ZOEKEN
76 resultaten gevonden met een lege zoekopdracht
- Schilderen zonder kwast
Opdracht les 33 Creëer een paradijselijke omgeving, werk in acrylverf, maar zonder kwasten. De enige uitzondering is een tamponeerkwast. Maak gebruik van doordruk, sjablonen, sponzen en/of rollers. De titel van de opdracht roept al snel associaties op met palmenstanden, zon etc. Dat hoeft natuurlijk niet, wees creatief! Kijk naar voorbeelden van Hendrik Werkman. Nagevraagd of ook spuitbussen zijn toegestaan, en dat mag, als het maar niet het enige is wat je gebruikt. Idee Een paradijselijke omgeving doet me inderdaad al snel denken aan Bounty stranden, bikini’s en cocktails. Maar als ik er wat langer over nadenk is echt paradijselijk voor mij toch vooral rust. Wandelen in de natuur, met veel ruimte, de stilte en de frisse lucht. Vooral wandelen in de bergen vind ik heel erg fijn. Dat idee een beetje uitvergroot levert een beeld op van een bergmassief met eeuwige sneeuw. Omdat de opdracht expliciet om druktechniek vraagt, heb ik even teruggekeken in mijn boek van vorig jaar. We zijn in december een aantal lessen en huiswerkopdrachten met lino (dus hoog-) druk in verschillende kleuren aan de slag geweest. De aanpak van een meerkleurige lino druk -een steeds kleiner deel van het werk bedrukken, en van lichte kleuren naar steeds donkerder- zou ook hier prima kunnen werken. Nadeel ten opzichte van de lino plaat is, dat ik deze opdracht met papieren sjablonen ga uitvoeren. Zo’n sjabloon is vlakdruk en dat betekent dat er voor elke kleur een nieuwe sjabloon moet komen omdat het uitgesneden deel steeds kleiner wordt. Tijdens het teruglezen kwam ik ook de futuristen opdracht weer tegen. Voor voorbeelden had ik destijds onder andere gekeken naar de prachtige pasteuze werken van Bozhena Fuchs. Ik had daarom toen ook opgeschreven dat ik nog eens een werk met modelleer-pasta wilde maken. In deze opdracht zijn kwasten uit den boze, maar een paletmes, dat mag vast wel! Aanpak onder- en achtergrond Voor de detaillering die ik in de berg wil aanbrengen is het kartonnetje wat we meekregen tijdens de les echt te klein. Het snijden van sjablonen wordt dan een microscopische klus. Ik had nog een paneel van de vorige opdracht liggen, in witte gesso, dus die heb ik gebruikt. Met 4 spuitbussen in elkaar overlopende lagen opgezet, van boven naar beneden in Pruisischblauw, action blue, signaalwit en middel-steengrijs. Bovenkant gemaskeerd met watten, en met signaal wit wolken gespoten. Watten verwijderd en het blauwe deel nog wat verder verzacht met een licht witte waas. Horizon of skyline van de bergen gemaskeerd met frisk omdat ik hier een vlijmscherpe rand wil. De rand onder de skyline wit gespoten Frisk masker laten zitten zodat het werken met volgende sjablonen geen vlekken in de lucht zou kunnen maken. Aanpak sjablonen Uiteindelijk gekozen voor negen tinten/kleuren in het bergmassief. De gespoten witte ondergrond is de eerste, voor de overige tinten acht aparte sjablonen gemaakt. Maskers voor de bergkammen, de schaduwen en de sneeuw van papier gemaakt. Bij het rollen blijkt dat de randen van papier snel met verf verzadigd raken en dus geen vlijmscherpe overgangen opleveren. Voor de detaillering van de berg vind ik dat eigenlijk wel prima. De eerste zes maskers met verschillende tonen van een mengkleur van titanium wit, ultramarijn, Winsor violet en ivoorzwart. Vanzelfsprekend van licht naar een steeds donkerder tint, en van de grootste sjabloon naar een steeds kleinere. De laatste twee, en dus kleinste, maskers gerold met gebrande omber en ivoorzwart. De berg ziet er best goed uit, maar ik vind het Bob Ross -puzzel van 1000 stukjes- gehalte nog wel erg hoog. Bob meets Bozhena Het werk van Bozhena Fuchs vind ik heel inspirerend. Het pasteuze in haar werk draagt heel veel bij aan beweging, dynamiek of soms gewoonweg realisme. Wat ik hier heb geprobeerd is haar werk en techniek te imiteren om van het Bob Ross plaatje een meer realistisch en levendiger werk te maken. Modelleer pasta gemengd met titanium wit en met een groot en een klein paletmes de bergkammen aangezet. De resterende pasta daarna 15 minuten laten drogen en met de -toen iets drogere wat korrelige- pasta de onderkant “geplamuurd”. Aan de onderkant zo lang “gesmeerd” tot op verschillende plaatsen de grijze ondergrond er weer doorheen waast. Wat heb ik ontdekt en geleerd. Het drukwerk heeft niet de hoofdrol gekregen zoals wellicht in deze opdracht de bedoeling was, maar als onderdeel van het geheel speelt het een belangrijke rol in sfeer van het werk. Blij mee! Goed advies van Simone bij Groothuizen: even laten drogen van het pasta mengsel voor gebruik om de wat grovere en meer korrelige structuur voor de sneeuw op de voorgrond te creëren. Multiplex, witte gesso, spuitbussen, watten, frisk film, papieren sjablonen, lakrollers, acrylverf en modelleerpasta zijn een prima combinatie voor een ijskoud paradijs! Bij dit soort pasteuze schilderijen speelt schaduw een belangrijke rol. De geloofwaardigheid van het werk is afhankelijk van lichtval en de hoek waaronder je ernaar kijkt. In dit geval betekent dat, dat het werk het best tot zijn recht komt als het licht vanaf dezelfde kant komt als wat de afbeelding impliceert, van rechts dus. Alleen dan vormen de slagschaduwen van de pasteuze delen van het werk een natuurgetrouw onderdeel van de hele plaat. Feedback Heel jammer dat je de pasteuze laag hebt aangebracht. Je hebt je niet overgegeven aan het toeval wat juist één van de spannende elementen van de techniek met sjablonen is. In de berg zitten bijna abstracte vormen, leuk. De compositie is nogal neutraal, bij minder lucht en wolken was de berg imposanter geweest. Druktechniek combineren met reliëf maakt er een hele andere stijl van. Verder heel vaardig gedaan. Commentaar Margit: “Ik dacht dat het de bedoeling was om veel kleuren te gebruiken.”
- Sjablonen, maskers en spuitbussen
Opdracht les 34 Maak een affiche voor iets waar je voor of tegen bent. Denk na over de doelgroep. Combineer beeld, tekst en kleurgebruik om de doelgroep aan te spreken. Ontwerp zelf lettertypes. Voorbeelden zijn van Toulouse Lautrec met zijn aankondiging van een cabaret-voorstelling, Wim ten Broek voor de Holland Amerika Lijn en Irma Boom met een lettertype voor het Rijksmuseum. Idee Laat ik beginnen met heel duidelijk te zijn. Ik ben voor en tegen heel veel dingen… toch hoefde ik niet lang na te denken om tot de slotsom te komen dat ik totaal geen zin heb om er een maatschappijkritisch politiek geëngageerd en verantwoordelijk statement ding van te maken. Ik maak de dingen die ik maak omdat ik voldoening haal uit creatie en het mijn gevoel voor eigenwaarde een beetje repareert. Deze cursus doe ik dan ook vooral om nieuwe technieken te leren, technieken uit te proberen en ik hoop vooral daar instructies en feedback op te krijgen. Het is voor mij dus zeker geen uitlaatklep voor activistische gedachten. Qua inspiratie weet ik ondertussen dat ik die vind in onderwerpen waar ik blij van word en die me energie geven, kortom waar ik een goed gevoel bij heb. Dat rijmt heel goed met mooie herinneringen. Dus bijvoorbeeld een aankondiging voor een race in het Nederlands kampioenschap viertakt karting. Als voorbeeld voor de afbeelding heb ik een foto van Bart, onze zoon, gebruikt die destijds daadwerkelijk op 14 mei op het Circuit van Spa-Francorchamps heeft geracet. Mijn creatieve invulling van de opdracht deze week: ik ben gewoon ontzettend vòòr autosport. Elementen die ik wil gebruiken: Een beperkte set van kleuren omdat dat goed past bij een affiche. Op basis van de foto lijkt het me een goed idee om wit, zwart, rood en twee grijstinten te gebruiken. Als techniek ga ik sjablonen, maskers en spuitbussen gebruiken. Voor een affiche geldt wat mij betreft groot, groter, grootst is eigenlijk nog niet groot genoeg! Ontwerp Typografie Zelf lettertypen gaan uitvinden vind ik geen aanlokkelijk idee. Er zijn zoveel fraaie lettertypen ontworpen én beschikbaar die veel beter uitdrukking geven aan een gevoel of gedachte dan ik dat ooit zou kunnen bedenken en ontwerpen. Een speurtocht op font sites leverde twee lettertypen op: RushDriver Italic, om te gebruiken voor tekst die snelheid, spanning en sensatie weerspiegeld. Alleen hoofdletters gebruiken zorgt dat het nog meer schreeuwt Lemonmilk bold voor neutrale leesbaarheid, zakelijk, technisch, vierkant en robuust. Te veel expressie in de lettertypes gaat naar mijn gevoel ten koste van het effect en de leesbaarheid. Deze neutrale letters versterken het effect van het andere type juist. Bij mijn eerste ontwerp leek er nogal groot NKUT als headline op mijn affiche te staan, omdat de 4 van het Rushdriver lettertype nogal op een u lijkt. Toen gepoogd om een eigen versie van de 4 te maken, maar dat bracht het lettertype nogal uit balans. Een volgende poging had als overweging dat het spannende deel is dat het over een Nederlands kampioenschap gaat. De letters NK moeten de spannende letters zijn, in de spannendste kleur. Rood dus. Dat het 4-takt betreft is eigenlijk meer een technische verbijzondering die heel relevant is voor de doelgroep. Daarmee was het logische lettertype daarvoor dan ook groot, strak, technisch, vierkant en schreefloos. Ook de locatie en datum heb ik in het Lemonmilk lettertype gezet. Over de tekst Weinig tekst, want in het voorbijgaan wordt er niet veel gelezen. De affiche heeft een hele duidelijke doelgroep en is zeker niet bedoelt om nieuw publiek te werven. Het doel is om enthousiastelingen te informeren over wanneer en waar dit evenement gaat plaatsvinden. Het gebruik van 4T jargon is daarom een pré, het maakt voor de liefhebbers veel duidelijk over de wedstrijdklassen, typen karts en de coureurs die gaan deelnemen zonder dat daar verder tekst voor nodig is. Aanpak Als eerste stap heb ik het paneel gemaakt. Omdat ik deze keer voor groot wilde gaan heb ik een stuk passe-partout papier gesneden op 100x70cm. Om er wat body aan te geven er een laag werkkarton en een laag foamboard achter gezet. Beide in twee delen om het geheel vouwbaar te maken. Ik weet (nog) niet hoe vouwbaar acrylverf is… en ik denk dat ik het ook niet voor de les ga uitproberen. De scharnier-naad tussen te twee delen aan de achterkant versterkt met linnen tape. Eerste verflaag: Het hele paneel wit gespoten in Molotow signaal wit. Daarna drie kleuren met de spuitbus aangebracht met loshangende papieren sjablonen, zodat de randen niet heel scherp worden en er hier en daar een kleurwaas ontstaat. Eerste sjabloon gebruikt met middel kiezel grijs, de volgende met rood en daarna donker kiezel grijs. Met de tweede papieren sjabloon ook de rode letters ‘N’ en ‘K’ aangebracht, en de datum. Door de papieren sjabloon zijn deze letters en cijfers ook niet scherp omrand, en hebben een rode waas. De volgende verflaag (pure black) wilde ik niet met een waas en onscherpe randen, maar juist strak om er eigenlijk mee op de voorgaande lagen te kunnen tekenen. Vandaar dat ik voor de laatste laag niet met papieren sjablonen gewerkt heb, maar maskers uit frisk film heb gesneden. De teksten die ik wit wilde hebben uitgeprint en overgetrokken op frisk film. De film aangebracht op de bovenste helft van het paneel en de letters gesneden. Letters laten zitten, film van de achtergrond verwijderd zodat het resultaat uiteindelijk witte letters op een zwarte achtergrond zal worden. Ook de rode letters gesneden, met een paar subtiele randen van de witte ondergrond en het rode waas. Het geeft een wat meer rogue effect. Achteraf gezien had dit best wat steviger gemogen. Onderste helft van het paneel ook beplakt met frisk film. Waar ik de zwarte delen wil hebben ben ik dit op de film gaan intekenen met watervaste stift. Zo kon ik goed zien hoe het uiteindelijke plaatje er uit zou gaan zien. Daarna alle zwart ingekleurde delen uit de film gesneden. Het resultaat van deze laatste vier stappen is dat alle eerder aangebracht kleuren, de delen die ik wit wil laten en de letters nu zijn afgedekt met film en alleen het zwart te spuiten deel onbedekt is overgebleven. De laatste verflaag, puur-zwart van Molotow, in een paar lagen over het hele werk gespoten. Na een half uurtje de maskers verwijderd, omdat ik niet het risico wilde lopen dat het acryl al te ver uitgehard was en zou beschadigen bij het verwijderen van de maskers. Wat heb ik ontdekt en geleerd? Meermalen op dezelfde plek sjablonen snijden maakt het nog moeilijker om het papier/karton onbeschadigd te laten. Open deur: Hoe groter het werk hoe makkelijker de detaillering uit een sjabloon te snijden is. Dat was bijzonder prettig bij het weergeven van de details van Bart’s RK1 motor. Bij 7 graden moet je je spuitbus warm houden en vooral dunne lagen aanbrengen met voldoende droogtijd tussen de lagen. De druk op de verf in de spuitbus is namelijk behoorlijk minder, en de verf behoorlijk dikker. Hechting -zeker op de film- was dan ook heel slecht, en leverde bij iets te veel laagdikte nogal wat zakkers op. Dat heb ik goed op kunnen lossen met een foamrollertje. Daarna nog twee dunne lagen met spuitbus aangebracht. Feedback Je hebt hier alles goed gedaan. Beeld en tekst gericht op een duidelijke doelgroep. Mooie en toepasselijke lettertypen.
