier werken zijn, elk met een eigen kleurpalet. Het vierkant brengt daarnaast een bepaalde neutraliteit, het rustieke van landscape oriëntatie en het statige van portrait wordt hiermee vermeden.   Ondergrond Voor de ondergrond heb ik in eerste instantie drie alternatieven overwogen.  Als eerste 3mm werkkarton, ik heb in de afgelopen twee jaar veelvuldig op dit materiaal gewerkt, het is dus vertrouwd. Nadat ik het karton gegrond had met een egaliserende primer/filler bleek de ondergrond niet geschikt voor het effect wat ik wilde bereiken. Een fijne ondergrond voor acrylverf, mooie haakjes, maar zeker niet glad genoeg als ondergrond voor de acrylinkt waarmee ik aan de slag wil. Het tweede alternatief was 400grams acrylpapier. Dat werkte prima, maar toen ik in het plan had opgenomen dat ik de afbeeldingen zwevend in een baklijst wilde presenteren is een minder flexibele ondergrond een betere oplossing. Nu gekozen voor aluminium composiet plaat (ACP) van 3mm dik. Omdat ik nog niet eerder serieus op composiet heb gewerkt een proefplaatje ACP besteld.   Materiaalkeuze De techniek die ik wil gaan toepassen heb ik eerder gedurende de opleiding bedacht. Het idee is ontstaan na een graffiti workshop in mei 2024. Ik wilde graag meer doen met het bijzondere effect van de verf waar graffiti-artiesten mee werken. Het zijn vrijwel allemaal bijzonder heldere kleuren, maar zonder enige glans. Ik vind de combinatie van heel hoge kleurverzadiging en de extreme matheid erg mooi. Ik heb gekozen voor Molotow One4All aerosol, stiften en acrylinkt. Het concept van hetzelfde acryl materiaal met verschillende applicatie mogelijkheden is ideaal voor de techniek die ik wil toepassen. Eerder werk Ik heb in 2024 met dit materiaal een tweetal werken gemaakt. De eerste was mijn inzending voor de wedstrijd van het televisieprogramma ‘Het geheim van de meester’. Het werk was een agamograaf met als titel ‘Wilhemina +/- 50 jaar. Het tweede werk was onderdeel van de eindejaarsopdracht van het eerste jaar van deze opleiding. Ik heb toen mijn stadsgevoel vormgegeven in het werk “Gravenstraat 18”. Techniek Ik wil alle vier beelden gaan maken met dezelfde techniek als ik destijds voor de werken in 2024 heb toegepast. De techniek is gebaseerd op vormvereenvoudiging, beperkening van het aantal gebruikte kleuren en pointillisme. Ik ga alle werken met deze aanpak realiseren omdat zoeken naar, aanbrengen en creëren van ordening en samenhang bij mij hoort. Het onderscheid tussen de vier beelden bestaat alleen uit de afbeelding zelf en het kleurpalet. Door het uniformeren van afmeting, vorm, materiaal, techniek en afwerking ontstaat een samenhang die ik graag zie in een meerluik. De 2024 techniek bestond uit de volgende stappen: Het aanbrengen van een aantal gesso grondlagen Middels vormvereenvoudiging en in het beperkt kleurpalet een eerste laag met de beeltenis in de vorm van vlakken opzetten. Daarbij gebruik makend van frisk-maskers, sjablonen en spuitbussen. Detaillering in -en overgangen tussen- de vlakken breng ik aan door toepassing van pointillisme. Ik zet stippen en stipjes dichtbij -en door elkaar- met stiften gevuld met hetzelfde acrylmateriaal als waarmee de vlakken zijn gezet. De stiften hebben nibs met verschillende diameters, en ik breng de verschillende kleuren beurtelings aan. De kleurverdieping die hierdoor ontstaat heet partitieve kleurmenging. De volgorde die ik hierbij hanteer is van de grootste naar de kleinste diameter. Verfijning Voor mijn examenwerken heb ik deze techniek verfijnd ten opzichte van de eerder gemaakte werken. Deze keer geen maskers, sjablonen en spuitbussen maar penselen om de eerste laag aan te brengen. De aanleiding daarvoor was in eerste instantie dat het in februari veel te nat en koud was om buiten met aerosols te werken. Tijdens het werken met de penselen werd al snel duidelijk dat het me in staat stelde om al in dit stadium veel meer detail weer te geven, wat het eindresultaat absoluut ten goede is gekomen. Het materiaal waarmee ik gekwast heb is de navul inkt voor de Molotow stiften.  