- Medium transfer
Opdracht les 38 Huiswerk van deze les was om een minder geslaagde droge-naald-drukte gebruiken en die op te werken met materialen naar keuze tot een nieuw werk. Voor mij is bij dit type opdracht de grootste uitdaging om iets te bedenken wat bij mij past. Ik vind het eigenlijk altijd prettig om met een schone lei te beginnen, een plan te maken, dat voor te bereiden en dan uit te voeren. Verbeteringen bedenken op een minder geslaagd werk past mij nog steeds niet zo goed, maar ik ga natuurlijk wel een serieuze poging doen. Idee Omdat ik met zoveel plezier aan de Pop-art-verpakking-waterfles opdracht heb gewerkt probeer ik voor deze opdracht iets in diezelfde stijl te bedenken. Daarom heb ik me verdiept in het werk “Marilyn Monroe” van Andy Warhol uit 1967. Natuurlijk omdat hij toch wel hét boegbeeld van de pop art is, maar ook omdat ik denk dat ik het concept goed kan combineren met mijn droge naald tekening van Helena Bonham Carter. Er zijn van deze Marilyn in de afgelopen 57 jaar een oneindig aantal varianten gedrukt in verschillende kleurvariaties. Ik heb gekozen voor een werk met een indeling in kwadranten en een min of meer realistisch kleurenpalet. Werkwijze Eerst onderzocht hoe dit soort werken tot stand kwamen. Het unieke effect van dit type werk van Warhol is het resultaat van een onderschildering in zorgvuldig geplaatste kleurvlakken. Daaroverheen zette hij een zwart-witte zeefdruk van een foto. De variant die ik hierop heb bedacht is een ondergrond in kleurvlakken van acrylverf en daaroverheen een medium transfer van mijn opgewerkte droge naald portret. Opwerken afdruk Ik raakte heel gemotiveerd door het idee en de aanpak, en wilde dan ook niet een mislukte of minder goede afdruk gebruiken. Ik heb dus de best gelukte afdruk van Helena gebruikt. Maar... omdat destructie niet mijn ding is, heb ik een foto van die afdruk gemaakt en deze op A3 Bristol papier geprint. Dat heeft als bijkomend voordeel dat een eventueel conflict tussen de olieverf en andere materialen zal uitblijven. Het werk van Warhol uit ‘67 is een vierkant. Op de print een mooie uitsnede afgeplakt. Deze ben ik gaan opwerken met penseel, kroontjespen en Oost-Indische inkt. De mooie arceringen en krasjes van de droge naald behouden. Met deze aanpak geprobeerd om de afdruk zo monochroom mogelijk te maken. Het resultaat daarna gescand, de afbeelding gespiegeld en digitaal helemaal monochroom gemaakt zodat de grijstinten uit het werk zijn verdwenen. Schilderen van de ondergrond Om de kleurvlakken op de goede en ongeveer dezelfde plek te krijgen heb ik met sjablonen gewerkt, 24 in totaal. Gelukkig had ik de prima tip van Margit opgeschreven om meerdere sjablonen in één keer te snijden. Vier tegelijk ging -aan elkaar geniet- best redelijk vlot. Met de eerste 4 sjablonen de achtergrond voor de wilde haardos gezet, alle vier in donker cadmiumgeel. Vervolgens de achtergrond kleur van elk kwadrant gedaan, naar voorbeeld van het gekozen werk. Daarna de gezichten. Ik heb ervoor gekozen om de vier gezichten allemaal in dezelfde kleur te doen, het origineel heeft wel verschillende gelaatskleuren, achteraf misschien toch beter geweest. Ook bij de monden heb ik andere kleuren dan Warhol gebruikt, met name rechtsonder heb ik de mond in meer rood aangezet. De ogenschaduw kleuren komen aardig in de buurt van het origineel. Tot slot het oogwit en de tanden. Ik heb er niet voor gekozen om bij de beeltenis linksboven de tanden dezelfde kleur te geven als de lipstick, wat in het origineel wel het geval is. Ik vind witte tanden een betere invulling. Nachtje laten drogen. De “zeefdruk” Nu weer terug naar zwart wit. Twaalf stuks van de monochrome afbeelding afgedrukt bij de copyshop. Het hoge aantal komt omdat ik er nog niet heel veel vertrouwen in had. Ik heb één keer eerder geëxperimenteerd met transfers met matte medium en dat was geen succes. Naar de copyshop gegaan omdat ik begrepen had dat printen van een laserprinter een veel beter transfer-resultaat geven dan een afdruk van een Inktjet printer zoals ik thuis heb. Omdat ik toch bij Groothuizen moest zijn voor aquarel verf gelijk even advies gevraagd over welk medium zich het beste leent voor een dergelijke transfer: Talens foto transfer gel 041. De volgende dag met de gel de printen met de afbeelding naar beneden nauwkeurig op de kwadranten van het schilderwerk geplakt. Ruim 24 uur laten drogen. Met een plantenspuit en spons het printpapier verwijderd. Ik was blij verrast met het resultaat. Door wat harder door te poetsen kun je de transfer ook weer deels verwijderen en de geschilderde ondergrond er weer terug laten komen. De Afwerking Een van de commentaren van Bastiaan op “de Waterfles” was dat de shiny epoxy afwerking zo goed paste bij een Pop art werk. Om nu ook weer een epoxy toplaag te realiseren was een steviger ondergrond nodig. Het werk verlijmd op een vierkante ondergrond van een laag werkkarton en een laag foamboard. Het overstekende acrylpapier er omheen gevouwen en vastgeplakt. Een laag matte acryl clearcoat aangebracht om de verf- en transferlagen te sealen voordat ik met epoxy aan de slag ga. De eerste dunne laag epoxy met een roller aangebracht. Tien uur laten uitharden voordat ik de tweede laag eroverheen heb gegoten. Na 24 uur uitharden heb de gestolde druipers van de onderkant van het paneeltje afgesneden. Klaar! Wat heb ik geleerd en ontdekt? Gel transfer is een hele leuke techniek om eens mee te experimenteren, maar toch niet zozeer mijn ding. Heb liever een spuitbus, kwast, penseel, potlood of stift in handen. Feedback Prachtig werk, leuk dat je de methode van Warhol probeert te benaderen. Eigenlijk is het enige puntje dat het nu wel een replica qua kleur en compositie is van Warhol’s werk met enkel een ander portret. Je zou er meer van jezelf in mogen stoppen door de transfers bijvoorbeeld deels over elkaar heen te plaatsen. Goed idee om ook met aquarel te experimenteren op de transfer. Nieuwsgierig naar het resultaat daarvan. Dit werk uitgeleend aan Danielle, trots! Idee voor het vervolg op het vervolg Het vervolg op het vervolg op de droge naald opdracht. Bij de vorige opdracht heb ik acrylverf onder een transfer als techniek gebruikt. Omdat ik net een nieuwe set aquarelverf heb gekocht leek het me een leuk idee om te kijken wat er gebeurt als je aquarelverf over een transfer heen gebruikt. Omdat Bastiaan bij de Warhol versie van dit werk als feedback gaf dat er meer van mijzelf in zou mogen zitten heb ik besloten om te proberen om -ondanks de onvoorspelbaarheid van aquarel-schildertechniek- de vier kwadranten zo identiek mogelijk te maken. Het lijkt me ook een goede oefening om de nattigheid beter te beheersen. Aanpak De eerste stap was het opspannen van een vel aquarel papier (Canson Montval 330 grams papier). In een YouTube instructie had ik gezien dat opspannen niet alleen werkt met een plantenspuit zoals in de les was voorgedaan maar ook door het papier volledig met water te verzadigen. Een vel papier 10 minuten in een bak water laten liggen Op een plank gelegd Overtollige water met een spons verwijderd Watertape op tegenoverliggende kanten aangebracht, eerst voor en achter en daarna links en rechts 24 uur laten drogen Daarna de transfer uitgevoerd. Op het opgespannen papier met transfer gel vier nieuwe laserprinten van Helena Bonham Carter overgebracht. De werkwijze komt overeen met hetgeen ik in de vorige heb gedaan. Na het verwijderen van de papierlaag ben ik gaan aquarelleren. Het was, na de eerste poging tijdens de les, de tweede keer dat ik met aquarelverf aan het werk ben geweest. Wat ik tijdens de eerste poging had gemerkt is dat ik het effect van een meerdere lagen aquarelverf over elkaar, met droging tussendoor, een mooi effect vindt. De randen van de “plasjes” verf die je op het papier neerlegd geven de mogelijkheid om in vlekken te tekenen. Ik heb aan dit werk op vijf verschillende dagen gewerkt om het effect van tussentijds drogen maximaal te benutten. Wat heb ik geleerd / ontdekt? De onvoorspelbaarheid van het schilderen met plasjes verf is iets waar ik erg aan moet wennen. De dekking / kleur van de aquarelverf wordt behoorlijk beïnvloed door de transfer gel. Waar transfer gel heeft gezeten daar wordt de kleur snel fletser, en na een dag is er zelfs weinig van de kleur meer over. Waar ik verf naast de transfers heb aangebracht daar blijven de kleuren veel beter intact. Watertape losmaken gaat prima door er een paletmes onder te steken.
- Compositie II
Huiswerkopdracht les 22 Het huiswerk deze week gaat opnieuw over compositie. Het is de bedoeling om de afbeelding die we meegenomen hadden -waarvan je dus dacht dat het een goede compositie is- te verbeteren. De opdracht moet uitgevoerd worden in acrylverf. Gelukkig werd de opdracht wat vergemakkelijkt en genuanceerd. Je mag ook een ander werk gebruiken dan degene die je voor deze les had meegenomen. Ook werd de opdracht om de compositie te veranderen in plaats van te verbeteren. Omdat ik de dag ervoor naar de expositie van Tjalf Sparnaay was geweest -en daar nog behoorlijk van onder de indruk was- had ik het plan om één van zijn werken qua compositie te gaan veranderen. Ik heb wat omvallende bakjes patat geschetst, en kwam tot de slotsom dat ik daar geen schilder plezier aan ging beleven. Terug naar de tekentafel… Idee Ik bedenk me dat een Mondriaan zich goed leent voor een andere compositie. Een 3D versie van zijn 2D composities is al heel erg vaak -en in allerlei verschillende vormen- gedaan, weinig origineel dus. Toch nog even verder over nagedacht. Misschien dat ik iets met obstakels, verschillende groottes en een blow-up kan doen? Het bezoek aan het casino ter ere van mijn verjaardag bracht me op het idee om Mondriaan te combineren met dobbelstenen. Eerst een werk van Mondriaan uitgezocht: “Compositie met groot rood vlak, geel, zwart, grijs en blauw” Om de compositie te veranderen -niet om te verbeteren- ben ik gaan schetsen en tegelijkertijd naar de zeven elementen van compositie gekeken. Zo heb ik bepaald wat ik in het origineel kon en wilde veranderen. Element Verandering? Toelichting Plaatsing/grootte Ja Als ik het originele werk van Mondriaan centraal stel in het beeld is het één van de objecten geworden. Door perspectief toe te passen ontstaat de mogelijkheid om schaduw in/achter het raster aan te brengen in de vakken waar de kleur is “verdwenen”. Dobbelstenen toevoegen in een volgorde waaruit blijkt dat ze verschillende groottes hebben, net als de vlakken in het raster. Eén dobbelsteen als blowup rechtsonder. Contrast Ja en Nee Er is al een prachtig contrast. Primaire verzadigde kleuren gecombineerd met zwart, wit en grijs. Ik wil hetzelfde soort contrast in mijn werk en kies daarom een titanium witte achtergrond. Omdat ik (semi-)transparante dobbelstenen wil schilderen ga ik wel onverzadigde kleuren gebruiken, maar blijf wel bij hetzelfde palet als Mondriaan aangevuld met complementaire schaduwkleuren. (Groen, paars en oranje) Formaat Ja Geen vierkant maar rechthoek, omdat het kan… Lijnen Ja Door het perspectief ontstaan er diagonalen in -wat in het origineel- een rigide raster van horizontale en verticale lijnen was. Dus van strikt horizontaal en verticaal nu ook diagonaal, en een (onzichtbaar) gebogen lijn die de baan van de dobbelstenen volgt. De rasterlijnen moeten diepzwart worden om als obstakels in de beeldlijn te fungeren. Beweging Ja Ik wil de dobbelstenen uit het originele werk laten vallen waardoor de vlakken leeg raken. Ritme/herhaling Ja Ritme en herhaling waren er al, maar ik ga het verschuiven en uitbreiden. Restvormen Nee Door de voorgenomen klinisch witte achtergrond denk ik dat de restvormen niet heel expliciet zullen zijn. Ik vind herkenbaarheid van De Stijl en het mooie contrast belangrijker dan restvormen in deze compositie. Centraal stellen Omdat we toch met compositie bezig zijn heb ik, als meetkundige knipoog naar Mondriaan, het perspectivisch middelpunt van “zijn doek” gelijk laten vallen met middelpunt van het denkbeeldige vierkant aan de bovenzijde van mijn werk. Aanpak De strategie qua lagen was als volgt: De achtergrond van de Mondriaan eerst, warm grijs met een grove textuur om de indruk te wekken dat er iets verdwenen is. Kwastrichting ondersteunend aan het perspectief. Schaduwen achter het raster, freehand met de airbrush gespoten. Hiervoor heb ik zwarte met wit gemengde acrylinkt gebruikt. Om het effect te maximaliseren zijn er in de overige ruimte geen slagschaduwen, er is alleen schaduw in het raster. Dit moet de indruk wekken dat er een ruimte van ongeveer 2 tot 3cm achter het raster is, de dikte van een spieraam. De gedachte hierbij is dat De Stijl beïnvloed is door het kubisme. Glacis over “het doek” aangebracht van zinkwit, medium en flow improver. De techniek van Mondriaan was maskeren met tape en papier. Het raster aangebracht door eerst tape aan te brengen en delen af te dekken met papier, daarna met de kwast veel verf aangebracht en “afgesmeerd” met een paletmes met als resultaat een strakke dikke laag verf. Direct daarna tape de verwijderd om beschadigingen tijdens het verwijderen te voorkomen. Met dezelfde methode de gekleurde vlakken in het raster van een dikke laag verf in primaire kleuren voorzien. Het maakte de vlakken in het raster fijn helder en verzadigd. De vormen van de dobbelstenen heb ik op frisk-film getekend en daarna uitgesneden om als sjabloon te gebruiken. Om het effect van (semi-) transparante dobbelstenen te bereiken heb ik -net als bij het raster- een dikke laag primaire kleur met het paletmes als basis voor de dobbelstenen aangebracht. Na deze stap zit er dus op elk vlak een met een paletmes opgezette laag in een primaire kleur (en de niet-kleuren lichtgrijs en zwart) aangebracht met “de Mondriaan methode”. In de volgende stap heb ik alles, behalve de achtergrond, afgeplakt en deze nogmaals in een dikke laag titanium witte acrylverf gezet. Daarna heb ik de dobbelstenen licht geschuurd om de volgende lagen verf wat grip te geven. Tot slot de detaillering van de dobbelstenen aangebracht. Voor de schaduwen op en in de dobbelstenen complementaire schaduwkleuren gebruikt. Wat heb ik ontdekt en geleerd Even voor de duidelijkheid, ik heb geen betere compositie gemaakt, maar Mondriaan heeft mij geïnspireerd tot een andere compositie. De compositie lijkt beter te werken in landscape oriëntatie. Heel spijtig dat ik daar nu pas achter kom. Het effect van vallende dobbelstenen is vele malen sterker doordat de lijn die de dobbelstenen volgen dan een boog beschrijft die bijna over je heen lijkt te lopen, mede doordat het kikvorsperspectief veel sterker is. Daarmee ontstaat het gevoel van bedolven worden onder de dobbelstenen. Ik houd het echter toch op portret-oriëntatie, omdat ik vind dat je het werk van Mondriaan niet zomaar een kwartslag kan draaien… Diagonalen en schaduw toevoegen, gekleurde vlakken leegmaken, vijf van de zeven compositie attributen veranderen kan nog net, maar kantelen gaat echt te ver… Achteraf bezien had ik geen titel hoeven te bedenken, maar had de originele titel aan kunnen houden zonder de waarheid geweld aan te doen. Het is nog steeds een “Compositie met groot rood vlak, geel, zwart, grijs en blauw” In mijn hoofd zijn de dobbelstenen altijd uit het originele werk gevallen en daarmee verdwijnen de kleuren. Het zou natuurlijk ook andersom kunnen worden gezien. Is het werk aan het ontstaan of wordt het ontmanteld? De keuze is aan de kijker. Ik zou bij een volgende poging de ongepolijste ruwheid van de openingen in het raster weergeven als ruw gemetselde baksteen. Ik denk dat het verschil met de klinische witte achtergrond nog sterker benadrukt dan deze poging tot ruw canvas. Omdat het origineel een houten lijst heeft die enigszins verzonken ligt ten opzichte van het doek heb ik mijn werk op een foamboard geplakt om hetzelfde effect te realiseren, om de helderheid en het contrast te bewaren heb ik voor een spierwit in plaats van grijs -zoals in het origineel- gekozen. Grappig: tijdens de les op 8 april zagen Liza en Nicole alle twee een bordspel in het werk. Ik heb het niet zo bedoelt, grappig hoe ik zo’n voor de hand liggende associatie zelf niet heb gehad! Tijdens de behandeling van het huiswerk werd me pas duidelijk dat -in landscape oriëntatie- het doek hangend als een schilderij of liggend als een speelbord kan worden gezien. Feedback Zo ongeveer elke regel die volgens Mondriaan en De Stijl van toepassing zijn op de compositie van werk van de nieuwe beelding heb je veranderd. Goed gedaan! Leuk dat de compositie ook in elke oriëntatie werkt, maar het krachtigste is in landscape vorm.