Voor een verdere verfijning heb ik mijn collectie Molotow stiften uitgebreid met pennen met Specialtech nibs, die het mogelijk maken om bijzonder kleine stipjes te zetten.   Afwerking Kort getwijfeld of ik zou gaan afwerken met een epoxyhars. De kunstmatigheid van dat materiaal vloekt nogal met de beelden. Een ultra-matte clearcoat ademt wel de juiste sfeer.  Als omlijsting wil ik de de heldere kleuren vatten in een licht eiken baklijst. De lijst blijft dan gewoon een lijst, geen kitscherige schreeuw om aandacht. Testen Natuurlijk heb ik experimenten en testen van mijn ideeën gedaan. Voor veel vraagstukken bleek overigens het consulteren van mede studenten de meest effectieve test. Dank aan eenieder die me geholpen heeft! De bijdrage van Bastiaan heeft zich beperkt tot het advies om bij het laatste werk ‘Chaos’ niet voor pointillisme te gaan. In lijn met mijn uitleg waarom ik dingen doe, hoe ik dingen doe en wie ik ben, heb ik dit -voor mij- onwelvoeglijke advies naast me neergelegd. Omdat ik nog niet eerder met acryl inkt op ACP had gewerkt ben ik gaan uitproberen en testen op het proefplaatje. Geweldige dekkingskracht, dat is natuurlijk eigenlijk niet verbazingwekkend, het is graffiti acryl, dus instant dekking is heel belangrijk, je kunt als graffitiartiest meestal niet na 24 uur nog een keer langsgaan omdat je piece niet goed is gedekt. Zelfs wit en rood dekken goed over andere (donkerdere) kleuren. Ook het contrast tussen signaal- en natuurwit getest, prima! Droogt snel en vlak op, geen pasteus gedoe en geen kwasterijen te zien. Precies het matte en vlakke effect wat ik beoogde.   Bestellen Heel enthousiast over de uitkomsten van de testen. Alle materialen besteld die ik nodig denk te hebben om de vier werken te kunnen maken. De ACP platen, de stiften en de inkt. Voor het vijfde en laatste deel van de serie, klik hier .

  • Examenwerk: Kleurkeuzes

    Dit is het derde deel uit de reeks "Examenwerk". Voor het eerste deel klik hier . Voor het eindexamen van de cursus Tekenen en Schilderen ben ik vanaf januari 2025 tot begin mei bezig geweest met het maken van mijn eindwerkstukken. Mijn ideeen, plannen, keuzes, aanpak en het resultaat zijn beschreven in deze reeks. Kleurpalet Nadat ik de definitieve keuze had gemaakt welke beelden ik bij welk hoofdstuk wilde gaan maken was de volgende keuze welk palet ik voor de verschillende werken wil gaan gebruiken. Eerst de wand met verfkleurenstalen bij de Praxis op een gênante manier beroofd. Toen lekker aan het kleurpuzzelen gegaan. Ik ga in ieder geval in elk werk zwart en natuurwit gebruiken. Om weg te blijven van puur fotorealisme heb ik voor drie van vier de werken gekozen voor een kleurenpalet van slechts vijf niet-natuurgetrouwe kleuren. Het laatste werk kent 7 kleuren. Door te werken met een beperkt palet komt de emotie van de kleuren veel meer ‘uit de verf’. Hieronder staat beschreven wat mijn motivatie is om bij de verschillende hoofdstukken en afbeeldingen voor een bepaald palet te kiezen.   Zuiver (I) “Zuiver” ga ik uitvoeren in zwartwit, symboliek voor historie en wat ooit was. Terwijl zwartwit foto’s toch ook van alle tijden zijn. Het natuur- of crème wit brengt een lichte sepiatint. Dit staat voor nostalgie, vertrouwd, warmte, melancholie en ontroering. De twee grijstinten geven tijdloosheid en respect weer.   Geluk (II) “Geluk” krijgt als hoofdkleur Saharageel. Geel als energiek als de zon, levenslust, plezier, geluk en zelfvertrouwen. Verder gebruik ik Okerbruin, een kleur die tussen oranje en bruin in ligt. Oranje wat warmte, vriendelijk, en speelsheid representeert en bruin wat staat voor veiligheid, betrouwbaarheid, warmte en gezelligheid. Tot slot een helgrauwblauwe kleur die intelligentie weergeeft. Cyborg bitch (III) Werk III is uitgevoerd in Braampaars, Riviera blauw en Shockblauw. Het is vooral de combinatie van deze kleuren die kilte, koelheid, afstandelijkheid, ontoegankelijk en ook heel expliciet macht en dominantie uitstralen.   Chaos (IV) Tot slot heb ik voor het werk IV gekozen voor Verkeersrood en Signaalzwart als hoofdkleuren, het zijn wat mij betreft de beste kleuren voor paniek en ontreddering. De andere toepasselijke associaties met deze kleurcombinatie zijn agressie, dominantie, provocatie, dreiging en daaruit voortvloeiend angst, verstikking en duisternis. Ook historisch gezien heeft deze kleurcombinatie een angstaanjagende en weerzinwekkende connotatie. In les 14 “Zet kleur om in emotie” had ik dezelfde keuze gemaakt, en de boze feeks alleen in zwart, rood en wit geschilderd. Het commentaar van Bastiaan was toen dat ik het net zo goed in zwart wit had kunnen doen. Dat ik in mijn eindexamenwerk opnieuw dezelfde keuze maak geeft prima weer wat ik er zelf van vind.  De toepassing van Turquoise en Keramiekpastel voor de schmink op de ogen heeft geen ander doel dan herkenbaarheid van de Joker te versterken. Voor het vierde deel klik hier .

  • Examenwerk: Beelden kiezen

    Dit is het tweede deel uit de reeks "Examenwerk". Voor het eerste deel klik hier . Voor het eindexamen van de cursus Tekenen en Schilderen ben ik vanaf januari 2025 tot begin mei bezig geweest met het maken van mijn eindwerkstukken. Mijn ideeen, plannen, keuzes, aanpak en het resultaat zijn beschreven in deze reeks. Inspiratie Ik heb in het verhaal inspiratie gevonden voor vier beelden die de inhoud van elk hoofdstuk voor mij intens symboliseren. Daarbij geholpen door de volgende goede tip: …denk ook eens na over wat je altijd graag nog eens zou willen maken, en breng die beelden naar je verhaal toe. Omdat ik, mede gebaseerd op deze tip heb gekozen voor vier portretten is de titel ‘Portretten van vier generaties van waarden en waardigheid’ geworden. De keuze voor portretten is voor mij de juiste keuze. Portretten waren, vóór de opleiding, voor mij een no go area… zelfportretten zeker. En dit vierluik is-door de vier portretten- niet in letterlijke zin, maar toch wel een heel expliciet zelfportret geworden. Ik wilde echter geen portretten in de klassiek traditionele zin, maar uitsneden omdat dat dat het beeld veel spannender maakt dan een reguliere pose.   Zuiver (I) Als beeld bij het eerste hoofdstuk was het onderwerp geen vraag, het zou sowieso een portret van mijn moeder worden. Naar aanleiding van welk beeld ik wilde gaan werken was nog wel een lastige keuze. Omdat het verhaal zich deels richt op mijn jeugd dacht ik eerst om een foto van mij en moeder uit mijn jeugd te gebruiken. Eigenlijk wilde altijd nog een portret van mijn moeder op latere leeftijd maken, en was daar in potlood al eens mee begonnen. Dat gaf de doorslag om toch te kiezen voor een recentere foto. De afbeelding van Annie is toen ze 91 jaar oud was, en tijdens één van de vele wandelingen die we samen hebben gemaakt. Ze zong toen zacht een liedje wat ze vroeger altijd voor ons zong, en later ook voor onze kinderen voor het slapen gaan. ‘Droomde gisteren van een ventje…’   Geluk (II) Zoals al ook in hoofdstuk II duidelijk wordt belichamen onze kinderen voor mij een gevoel van intens geluk. En ook een portret van Kim en Bart had ik nog op mijn bucketlist staan. Ik dacht eerst aan aparte portretten maar samen is eigenlijk veel leuker. Natuurlijk hebben we heel veel fotos van de kids samen, maar uiteindelijk is de keuze gevallen op Kim en Bart samen tijdens Kims huwelijk, de mooiste dag van 2024.   