- Ellipsen
Huiswerkopdracht les 20 Het huiswerk is het tekenen van je fiets, bijvoorbeeld tegen de muur, op een brug, je fiets vanuit een hoek bekeken. Daarbij mogen de wielen niet in dezelfde richting staan, het stuur moet dus gedraaid zijn. Dat is dus per saldo een tweetal ellipsen onder verschillende hoeken in beeld. Het materiaal is een eerste opzet in houtskool, en daar overheen met acrylverf. Het formaat is groot, karton van 50x70cm. Oefening De theorie over ellipsen en hoe je deze op de juiste wijze vormgeeft was voor mij nieuw en een eye-opener. Maar ook behoorlijk complex. Het leek me dus een goed idee om eerst een proef houtskooltekening te maken om het lijnenspel van deze techniek goed te doorgronden. Omdat ik het gevoel had dat een liniaal uit den boze was heb ik voor deze oefening free-hand lijnen getrokken naar denkbeeldige verdwijnpunten. Maar… als je dan het midden hebt bepaald, en daar weer vier kwarten uit hebt afgeleid, en daar weer een boorlijn doorheen hebt getrokken, dan weer daar haaks op een lange ellips-as en je doet dat allemaal schetsend in houtskool dan wordt de kakofonie van lijnen al snel onnavolgbaar. Ik dacht met lijnen in verschillende kleuren wat meer overzicht te houden: Vierkant in perspectief en de diagonalen die daarvan het middelpunt bepalen in blauw Vierendelen door middellijnen in groen Lange- en korte as (boorlijn) van de ellips in rood Ellips zelf in zwart Had nog een paar oude whiteboardstiften liggen die hun beste tijd wel gehad hadden, dus geen punt om daarmee door houtskool te gaan krassen. Het maakte het onderscheid tussen de verschillende lijnen inderdaad een stuk inzichtelijker. “Ode aan Anneke” Door het verbeterde inzicht kon ik weer verder met houtskool schetsen. Wat bedoeld was als een oefening in het gebruik van de methode voor het juist tekenen van ellipsen, werd een leuk ding waar ik blij van werd. Losjes blijven schetsen, gummen, beetje begroeiing (de groene en de zwarte stift deden het nog steeds…) Door het gebruik van de zwarte stift waren sommige plekken een beetje te donker geworden, maar ik had ook nog een oude witte permanent marker liggen, en heb daarmee verschillende donkere plekken weer wat lichter gemaakt. Die witte inkt laat zich goed uitsmeren, maar de stift lekte ook nogal. De gelekte druppels brachten me op het idee om daarmee regen over het werk heen te zetten. Gebruik de beperkingen van je materiaal, in dit geval een lekkende stift! En omdat Anneke altijd op de fiets door de regen naar de Alkmaar komt heet deze proeftekening “Ode aan Anneke”. Idee De opdracht deze week was erg specifiek, en liet dus minder ruimte voor eigen invulling. Eigenlijk zijn kleur, omgeving en gezichtspunt de variabelen om er een eigen werk van te maken. Door de regen op de proeftekening kwam ik op het idee om voor de opdracht een hele dreigende lucht te schilderen. Om het effect van zo’n lucht maximaal uit te laten komen lijkt een kikvorsperspectief me een goed idee, heel veel lucht, weinig grond. Daarnaast vond ik het verhaal over Hockney in de vorige les heel leuk, en daardoor dacht ik dat ik toch ook iets geks met het perspectief wilde doen. Een schuine horizon leek me wel een leuk idee. Toen ik naar de stad liep zag ik een fiets tegen een lantaarnpaal staan en heb ik gelijk even geprobeerd hoe zo’n plaatje eruit zou zien. Ik ben dus even op mijn knieën gegaan om een fotootje met kikvorsperspectief en een schuine horizon te maken. Omdat ik graag een fiets met een bak erop wilde schilderen (net als in mijn proeftekening) heb ik de fiets achter in de tuin op diezelfde manier op de foto gezet. Een dreigende wolkenlucht gegoogled en had ik alle inspirerende ingrediënten verzameld. De lucht, lantaarnpaal en de fiets voor mijn werk deze week. Aanpak Ik had al eerder een werkkarton van 50x70cm in de gesso gezet omdat ik dat de vorige keer (bij de futuristen opdracht) heel fijn vond werken. Het karton heb ik schuin op mijn tekentafel bevestigd, zodat ik tijdens het werken wel een rechte horizon had. Daarna de volgende stappen uitgevoerd: De eerste laag die ik heb aangebracht waren grote vlakken in verschillende kleuren grijs, als basis voor de wolken. De grijstinten die ik daarvoor heb gebruikt zijn mengsels van zwart (samengesteld uit ultramarijn, gebrande omber, donker cadmiumgeel en karmijn) met titanium wit in verschillende verhoudingen. Gewacht tot deze laag droog was en toen nat in nat met de (bewaarde) grijstinten en titaniumwit wolken gaan schilderen. Toen deze laag droog was heb ik een glacis van cadmium donker geel met veel medium en een klein beetje water aangebracht met een spalter. Het maakte de lucht een prachtig dreigend geheel, precies wat ik in gedachten had. Toen de fiets geschetst in witte tinted houtskool (normale houtskool wilde ik niet op mijn wolkendek loslaten) en gebruik gemaakt van de aanpak voor het schetsen van de ellipsen voor de wielen. Ik heb voor de ellipsen die de wielen vormen zonder liniaal geschetst. Ik heb wel een liniaal gebruikt voor richtlijnen van de lantaarnpaal. Wat heb ik ontdekt en geleerd? Ik heb geprobeerd om details te laten zien zonder ze te schilderen. Ik denk dat het best goed is gelukt. Daarom ben ik blij met de spaken en de krat. Ik heb de complexe materie van het correct weergeven van een ellips geleerd en geoefend. Ik heb een poging gedaan om wolken te schilderen in acrylverf. Ik heb ook geleerd dat ik de volgende keer beter moet opletten waar ik schaduwen en hooglichten plaats, en daar consequenter in moet zijn. Het licht op de fiets komt van een andere kant dan het licht op de lantaarnpaal. Het laatste leerpunt is dat ik zorgvuldiger moet zijn in het bedenken van welke lagen ik na elkaar ga opzetten. Nu heb ik de lantaarnpaal en de fiets in één laag gedaan, terwijl de fiets natuurlijk duidelijk voor de lantaarnpaal staat. Als ik de paal eerst helemaal had geschilderd en pas daarna de fiets had ik mezelf een hoop nodeloos gepriegel bespaard, en was het diepte effect waarschijnlijk beter geweest dan nu. Feedback Compliment voor de prachtige achtergrond. Het schilderwerk is prima, en de ellipsen kloppen. Ook het idee van de schuine horizon, heel origineel en maakt het beeld een stuk spannender! Mooi stuk werk!
- Collage
Papierkunst Deze les gaat over het maken van afbeeldingen uit gescheurd papier. Gerard ‘t Hart heeft, naast vele andere technieken, ook op deze manier werken gemaakt. (Zie het boek: “The paper paintings”). Ook Nicolas de Staël maakte veel werken in een stijl die lijkt op gescheurd papier, maar feitelijk olieverfschilderijen zijn. Een kenmerk van de landschappen van deze kunstenaars is dat ze een duidelijke indeling in drie perspectivische ruimtes hebben: Een voorplan, een midden-plan en achterplan. In de zeefdruk “Haven in Spanje” van Gerard ’t Hart is het voorplan de zeilboten, is het midden-plan de bebouwing op de boulevard en het achterplan de lucht en de horizon. Een ander kenmerk is het gebruik van kleur voor het benadrukken van diepte. Zoals Barnett Newman met zijn reeks “Who is afraid of Red, Yellow en Blue” heel expliciet laat zien, hebben verschillende kleuren verschillende perspectivische invloed op een kijker. Rood komt op je af, terwijl blauw de illusie van diepte en afstand suggereert. Staël gebruikt dit in zijn reeks werken over Agrigente (plaats op Sicilië); het voorplan is rood en roze, het midden-plan is geel en het achterplan is diepblauw. Repoussoir Een andere techniek om de illusie van diepte in het werk te vergroten is een voorwerp in het voorplan. Dit noemt men een repoussoir (Repousser, Frans voor terugduwen). Een repoussoir is ten opzichte van de rest van het schilderij donker van kleur, en bedekt een gedeelte van de voorstelling. Huiswerkopdracht Maak een landschap of stadsgezicht waarin iets gebeurt, een aandachtspunt dat de ruimtelijkheid versterkt. Kijk hoe je de illusie van diepte kunt creëren door kleurgebruik. Eerste associatie bij een stadsgezicht was wolkenkrabbers, druk verkeer, auto’s, verkeerslichten en vooral veel donker-licht contrast en veel reflectie van een natte straat. Mooie foto gevonden die eigenlijk alles in zich heeft en als bonus een duistere wandelaar op een zebrapad als middelpunt, een prachtig repoussoir! De titel is dan ook geworden: “Nat zebrapad”. Aanpak en wat ik geleerd en ontdekt heb De laatste keer dat ik met karton heb geknutseld was voor een poppenhuis voor de Playmobilpoppetjes van dochter Kim. Een enorm geduldwerk, 3000 papieren baksteentjes gesneden en één voor één geplakt. Tijdens het maken van het huiswerk van deze week heb ik regelmatig aan die klus teruggedacht omdat ik me met dit onderwerp opnieuw een monnikenwerk op de hals heb gehaald. Tijdens de les kreeg ik van Bastiaan een goede tip: doe de grote vlakken eerst en bepaal je horizon. De eerste 7 kleuren zijn allemaal hele vellen van 65 x 50 cm waar ik een (steeds groter) gat in het midden heb gescheurd. Vanuit het lichte grijs in het midden -dat is een onbewerkt vel-, via lichtblauw, naar midden-grijs, naar midden-blauw, naar donkerblauw, naar donkergrijs tot uiteindelijk zwart. Door deze aanpak voor het achterplan -van binnen naar buiten werken- zit er daadwerkelijk fysiek diepte in de achtergrond. Voor het voorplan ben ik het tegenovergestelde gaan doen, stapelen van buiten naar binnen. Dit zorgt voor ophoging van de voorgrond. Het is bijna pasteus werken met karton. Sommige elementen, zoals de ramen in de wolkenkrabbers, heb ik vergroot ten opzichte van de realiteit van de foto. Ik vond de minuscule raampjes in het origineel nogal saai, en daarnaast zijn deze afmetingen veel gemakkelijker te scheuren. Achteraf gezien doet het een beetje afbreuk aan de illusie van hoogte van de gebouwen. Verder was het vooral scheuren… en plakken, en scheuren… en plakken… en scheuren… en plakken enz... Voor sommige delen heb ik willekeurig gescheurd, voor andere stukken heb ik eerst gevouwen en toen voorzichtig(er) de gewenste vorm uitgescheurd. Door de lichte (deels) onverzadigde kleuren in het achterplan ontstaat een beetje atmosferisch perspectief. Materiaal De basis is grijs werkkarton van 1,9 mm dik. Voor de kleuren heb ik Canson Mi-Teintes 160 grams papier gebruikt. Het werkt fijn, maar is wel wat taai om te scheuren, zeker als het om kleine snippertje gaat. Tijdens de eerste fase met de hele vellen heb ik geplakt met lijmspray. De detaillering en de opbouw in het voorplan -de snippers en snippertjes dus- zijn geplakt met boekbinderslijm. Eigenlijk vind ik het werk nog niet af, de (standaard) kleuren van het papier zijn wel erg hard en verzadigd en daardoor wordt de sfeer die ik graag neer wil zetten (nog) niet getroffen. Het plan is daarom een glacis aan te brengen van transparant grijs gepigmenteerde epoxyhars. Ik ga er eerst wat mee testen om te zien hoe (en of…) het werkt en wat het effect is voordat ik het op het hele werk ga loslaten. Wordt vervolgd! Feedback Niets op aan te merken, prachtig! Vervolg Tijdens de les op 4 maart heb ik minstens vier goede tips en adviezen over mijn epoxyplan gekregen en opgeschreven: Je moet het zeker niet doen Je moet het zeker wel doen Maak er gewoon nog één! Het mooie reliëf verdwijnt als je er epoxy overheen giet. Uit de laatste slimme tip kwam het idee dat ik voor de epoxy versie dus het reliëf helemaal niet nodig heb… je ziet het daarna toch niet meer! De tip “maak er gewoon nog één” heb ik dus kunnen uitbesteden aan de copy shop. Daardoor kon ik de eerste twee tips beide doen. Het origineel heb ik intact gelaten, en de epoxyhars heb ik over een geprinte versie gegoten! Aanpak Het epoxy gieten was nog wel een heel project… Eerst een mal gemaakt van 60 x 50 cm. De poster is op 220g glanspapier geprint. Voor een stevige ondergrond voor het epoxy gieten heb ik de poster met lijmspray op een stuk grijs werkkarton geplakt. Daarna latjes op maat gemaakt, en die daarna met PE-tape ingepakt (epoxy hecht wel aan hout maar niet aan polyethyleen). Met hoekijzertjes van de latjes een haakse rechthoek gemaakt en raamwerk op de het karton met de poster gezet. De onderkant geseald met siliconenkit (daar hecht epoxy ook niet aan) en met een boutjes en vleugelmoeren vastgezet zodat de epoxy niet weg kan lekken. Epoxy componenten gewogen en gemengd. Pigment toegevoegd om de rook grijze glacis kleur te krijgen en lang gemengd. In de mal gegoten en met een spatel gladgestreken en afgedekt zodat er geen stof in kan vallen. Dan begint het lange wachten, echt uitgehard is het pas na 24 uur. Resultaat Het glacis doet precies wat ik wilde, het brengt de kleuren dichter bij elkaar en de sfeer veranderd daarmee naar een donkerder, meer druilerige plaat. Toch ben ik heel blij dat ik het origineel nog heb, want een neveneffect waar ik niet op had gerekend is dat door het dempen van de kleuren het diepte effect door kleur deels verloren is gegaan. Het blauw verdwijnt minder in de verte, het rood komt minder naar je toe. Conclusie, blij met beide, maar uiteindelijk is de rauwe versie voor mij toch de mooiste.