Cyborg bitch (III) Tijdens het schrijven van hoofdstuk III was ik zelf best geraakt door -en daarom tevreden met- de zin “Karma is een Cyborg bitch… en ze lacht luidkeels om een 57-plusser met een cognitieve beperking die wat ontreddert langs de zijlijn van de maatschappij en arbeidsmarkt staat.” De afbeelding moest dus wel een Cyborg bitch worden. Een voorbeeld van een afbeelding die paste bij mijn voorstelling van een Cyborg bitch heb ik niet kunnen vinden. Dus ben ik plaatjes gaan zoeken waar elementen inzitten die ik wil laten terugkomen in het beeld van een Cyborg bitch. De elementen zijn steampunk, een knappe maar smalende blondine, een crash test dummy, een robot en de terminator uit de gelijknamige film.   Chaos (IV) Om de ultieme chaos weer te geven, had ik direct een associatie met de eerste Joker film. Een indrukwekkende film. In veel opzichten. De rare knoop van volledige teloorgang, een dystopische wereld en toch begrip krijgen voor de krankzinnige hoofdrolspeler. Een geweldige acteerprestatie van Joaquin Phoenix. Uiteindelijk gekozen voor een still uit de scène “How about another joke?” Deze scène -tijdens een live talkshow- is een sublimatie van het plot. Volkomen zinloos en choquerend geweld, moord, maar dat je jezelf erop betrapt dat het toch als gerechtigheid voelt. Voor het derdede deel klik hier .

  • Portretten van vier generaties van Waarden en Waardigheid

    Dit is deel één uit de reeks "Examenwerk". Voor het eindexamen van de cursus Tekenen en Schilderen ben ik vanaf januari 2025 tot begin mei bezig geweest met het maken van mijn eindwerkstukken. Mijn ideeen, plannen, keuzes, aanpak en het resultaat zijn beschreven in deze reeks. Van start Op 20 januari werd het thema voor het eindexamenproject bekendgemaakt: "Waarde en waardigheid". Ik heb dat onmiddellijk omgedoopt naar "Waarde n en Waardigheid" omdat dat bij mij veel beter resoneert. Inleiding Als eerste aanzet werd er klassikaal een woordspinnetje op een flipover gezet. In mijn werkzame leven heb ik heel veel met dit soort mindmaps gewerkt en mijn ervaring met deze aanpak -het vroegtijdig leggen van relaties dus- is dat het je denkraam aanzienlijk beperkt. Daarom heb ik ervoor gekozen om alleen te werken met kaartjes waarop ik individuele steekwoorden vastleg. Die steekwoorden kwamen op willekeurige momenten in me op als ik in gedachten met het thema bezig was. Het werken met kaartjes maakt dat je onafhankelijk van tijd en plaats met je mindmap bezig kunt zijn. Het enige wat je hoeft te doen is zorgen dat je een stapeltje kaartjes en een pen bij de hand -of in je binnenzak- hebt. In de trein, tijdens het koken, wandelend op het strand, ik bleef mijn gedachten over het thema op kaartjes schrijven, nog niet in samenhang, maar gewoon alles wat in me opkwam. Door mijn geheugen beperking ben ik sowieso gewend aan veel en direct opschrijven. De stapel kaartjes groeide dan ook gestaag. Vanzelfsprekend levert elk nieuw kaartje een reeks associaties op, dus ondanks het feit dat ik in dat stadium nog niet bewust op zoek was naar samenhang, tekenen zich bepaalde contouren af, ik vroeg me af waar mijn gedachten in deze langdurige solo brainstorm met mij naar toe zouden gaan. Een aantal keer, met de inmiddels verzamelde kaartjes om me heen uitgestrooid op de vloer, op zoek gegaan naar de overeenkomsten en de verschillen. Tijdens het teruglezen van de kaartjes ontstaan weer nieuwe associaties, andere en aanvullende gedachten, nieuwe inzichten, nieuwe woorden, nieuwe zinnen, nieuwe beelden. Ik blijf alles op kaartjes schrijven. Wat daarmee steeds helderder wordt is dat er een duidelijk onderscheid te maken is in ‘het wanneer’ waarin een gedachte speelt. Ik probeer daarin een tijdlijn te ontdekken. Als ik daar wat meer op inzoom dan herken ik eigenlijk vier tijdvakken waarop mijn collectie steekwoorden betrekking heeft. De eerste twee tijdvakken zijn mijn realiteit, mijn eigen jeugd, verleden en ervaringen. De derde en vierde zijn mijn huidige situatie en aansluitend assumpties over de toekomst. De woorden en zinnen bij het laatste tijdperk zijn vooral nogal cynisch en symbolisch. De kaartjes gesorteerd naar deze tijdvakken. Dat brengt me een interessant inzicht: de aantallen kaartjes per tijdvak verschillen nogal. De uitschieter is duidelijk het derde tijdvak; het recente verleden en de nabije toekomst. Mijn gedachten zijn blijkbaar nog steeds veel bezig met mijn huidige situatie en omstandigheden. De minste kaartjes hebben betrekking op de zwartgallige toekomstbeelden. De vier stapels kaartjes zijn nu eigenlijk een soort zelfportret van mijn gemoed in vier delen. Dit brengt mij al een stuk dichter bij een persoonlijke invulling van het thema: iets als "mijn waarden generaties"? Of "vier generaties van waardigheid"? Storytelling Met de kaartjes per tijdvak verhalend gaan schrijven. Het resultaat is een autobiografische schrijfsel in vier hoofdstukken. Deze vormen samen de tijdlijn van waarden en waardigheid, van een onschuldige kindertijd tot een dystopische toekomst. Ze tonen hoe mijn wereld veranderde en verandert, hoe de normen, waarden en waardigheid verschoven zijn en nog steeds verschuiven. De titel van het verhaal, en daarmee de titel van mijn volledige eindexamenwerk, is "Portretten van vier generaties van waarden en waardigheid" geworden.   Vanwege het persoonlijke karakter van het verhaal heb ik besloten deze niet op mijn website te publiceren. Voor het tweede deel klik hier .

  • Beeldanalyse "Innenraum"

    Tijdens de les In les 47 hebben we gezamenlijk een voorbeeld beeldanalyse gemaakt van een werk van Bastiaans vader. Het is een olieverf schilderij genaamd de Waterput en verbeeldt een landschap in de buurt van Lochem. Verschil in beleving wordt tijdens de les heel duidelijk. Voor Bastiaan betekent het vooral fijne herinneringen aan wandelingen met zijn vader, Liza associeerde het werk met nare herinneringen aan sportvelden met verplichte oefeningen, en het onvermijdelijke sponsor-reclamebord van de lokale slager op achtergrond. Voor het maken van beeldanalyses is de “Beeldwijzer beschouwing van een vlak beeld” een prima leidraad. In les 48 gaan we een bezoek brengen aan het van Gogh museum en het stedelijk museum voor de expositie “Sag mir wo die Blumen sind” van Anselm Kiefer. De bedoeling is om uit deze tentoonstelling een werk te kiezen en daar een beeldanalyse van te maken. Ik heb gekozen voor “Innenraum”, een werk uit 1981.   Wat doet het werk met je? Ondanks de weerzinwekkendheid van het beeld, veroorzaakt door het onderwerp, door het palet, en zelfs door de wijze van aanbrengen heeft het toch een -voor mij- niet te verklaren aantrekkingskracht. Ik heb er -ook deze keer- lang naar staan en zitten kijken, en kan er nog veel langer naar kijken. Het is voor mij dan ook het absolute hoogtepunt van de expositie. Het is zo mooi en zo eng tegelijkertijd, en daarmee net zo indrukwekkend als beangstigend. Samengevat: bijzonder imposant verval, waar ik stil van word.   