- Clair obscur
Theorie Nadat we vorige week vooral naar licht en schaduw hebben gekeken krijgen we vandaag een verdere toelichting op Clair-Obscur. Zoals in de vorige les gezien is in het werk van Rembrandt deze techniek duidelijk zichtbaar. De werkwijze bij Clair-Obscur is beginnen vanuit het donker en het beeld te laten ontstaan door elementen “aan te lichten”. Oefening tijdens de les De opdracht was om een voorwerp mee te nemen waar je iets mee hebt – een dierbare herinnering of iets dergelijks. Helaas was ik dat vergeten, en heb uit de stilleven kast een stormlampje gepakt. In les zijn we aan de huiswerkopdracht begonnen, wat inhield dat je het gekozen voorwerp in een magisch licht gaat zetten. Licht je voorwerp op een bijzondere manier aan en maak daar een fotootje van. Vervolgens start je vanuit een donkerbruin/donkerblauw geschilderde ondergrond met daarop het in grove vlekken aangeduide voorwerp. Werk toe naar steeds lichtere kleuren in verschillende lagen en probeer met behulp van het licht jouw voorwerp vorm te geven. Betrek daarbij ook de achtergrond! Kijk voor inspiratie naar het werk van Caravaggio, Rembrandt en Frans Hals. Tijdens de les begonnen eerst een fotootje gemaakt, niet echt goed gelukt en de belichting was zeker niet magisch. Toch begonnen met de achtergrond, en daar in vlekken de contouren van het lampje ingezet. Was niet heel enthousiast, ik heb geen mooie herinnering aan een stormlantaarntje en de foto is verre van inspirerend. Ik heb in stift nog wel geprobeerd om een schetsje te maken van een afbeelding met het lantaarntje die de sfeer van Clair-Obscur ademt. Dat is me niet gelukt. De lichtbron van een Clair-obscur werk -en dus ook het magisch licht bij Caravaggio en Rembrandt-is vrijwel nooit in het beeld te zien is. In uitzonderlijke gevallen één enkel kaarsje. Het is in ieder geval meestal één lichtbron, en die lichtbron is bijna nooit het onderwerp van het schilderij. Nicole maakte deze week de uitzondering die deze regel bevestigt. Een hele sfeervolle plaat van een kaars en kandelaar. Het geheim van de meester Om Clair-obscur beter te begrijpen heb ik gekeken naar “Het geheim van de meester” over de nachtwacht. Een heel interessant deel ging over de onderschildering. De oude meesters schilderden de hele afbeelding in eerste instantie in verschillende tinten van donkere kleuren op een donkere achtergrond. Dit zogenaamde doodverven maakte dat het licht-donker contrast al in deze laag is verwerkt, en daar dus bij het aanbrengen van de kleur veel minder aan hoeft te worden gedaan. Overnieuw Met deze nieuwe inzichten besloten niet verder te gaan met de lantaarn, maar een onderwerp te kiezen wat mij echt dierbaar is, en zich beter leent voor een Clair-obscur afbeelding. Idee De dierbare herinnering is uiteindelijk een bouwpakket geworden die ik 12 jaar geleden samen met mijn zoon Bart heb gemaakt. Het was een -natuurlijk zeer gedetailleerde- bouwdoos van een sportauto, een Caterham BDR belt drive series R. We zijn er samen ruim drie maanden mee bezig geweest. Het resultaat is een zeer natuurgetrouwe replica, schaal 1:12. Ik vind het een leuk idee om een oude schildertechniek met een moderner onderwerp te combineren. Daarnaast is bij mij het magisch licht dus een fictieve magische straatlantaarn geworden. Aanpak foto Allereerst had ik natuurlijk een geschikte foto nodig. Het -12 jaar oude- model had eerst een grondige schoonmaakbeurt nodig. Daarna ruimte gemaakt in een kast op zolder. Op die plek kon ik een foto zonder buitenlicht maken. Ik heb de achtergrond verduisterd met een zwarte doek, en de auto op een zwart foamboard gezet. Een flexibel kluslampje deed dienst als straatlantaarn. Omdat de lak na 12 jaar een beetje dof is geworden, de neus en spatborden bevochtigd met een beetje water. Daarna heb ik veel camera-standpunten en posities van de lichtbron geprobeerd tot een compositie waar ik tevreden mee was. Aanpak Schilderwerk Het schilderwerk bestond uit de volgende stappen: Achtergrond opgezet. Dit zijn uiteindelijk 3 lagen geworden. Twee lagen Pruisischblauw, gebrande omber en een beetje cadmiumrood. Tijdens het mengen lijkt het diepzwart, maar bij het mengen naar een iets minder verzadigde variant wordt het al heel snel een groene tint. Heel mooi voor het asfalt op de voorgrond (vormt later een prachtig complementair contrast met de rode auto) maar niet zwart genoeg voor de nacht. De derde laag is daarom Pruisischblauw met een beetje zwart. Alleen vanuit het midden naar rechtsboven aangebracht. Linksboven subtiel de lichtbundel van de lantaarn gezet, de lichtplek op de grond hard aangezet. De overgangen ingewerkt met droge spalters. Het papier bobbelt enorm, en is linksboven overwerkt, en knakt. Omdat ik het papier erg stevig -met meer lagen tape heb vastgezet- was er onvoldoende ruimte om uit te zetten. Jammer! Blijft ook lastig... In navolging van de oude meesters nu een onderschildering gemaakt in enkele verschillende licht en donkertonen. Dit laatste gebaseerd op een soort lichtkaart, om te bepalen waar ik lichtere en waar ik donkerder tinten zou willen zetten. Eigenlijk ben ik handmatig aan het raytracen. Voor sommige delen werkt de onderschildering perfect, voor andere delen kost het veel tijd en lagen om de juiste lichte toon te treffen. Misschien had ik op die plaatsen de onderschildering al veel lichter moeten maken? De felrode onderdelen en de bijbehorende hooglichten zijn daardoor heel vaak overgeschilderd. Ik heb (bijna) niet getekend, bij het frame van de voorruit zag ik geen andere mogelijkheid dan met een sleper toch een soort lijn te trekken. Naast het bekijken van “Het geheim van de meester” heb ik ook nog gekeken naar de Nachtwacht op hyper-resolution.org . Daar is prachtig te zien dat Rembrandt heel veel gebruik maakt van hele subtiele vlekjes om zijn beeld te realiseren. Deze keer dus -in tegenstelling tot vorige week- wel de details verder uitgewerkt. Nu eens niet gepoogd om het fotografisch te doen maar middels steeds kleinere vlekjes met een klein penseel. Elke keer van rechts naar links meer detail gaan aanbrengen, omdat dat in deze afbeelding van donker naar licht is Wat heb ik geleerd en ontdekt? Fijne van Clair-obscur lijkt te zijn dat, nadat je de achtergrond en de donkere vlakken hebt opgezet de lichtere delen steeds meer precisie vragen. Ik kan het papier beter wat minder vast opzetten, zodat het meer ruimte heeft om uit te zetten. De tape kan beter losgaan dan dat het papier beschadigd. Dat bij deze aanpak en dit resultaat het wel voelt als een werk van mij! Feedback Prima schilderij, de details die je denkt te zien zijn niet geschilderd, top!