Wat is het? Het is een schilderij.   Wat is er te zien? “Innenraum” is de Mozaïekkamer in de nieuwe Rijkskanselarij, de regeringskantoren van Adolf Hitler in Berlijn. Het gebouw is ontworpen door de nazi-architect Albert Speer. Letterlijk de steengeworden grootheidswaanzin.   Waarvan is het gemaakt? De materialen die in het werk zijn gebruikt zijn olieverf, acrylverf en papier op doek   Op welke manier is het beeld ontstaan? De toegepaste technieken zijn een combinatie van schilderen, collage en decollage.   Welke beeldaspecten zijn belangrijk voor het beeld? a)  Formaat: 287.5 x 311 cm, bijna vierkant maar nog net een landscape oriëntatie. b)  Licht: De nissen aan de zijkanten zijn vooral heel duister, voorzien van veel schaduw. Het licht door de ramen in het plafond lijkt door tralies en hoogte vooral heel onbereikbaar. c)  Ruimtesuggestie: Suggestie van ruimte wordt vooral gewekt door een zeer sterk symmetrisch lijnperspectief. d)  Standpunt: Het standpunt is stahoogte, maar door de hoogte van de ruimte wordt het bijna een kikkerperspectief e)  Kleur: Het is een duister palet, de toegepaste kleuren zijn zwart, omber, grijs, oker en wit. Wat er aan kleur is aangebracht is in een vergelijkbare sterkte, vrijwel alles is pasteus. Er zijn gemengde kleuren gebruikt. Er is weinig tot geen sprake van kleurcontrast, het werk is bijna een zwart wit afbeelding, de contrasten zijn dus hoofdzakelijk licht donker.   f)  Beweging: Ondanks het zeer statische, eenzame, verstilde beeld is er naar mijn gevoel toch sprake van beweging. Maar dan vooral de beweging die je zelf door het schilderij maakt door de ritmes in de zuilen, de tegels en de getraliede ramen, terwijl het symmetrische perspectief je meeneemt naar het mysterieuze attribuut, net onder het centrum. Kiefer laat geheel aan de verbeelding van de toeschouwer wat dat object is.   g)  Vorm: Het beeld is tekenachtig (lijnen) vooral in het traliewerk in het daklicht en de tegelvloer. Ook is het schilderachtig (vlakken) op de overige delen. De zaal Is zeer ruimtelijk verbeeld. Over het algemeen een statisch beeld, maar er is toch ook sprake van een hoge mate van dynamiek, door de ritmes in de vloer, de pilaren en het glazen getraliede dakramen. De vormen zijn niet decoratief. Ik zou het niet op de beschuitbus hebben. h)  Mate van abstractie: De mate van abstractie van het werk is nihil, ik vind het werk volledig figuratief. Het enige wat je abstract zou kunnen noemen is het mysterieuze object. i)  De compositie is een symmetrisch centraal. De richting waarlangs de elementen zijn geplaats is diagonaal en strikt in lijn met het perspectief. De wis- of meetkundige benadering is dat er geordend is binnen een balk. Er is sprake van ritmes in zuilen, pilaren tralies. j)  Materialiteit, het verval wordt benadrukt door zowel het gebruikte materiaal alsook de wijze waarop het is aangebracht.   Welk karakter heeft het beeld? Expressief mededelend.   Welke betekenis heeft het beeld? De bedoeling van Kiefer met dit werk moet, volgens het bijschrift, gezien worden in het kader van de Duitse oorlogshistorie; Hij stelt vooral de vraag: Wat zouden we ons eigenlijk moeten herinneren?   Welke betekenis heeft het beeld voor jou? Een mooie herinnering, het is het eerste werk van Kiefer dat ik ooit heb gezien. Het was tijdens een schoolexcursie, inmiddels zo’n 40 jaar geleden. Het maakte toen op mij -als puber- al een diepe indruk. Nu belichaamt het voor mij vooral verval, verlies, verdriet en tegelijkertijd het kwaad, de boosaardigheid, en misschien zelfs de dood.

© 2025 by Theo. 

bottom of page