- Schaduw en licht
Theorie schaduw Tijdens de les werd de theorie over licht en schaduw behandeld. Bij een voorwerp geldt over het algemeen dat er sprake is van: Een slagschaduw Een schaduw op het voorwerp zelf Eén of meer hooglichten Verschillende lichtrichtingen Afhankelijk van waar het licht vandaan komt zijn er verschillende effecten. We noemen dat de lichtrichting. Er zijn vier lichtrichtingen: Meelicht maakt de dingen plat Zijlicht laat de plasticiteit zien Tegenlicht maakt dat je alleen maar een silhouet ziet Strijklicht toont versterkt de oneffenheden van een oppervlak Opdracht tijdens de les Op de tafel stonden een aantal attributen uitgestald, het licht in het lokaal werd gedempt. De twee daklichten zorgden voor een interessant schaduwspel bij de objecten op tafel. Je kon het zelf nog boeiender maken door de zaklamp van je telefoon in te zetten. Opdracht was om in potlood -omdat er niet veel tijd over was na (opnieuw) een langdurige bespreking van het huiswerk- één van de objecten te tekenen, met de nadruk op de schaduwen ervan. De bedoeling was dat de beeltenis zou ontstaan uit de schaduwen. Ik heb gekozen voor een compositie van een messing schenkkannetje met Anneke’s aantekeningenschrift daarachter. Omdat er zo weinig tijd was, ik wel schilder- en geen tekenspullen meegenomen had (behalve één HB-potloodje) heb ik thuis nog wat verder getekend en de diepte van de schaduwen nog wat versterkt met grafietpoeder. Daarna de messing tint met markeerstift toegevoegd, omdat het kan! Huiswerkopdracht Het huiswerk is licht/schaduw: kies een object, zet het op een lichte ondergrond, en werk alle schaduw uit in verschillende toonsoorten (1 of 2 kleuren gebruiken) - schilder vanuit de schaduw, geef hiermee de vorm aan. - onderzoek hoe schaduw de vorm creëert. Zie daarvoor ook pagina 94-99 van het Crejat boek. Aanpak Begonnen met het bedenken van een object. Eerst gekeken hoe het uitpakt als ik wat gereedschap op en tegen elkaar leg. Het gaf een leuk beeld, maar toen ik keek naar de schaduwen werd dat zodanig complex dat ik dit idee snel heb laten varen. Daarna mijn pot met lijmkwasten gepakt. Als object een leuk ding, spannend omdat het glas is, maar geen overdreven moeilijke vorm. Toen met licht gaan spelen. Rolgordijnen dicht, maar de pot wel op een plek gezet waar het buitenlicht door een kier een slagschaduw opleverde. Een halogeen bureaulamp geplaatst. Het halogeenlicht was echter zo fel dat het de slagschaduw van het buitenlicht tenietdeed. Een lampenkapje van papier dempte het licht zodanig dat beide schaduwen zichtbaar bleven. Een LED-kluslampje vanuit een andere hoek zorgde voor een derde schaduw. Tot slot zorgde de LED-lamp boven de werktafel -in de stand warm licht- voor een warme gloed over het hele tafereel. De eerste poging om hier een acryl-schildering van te maken strandde hopeloos. Hetgeen ik in de vorige lessen had geleerd, het zetten van een volledige achtergrond had ik uitgevoerd in een kleurovergang van wit naar pastel-roze-bruin. De pogingen die ik daarna gedaan heb om daar schaduwen overheen te zetten gaven een dramatisch resultaat, de schaduwen werden groter en groter, totdat ik het papier stuk geschilderd had. Voor de tweede poging heb ik eerst de schaduwen in behoorlijk harde tinten opgezet, met het idee dat ik die later zou kunnen verzachten door er -semi- transparante verzadigde kleuren overheen te zetten. Deze aanpak leverde een beter resultaat, en maakte inderdaad dat er een logische “landingsplaat” voor het object ontstond. Nadat ik de pot en de kwasten in het beeld had gezet, nogmaals met lichte tinten de schaduwen verzacht en er één geheel van gemaakt. Wat heb ik geleerd/ontdekt? Opspannen van acrylpapier is geen goed idee. Feedback Goed schilderwerk, meer losjes dan anders. Zelf ben ik niet zo niet heel enthousiast over het eindresultaat, vooral omdat ik het geen eindresultaat vind. Ik heb meer het gevoel dat het een goed begin is om mee verder te gaan, en meer detaillering in aan te brengen. Bastiaan raadt aan om het hierbij te laten, of in zijn woorden: “Je gaat hier dus niet verder mee…”
- Kleur en Emotie
Zeggingskracht van kleuren In de afgelopen periode zijn we vooral bezig geweest om een natuurgetrouwe weergave van mensen, dieren of voorwerpen te maken. Bij de oefeningen in krijt en verf betekende dit ook dat de kleuren de realiteit vertegenwoordigden. Met kleur kun je echter veel meer dan alleen een “kleurenfoto maken”. Kleur kan sterk uitdrukking geven aan emoties die de maker -en de toeschouwer wellicht ook- ervaart bij de afbeelding. Voorbeelden van het gebruik van kleur om emoties weer te geven zie je duidelijk in het werk van Ernst Ludwig Kirchner en Emil Nolde. Huiswerkopdracht les 14 Tijdens deze les gaan we direct aan de slag met de huiswerkopdracht van deze week: Maak met acryl twee werken: Een compleet uit de hand gelopen ruzie Een zeer geslaagd feest Het gaat vooral om kleur, maar wel figuratief werken, dus niet abstract. Zet kleur om in emotie, de kleur hoeft niet mee te gaan in de realiteit, mag feller of anders zijn dan de werkelijkheid. In gedachten aan de slag Tijdens de les achtergronden gekwast en met mijn paletmes gaan smeren. Voor het onderwerp uit de hand gelopen ruzie denk ik aan gifgroen. Tip van Bastiaan: het giftigste gifgroen bevat veel geel. Voor het feest ga ik voor oranje. Ik merk dat het voor mij heel onwennig is om zomaar wat te gaan “aankloten” met verf en mijn spalter. Ik merk dat een doel -en het plan er naartoe- als een enorme dwangmatigheid vastgeroest zitten in mijn systeem. Duidelijk een gevolg van de angst om dingen niet goed te doen, omdat ik het niet meer weet, niet heb onthouden of domweg niet meer kan. Vrijuit, zonder (zelfopgelegde) marsorders dingen maken voelt raar, ik lijk me zelfs wel schuldig te voelen? Toch is het ook leuk en verfrissend. Bastiaan geeft aan dat het ontwikkelen van ideeën heel goed tijdens het maken van een werk kan. Dat ideeën groeien gedurende het tot stand komen. Als Silvia in het voorbijlopen zegt dat ze de spotlights van het dansfeest in mijn oranje creatie herkend is weer aangetoond dat zeggingskracht van een werk niets te maken heeft met details en realisme. Leerzaam: Ik vraag aan Danielle welke van de twee opdrachten het werk waar ze bezig is gaat worden. Het antwoord: “Dat weet ik nog niet.” Hoe zen kan je zijn? Figuratief heb ik, tijdens de oefening nog geen ideeën gekregen, maar ik ben wel van plan -en ga dus proberen- om eens veel losser te schilderen. Ik had genoteerd dat er tijdens de les werd gezegd dat één van de mede kunstenaars veel met de vingers geschilderd had. Ik weet niet meer wie het zei maar het is natuurlijk een prima idee! Afgelopen met dat gepriegel, en dus lijkt vingerverven een goede remedie Ideeën Vind het lastige opdrachten om een ideeën bij te bedenken. Ik heb een hekel aan ruzie, dus als onderwerp vind ik het niet heel inspirerend. Als het gaat om geslaagde feestjes, dat is voor mij ook wat beladen. Ik ben tegenwoordig snel overprikkeld. Een dansfeest is voor mij dus niet het idee van een geslaagd feest. Praktisch gezien vind ik het schilderen van een dansende menigte ook een hele lastige opgave, ik krijg hier geen beelden bij, dus laat ik deze liever nog even aan me voorbij laat gaan. Ruzie Ik besluit om op basis van associatie slechts één thema uit de opdracht naar voren te halen. Bij ruzie hoort boosheid. Daar kan ik wat mee… op zoek gegaan naar een kwade kop. Daarna met stiften op een print geprobeerd wat het effect van groen en rood op de uitstraling is van razende feeks is. (Gif-)Groen levert niet het gewenste resultaat, maar het Shrek gehalte is wel lachwekkend hoog. Die plaat is geen boosheid, maar meer carnaval. Rood knalt er wel uit! Is de kleur een uitdrukking van de emotie, of is het een geschminkte vrouw? Moet het rood wel zo overdrijven dat het niet op schmink lijkt. Ook de andere elementen in de plaat donker en/of rood maken. Om de indringendheid verder te vergroten ga ik een uitsnede maken. Niet het hele hoofd en met beide handen in het haar, maar het beeld beperken tot een deel van het gezicht. Door de uitsnede komt ze -met al haar razernij- nog dichterbij. Feestje Ik wil natuurlijk geen gedoe meer met vachten en snorharen zoals bij de maki, dus denk ik dat een ballon een leuke optie voor de tweede opdracht is. Net als ik bij de uit de hand gelopen ruzie het thema “boosheid” heb gehanteerd, is hier de ballon het ene element wat het feest representeert. Weer wat met stift geëxperimenteerd. Als ik écht aan de opdracht ga voldoen zou ik eigenlijk voor een oranje ballon met een lichtblauwe achtergrond willen gaan. Het is niet alleen de kleur die de emotie oproept, maar ook (misschien wel vooral?) de context, het contrast. Maar… twee werken in één week maken… dat maakt dat ik er eigenlijk wel graag een soort tweeluik van wil maken! Om dat te doen wil ik in beide werken dezelfde kleuren hanteren, de ballon en het hoofd in dezelfde (com)positie plaatsen en qua uitstraling enigszins dezelfde stijl toepassen. Het idee van de opdracht om twee emoties in kleuren om te zetten was wellicht niet bedoeld om voor beide dezelfde kleur te gebruiken. Aanpak Ik ben begonnen met “Ruzie met de razende rode feeks”. De vorige les zat vol met heel veel goede tips en die wil ik graag in praktijk gaan brengen. Begonnen met de hele achtergrond twee keer in cadmiumrood te zetten. Om een vlakke ondergrond te krijgen flow improver gebruikt. Zoals ik met mezelf afgesproken had heb ik mijn normale aanpak laten varen. Ik ben dus gewoon gaan proberen, zonder veel na te denken, maar het materiaal “zijn gang laten gaan”. Dit leverde in het begin heel vaak ongewenste uitkomsten op. Met ongewenst bedoel ik dat het nog niet lijkt op wat ik graag zou willen zien. Daar moet ik heel erg aan wennen, als notoire tekenaar is het aantal lagen dat je aanbrengt beperkt en moet het resultaat dus al heel snel “goed” zijn. Ik heb een paar keer op het punt gestaan om overnieuw te beginnen. Niet overnieuw begonnen, maar gewoon de volgende laag er weer overheen gesmeerd. Niet alleen met mijn vingers maar ook gebruik gemaakt van het paletmes, wattenstaafjes, een bijna droge spalter, kwasten, sponzen, doekjes, keukenpapier… Ook bij het maken van kleuren niet veel proberen na te denken maar op gevoel van alles door elkaar gemengd. Het palet werd een enorme smeerboel, maar telkens ontstonden er op allerlei plaatsen op het palet prachtige -en vooral heel erg bruikbare- nieuwe kleuren. Het effect van de dieprode ondergrond is prachtig, hoeveel lagen ik er ook overheen smeer, het lijkt alsof het onderliggende rood er doorheen blijft stralen. Ik vind het nog steeds moeilijk om te bepalen wanneer ik moet stoppen. Gedurende het schilderen heb ik heel vaak het idee gehad dat ik te lang was doorgegaan, dat ik de “sweetspot” had gemist. Dat leverde elke keer weer een moment van balen op, omdat ik dan het idee had dat ik de mooiste versies stuk had gemaakt. Achteraf bleek dat toch elke keer weer niet te kloppen. Met name bij het schilderen van de ballon heb ik heel vaak gedacht “Nu heb ik hem echt verprutst…” maar een volgende laag semi-transparant-karmijnrood maakte de bolling en glans dan toch weer mooier. De daaropvolgende laag kon dan weer een teleurstelling of juist een verbetering zijn. Door op deze manier te blijven oefenen heb ik het idee dat ik het het materiaal wel beter begin te snappen. Soms is het is ook van een kwestie van even afstand nemen, zowel fysieke afstand als in tijd, even een kop thee en later weer terugkomen. Al met al heel veel uren aan het verf verplaatsen geweest. “Ongehoorzaamheid” Ik heb me niet aan de opdracht gehouden. Tijdens het maken van de razende rode feeks de knoop doorgehakt, ik ga een rode ballon tegen een donkere achtergrond maken. Ik weet dat een oranje ballon tegen een lichtblauwe zomerlucht veel meer invulling aan de opdracht geeft, en de kleuren daarbij veel meer de emotie van een geslaagd (buiten-) feestje weergeven. Geen spijt, want ik vind de werken samen zo heel geslaagd. Interessant om te zien wat de vorm in een soortgelijk kleurpalet teweegbrengt. Blijft de ballon een vrolijk ding naast -en in dezelfde kleuren geschilderd als- de boze feeks? Gaat dezelfde kleur twee totaal verschillende emoties weergeven? Volgens mij is het antwoord nee. Als je ze samen ziet krijgt de ballon ook iets onheilspellends. Wat heb ik geleerd en ontdekt? Ik was op zoek naar controle over het materiaal, dat heb ik niet en ga ik (voorlopig) ook niet krijgen. Voor nu is het genoeg om het materiaal wat beter te begrijpen. Dat kleuren zoveel dieper worden als je veel lagen over elkaar aanbrengt. Experimenteer zonder van tevoren menen te moeten weten wat het effect van je handeling is. Laat je verrassen, wees er blij mee, of smeer er gewoon weer een laag overheen. De beloning voor een laag waar je niet tevreden mee bent is meer kleurdiepte! Voor mengen geldt hetzelfde, volg je gevoel, zie wat het wordt. Durf! Te veel verf, of te kort wachten op droging beschadigd de verse laag acryl. Schuine penselen zijn top! Schilderen is zo anders dan het maken van een potlood- of krijttekening. Tekeningen pak ik stukje voor stukje aan, bij schilderen moet je het bijna wel integraal aanpakken omdat dan de lagen pas echt “uit de verf” komen. Het betekent minstens dat je werkt per gebied/groep die qua textuur en kleur bij elkaar horen, of aan elkaar grenzen. Als ik van dat minuscule gepriegel zoals snorharen af wil, dan is het een goed idee om onderwerpen zonder snor te kiezen, en zo groot te maken dat details niet minuscuul meer zijn. Als je maar groot genoeg gaat bestaan er geen futiele details meer als je vanaf een foto werkt. Het effect van de kleur is enorm, boven mijn verwachting. De vrouw lijkt nog vele bozer -misschien zelfs wel meer gemeend boos- dan op de originele foto. Feedback De feedback deze week was merkwaardig. Zelf was ik overtuigd van grote vooruitgang in mijn schilderen en was oprecht trots op het resultaat. Vorige week in de les werd nadrukkelijk verteld hoe de diepte van kleur wordt beïnvloed door het aantal lagen verf. In mijn toelichting verteld waarom ik gekozen heb voor twee rode werken en dat ik erg veel tijd in deze opdracht had gestoken. Met name om de diepe rode kleur te realiseren. Ik weet niet hoeveel lagen er uiteindelijk op zijn gegaan, maar de feeks en de ballon samen zijn ongeveer 30 uur schilderwerk. Ik verwacht dat een teken- en schilderdocent kan zien hoeveel werk en tijd er in kleuren met zoveel diepte gaat zitten, en dat waardeert. De feedback van Bastiaan: hij kan rond de neus zien dat ik wat losser heb geschilderd, en omdat ik alleen voor rood gekozen heb had ik net zo goed een zwart-wit afbeelding kunnen maken. In de opdracht: “Zet kleur om in emotie, de kleur hoeft niet mee te gaan in de realiteit, mag feller of anders zijn dan de werkelijkheid” wordt niets gezegd over kleurcontrast, maar enkel over kleur. Ik meen dat ik in rood nogal duidelijke emoties laat spreken. De combinatie felrood met bijna zwart is zowel vanuit het hedendaagse (signaal-)beleving (woede en gevaar) als vanuit een geschiedkundig perspectief een angstaanjagende kleur die conflict schreeuwt. Als mens omarm ik graag relevante kritiek omdat ik er van leer. Echter, van dit soort opmerkingen leer ik eigenlijk niets. Ik verwacht veel meer technische feedback, waar ik dingen beter (of anders) kunnen had -of kan- doen. Deze feedback heb ik niet zo ervaren.
- Atmosferisch perspectief
Atmosferisch perspectief Atmosferisch perspectief krijg je door onverzadigde kleuren (kleur gemengd met wit of soms zwart) in de achtergrond te laten zien en de meest heldere verzadigde kleuren voor de voorgrond te gebruiken. Een atmosferisch perspectief is een typisch voorbeeld van een kwaliteitscontrast. Opdracht tijdens de les Maak en overgang van zwart naar wit zonder daarbij ivoorzwart te gebruiken. Maak het zwart door het mengen van je donkerste blauw met gebrande omber en een tipje rood. Dat maakt inderdaad prachtig zwart, maar bij het mengen met wit komt de meest prominente kleur wel weer naar voren. In mijn geval blauw, als ik meer gebrande omber in plaats van blauw had gebruikt was het zwart meer groenachtig geworden. Huiswerkopdracht Zelfgekozen dier in omgeving waarbij je ruimte creëert door atmosferisch perspectief te gebruiken. Idee Idee ontstaan uit een bezoek aan een dierenpark in Anna Paulowna van een aantal jaren terug. Mijn moeder organiseerde voor haar verjaardagen altijd uitjes voor de familie, zo ook dit bezoek aan dierenpark Hoenderdaell. Daar lopen Ringstaartmakis vrij rond en zijn best vrijpostig. Mijn moeder was in eerste instantie een beetje huiverig voor de diertjes maar was later trots en blij dat ze had gevoerd en er één op haar arm had gezeten. Zo’n dier verdient een portret in zijn natuurlijke habitat. Deze soort komt van origine voor in de oerwouden op Madagaskar. Aanpak Deze keer geen kleurplaat voor mezelf gemaakt, maar alleen een zeer ruwe outline waar ik bepaalde delen wilde hebben. Deze keer écht schilderen! Gewoontegetrouw een passe-partout afgeplakt. Ik weet dat het de traditionele vensterbenadering van de schilderkunst is, maar ik vind een cleane scherpe rand om wat ik maak gewoon mooi. Daarna voor de achtergrond een vlekkenplaat gemaakt van verschillende tinten blauw en groen, met verschillende niveaus van verzadiging. Ook voor de Maki grondkleuren opgezet, zwart gemaakt zoals tijdens de les -uit blauw, gebrande omber en rood. Voor de grijstinten heb ik wit en midden-cadmium-geel aan het zwart toegevoegd voor de lichte delen van de vacht. Daarmee was het hele vel gevuld, en had ik tot zover één grote kwast gebruikt! Deze laag laten drogen tot de volgende dag. Voor het oerwoud wat inspiratie op proberen te doen met een filmpje van Bob Ross. Dat werkte niet. Toen naar de ouderwetse winkel gegaan en daar een paar natuursponzen gekocht. Met verschillende groene tinten (ultramarijn, midden- en licht-cadmium-geel in verschillende verhoudingen) de eerste laag van het bladerdek op de onderlaag gezet met gescheurde sponsjes. Omdat ik de grondkleur voor de lucht, de berg en de bomen in de verte nog te verzadigd vond heb ik een tube zinkwit gekocht (in tegenstelling tot titaanwit is dit transparant), dit gemengd met medium in een 1:1 verhouding en lucht, de bergen en de tweede laag bomen daarmee lichter gemaakt en laten drogen. De voorste laag bomen nogmaals met verschillende tinten groen tot geel gesponsd zodat het kwaliteitscontrast met de tweede laag nog duidelijker werd. Met een kleiner penseel de vacht van de maki gaan schilderen met mengsels van zwart, grijs en twee tinten cadmium. De vacht wordt best grof. Toen de snuit geschilderd, en zoals ik de afgelopen dagen veel heb gedaan, de verf verplaatst om de overgang tussen de snuit en de vacht geloofwaardig te maken. Tot slot het oog, met twee kleuren geel, rood en wit een opvallend oog gezet. Gepoogd om de vacht wat te verzachten door met een tamponeer-kwast met weinig verf over de vacht heen te gaan. Dat verzachtte de vacht wel enigszins. Toch lijkt de Maki ten opzichte van de bomen en de achtergrond niet te matchen. Andere stijl? De toch wat grof geschilderde stijl van de Maki week nogal af van de klassieke gedetailleerde achtergrond. Doet me denken aan “Vandalised Oil” van Banksy. Met een klein penseel meer detail gaan aanbrengen in de vacht. Monnikenwerk… het resultaat is wel iets beter, maar het vormt nog steeds geen geheel. Ik heb de indruk dat het zwart-wit contrast in de vacht te groot is om nog natuurgetrouw te zijn. De vacht met lichtgrijze verf nogmaals getamponeerd, en daarna voorzichtig met een doek na gewreven. Opnieuw is het resultaat iets beter, maar niet goed. Na lang kijken denk ik dat het conflict tussen de achtergrond en de maki niet alleen door het verschil in detail en te hoog contrast wordt veroorzaakt, maar ook door kleur, en het ontbreken van lichtval in de vacht. Het gemengde zwart -en ook het wit- zijn te kunstmatig. Tel daarbij het ontbreken van schaduw en hoog lichten en het beeld van de maki wordt tweedimensionaal cartoon’esk. Het volgende experiment is aan de slag met semi-transparant wit aan de rechterkant om lichtval van rechts te introduceren. Semi transparant gemaakt door Titaan-, zinkwit en medium te mengen. Daarna het hele diertje -met de nadruk op de linkerzijde, met een mengsel van een weinig ivoorzwart, gebrande omber en medium- van een veel natuurlijker (zachtbruine) transparante tint voorzien. Eindelijk heb ik het gevoel dat de Maki en achtergrond nu wel matchen. Met een sleper geoefend om de wimpers en snorharen te kunnen zetten. Het blijkt vooral erg lastig om consequent dunne lijnen te zetten. De snelheid, de druk op de kwast, de hoeveelheid verf, de dikte van de verf, allemaal cruciaal voor een geslaagde lijn. Na een uur oefenen toch voor de veilige optie acrylstift gekozen. Ik wilde niet het risico nemen om dit resultaat te verpesten. Wat heb ik geleerd en ontdekt Schilderen op deze manier is leuk, maar best lastig. Het resultaat is niet zo instant als bij potlood en krijt. Je moet vooruit blijven denken over hoe en wat het moet gaan worden als je de volgende laag/lagen hebt aangebracht. Snel geneigd om met een grote kwast ook “slordiger” te gaan werken, terwijl het precies en zorgvuldig plaatsen van de onderlaag je later heel veel helpt. Het effect van de spons was zo goed dat het verleidelijk is om er te lang mee door te gaan, dat doet het mooie effect weer deels teniet. Feedback Bij het gebruik van de spons goed kijken of je patroon niet repetitief wordt. Snorharen waren niet nodig…
- Grafietpotlood en -poeder
Idee Ik wil graag, voordat we ons in 2024 in het schildergeweld gaan storten, nog een grafietpotlood tekening maken. Als onderwerp was ik in eerste instantie gaan google’en op markante koppen, en daar zijn er erg veel van. Veelal zwart-wit foto’s van oudere mensen die indringend of juist erg afwezig in de lens van de camera kijken. Een ander typerend kenmerk is vooral veel groeven en rimpels in hun gelaat. Veel erg mooie foto’s maar nog niets wat me genoeg intrigeerde om de potloden tevoorschijn te halen. Toen bedacht ik me dat het een leuk idee was om mijn vader eens te portretteren. Hij is inmiddels 86, en heeft dus zo’n markante kop met groeven en rimpels. Na een druk werkzaam (zakelijk) leven -ik herinner me hem van vroeger als de man in het kostuum- leven hij en zijn partner nu wat teruggetrokken op zijn eigen stukje grond met schapen en een stukje bos. Hij vertelde mij eens dat hij het gedicht “De dieren” van Aart de Leeuw heel inspirerend vindt. Het gedicht gaat over een landman, die aan het einde van de dag tevreden zijn ronde langs de dieren doet, vandaar de titel van mijn tekening. Uitvoering Na enig zoeken een leuke foto gevonden, een snelle kiek tijdens de koffie toen we samen wat zaagwerk in het bos aan het doen waren. Eerst in grote lijnen de positie van de elementen bepaald en toen gaat tekenen, afwisselend HB en 4B, en veel gegumd. Kneedgum, gumpotlood en (nieuwe aanwinst) een elektrische gum. Tot slot heb ik het contrast verhoogd met 6B. Ook heb ik geprobeerd om de vlakken wat egaler te maken door gebruik te maken van grafietpoeder. Ik heb enige tijd geleden op YouTube wat werk bekeken van Ali Haider, een Pakistaanse tekenaar die hyperrealistische portretten maakt. Hij publiceert veel instructies en één ervan ging over het zelf maken van grafietpoeder. Ik heb volgens die instructie wat grafietpoeder gemaakt, en hoopte het bij dit werk goed toe te kunnen passen. Het effect viel me een beetje tegen. Ik dacht er mooie egale vlakken mee te kunnen maken, zoals met het houtskoolgruis in de huiswerkopdracht met de koffiekopjes (les 3). Ik kreeg het echter niet mooi egaal uitgewreven. Meer oefenen, denk ik! Wat heb ik geleerd/ontdekt? Lang getwijfeld of ik de handen ook zou tekenen, het is wel een pose die goed bij mijn vader past, maar ik vind handen altijd een bijzonder lastig onderwerp. Uiteindelijk besloten het wel te doen, en ik weet nog steeds niet of ik het een gelukkige keuze vind. De handen trekken best veel aandacht, zijn (te?) groot, prominent en donker in beeld. Ik heb daarom besloten ook het gezicht donkerder te maken, en daar is het niet mooier van geworden. Op tijd stoppen blijft een dingetje… Verder ben ik met het resultaat heel tevreden, het is mijn pa, met -zoals hij het zelf noemt- een gulle grijns. De dieren De landman gaat, nu de avond is gevallen, En de arbeid slaapt, voor 't laatst zijn hoeve rond; Hij keurt het werk der knechts in schuur en stallen, En als zijn schaduw volgt hem trouw de hond. Hij toeft bij 't vee, en luistert hoe het ademt; Rond schoft en horen hangt een warme damp, Die met een geur van zomer hem bewademt, En in een nimbus nevelt om de lamp. Dan loopt hij tastend langs de ruif der paarden, Verwelkomd door een dreunend hoefgeklop; Hij spreekt hen aan, en streelt een ruig behaarde, Een speels hem toegestoken manenkop. En als hij eindlijk, rustig na 't volbrachte, De handen boven 't vlammend houtvuur heft, Vervult hem nog de ontroerende gedachte Aan wat rondom hem leeft en niet beseft. Hij peinst, en leest in 't boek met koopren sloten Het hoofdstuk uit, dat Noachs tocht beschrijft, Hoe de arke met haar simple reisgenoten Lang op de oeverloze zondvloed drijft. Gans in het wonderbaar verhaal verloren, Terwijl hij mijmrend in de haardgloed staart, Lijkt het hem of, door God daartoe verkoren, Hij met zijn dieren over 't water vaart. - Aart van der Leeuw, 1922
- Recycling I
Huiswerkopdracht les 11 Neem een mislukte linodruk en maak daar een nieuw werkstuk van door erin te gaan tekenen met inkt of krijt, misschien zelfs iets te schilderen als je daar al de middelen voor hebt. Op basis van deze opdracht heb ik twee ideeën: Idee 1: Power posters idee In de eerste lino opdracht was mijn idee vooral gebaseerd op allerlei vormen van propaganda, variërend van de propaganda posters uit de voormalige Sovjet-Unie, via Amerikaanse verkiezingen tot de wervingscampagne voor vrouwen in de Amerikaanse oorlogsindustrie tijdens de tweede wereldoorlog. Dat gecombineerd met onze dochter die fervent aan het klussen is leidde tot mijn Power poster. Ik vond dat ik voor deze volgende opdracht dicht bij het thema moest blijven. Daarom leek het me een leuk idee om -met de vele proefdrukken die ik voor de vorige opdracht heb gemaakt- een affiche-plak en graffiti-wall te maken. Wat is propaganda tenslotte zonder publiek? Een muur gaan beplakken met het materiaal wat ik heb, maar niet voordat ik het heb gescheurd en behandeld zodat het de indruk wekt blootgestaan te hebben aan de elementen. Tot slot wil ik het thema nog verder benadrukken door POWER tekst van de poster ook nog eens in spraypaint op de muur te zetten. Idee 2: Wedstrijdspanning op herhaling Zoals ik ook in het verslag van les 11 heb geschreven vind ik het jammer dat ik in bij het thema wedstrijdspanning de mogelijkheid om met verschillende rijders-/teamkleuren te werken niet tijdig heb bedacht. Ik wil alsnog, gebruik makend van andere mogelijkheden een meerkleurige close-racing poster maken door gebruik te maken van de lino snede die ik nu “over” heb gehouden. Het is niet helemaal de opdracht, want ik maak geen gebruik van een mislukte afdruk, maar wil graag werken aan deze eerder gemiste kans. Aanpak POWER posters Om aan het idee van een affiche-plak en graffiti wall te beginnen heb ik natuurlijk een muur nodig. De textuur van baksteen heb ik geïmiteerd door schuurpapier op karton te plakken, daarvan steentjes te knippen -wat onregelmatig-, want bakstenen hebben tenslotte geen precieze maten. Deze steentjes geplakt op een grijs foamboard. De steentjes en het “cement” heb ik vervolgens geschilderd met verdunde acrylverf. Als kleur heb ik gekozen voor rood, gebrande omber en zwart, in verschillende mengverhoudingen. Tijdens het drogen trok het foamboard enorm krom. Een nacht onder gewicht hielp wel een beetje, maar de plaat was nog steeds behoorlijk krom. Wildplakken Met de vele proefdrukken die ik had aan de compositie begonnen, welke poster moet waar komen? Tijdens de compositie bedacht ik me dat het leuk zou zijn om de leeftijd van posters per kleur te laten variëren. In die denkbeeldige tijdlijn zijn de lichtblauwe posters al een tijdje geleden geplakt, en zijn dus het meest gescheurd en verweerd. Omdat de rode de meeste frisse uitstraling hebben bedacht dat die “gisteravond” zijn geplakt. Bij het uitdenken van de overlappen rekening gehouden mee deze tijdlijn. Aan de lichtblauwe posters dus ook het meeste gescheurd en geknoeid. Eén liter stijfsel gemaakt, en de posters in de juiste volgorde gaan plakken. Omdat het natuurlijk geen behang is werd de drukinkt aan de andere kant van de poster weer een beetje vloeibaar, en vlekte snel. Dat was voor de lichtblauwe versie niet zo’n probleem, die moeten er toch verweerd uitzien, maar belangrijk om bij de volgende kleuren, zeker bij rood heel voorzichtig te zijn met de stijfsel en bij het aandrukken. Op een paar plaatsen met zwarte verf gespetterde vlekken gemaakt met de airbrush. Weinig lucht gebruikt voor het spat-effect. Daarna uitgeveegd om de blootstelling aan de elementen te benadrukken. Daarna de donkerblauwe, met minder beschadiging, en tot slot de rode, zo goed als onbeschadigde posters opgeplakt. De hele compositie een nachtje onder druk laten drogen. De plaat is toch nog steeds een beetje krom. De POWER tag Voor de graffiti een sjabloon gesneden geïnspireerd op fonttype “Some’s Style Bold Capitals”. Omdat het een girlpower tag is had ik een spraycan in neon roze besteld voor de graffiti. Eerst geoefend op een wit vel. Als ik de sjabloon direct op het vel legde waren de randen scherp, en hadden dus niet de kenmerkende vervaagde omtrek van een graffiti tag. Kleine latjes onder de sjabloon gelegd, zodat er wat afstand tussen de sjabloon en het papier ontstond. De volgende poging op het proefvel gespoten. Het effect was precies wat ik graag wilde. Ik was toen bijna helemaal tevreden met het resultaat, vond het alleen erg jammer dat de foamplaat nog steeds een beetje krom was. Een fotolijst van de Action bood uitkomst. De lijst, gebruikt zonder het meegeleverde plexiglas, houdt de foamplaat strak en recht op zijn plek. Klaar! Feedback Goed gebruik gemaakt van de mogelijkheden. Dit is duidelijk een vorm van Theo’s superrealisme! MDF of multiplex is beter als basis voor dit type werk, trekt niet krom. Thema wedstrijdspanning op herhaling Het idee is om een drietal afdrukken te maken, waarbij de overlap van de drie afdrukken is gemaskeerd. Ik ga dus niet over elkaar heen drukken. Hierdoor komt er één kart op de voorgrond, en de andere twee op de achtergrond. Ook wil ik de karts in een omgeving zetten, met asfalt en rood-witte afbakening van het circuit. De gekleurde delen (de delen die in het originele ontwerp bij de tweede drukgang rood zijn) wil ik met stift inkleuren om de verschillende teamkleuren weer te geven. Achtergrond Begonnen met het maken van een drietal papieren maskers. Met deze maskers kan ik de compositie van de drie karts gaan bepalen en later gebruiken voor het maskeren van de linodrukken. De compositie overgenomen op Frisk film, zodat ik de achtergrond kan airbrushen, en de plaats waar de linodrukken gaan daarmee kan afdekken. Grijs naar witte overgang gespoten aan de onderzijde om de indruk van asfalt te wekken. Boven het asfalt de circuit afbakening in rood en wit gespoten met behulp van een papieren masker met blokken. Dit masker verschoven om de indruk van snelheid te wekken. Voorgrond Voor de voorgrond met behulp van de papieren maaskers nu drie afdrukken gemaakt. Eerst de rechtse afdruk, waabij de middelste en linkse kart waren afgedekt, aansluitend de linkse afdruk, waarbij de middelste was afgedekt, tot slot -met een verse lading inkt- de middelste afdruk gemaakt. Evaluatie De twee stijlen botsen op een heel ongemakkelijke wijze, en ik vind het resultaat niet mooi. De plaats van de afdrukken is niet oké, maar vooral het steriele van de strak gemaskeerde airbrush delen botst lelijk met het “rustieke” van de linodruk. Ook niet gelukt om het zonder vlekken voor elkaar te krijgen. Nog wel met stiften de karts “teamkleuren” gegeven. Effect is wel aardig, maar zeker niet waar ik op had gehoopt. Ik had van tevoren geen rekening gehouden met het vervagen van de tweede en de derde drukgang. Het resultaat is dus nu: één zwart met rode karter in het midden, één vervaagd zwart / grijs met lichtblauwe en één nog sterker vervaagde zwart / lichtgrijs met geel aan de zijkanten. De kleuren naast het vervaagde zwart zijn natuurlijk wel vol en helder. Die combinatie spreekt me niet zo aan. Besloten om het hierbij te laten, en me te richten op nog een idee. Feedback Het werk voldoet duidelijk niet aan je verwachtingen. Het probleem is echter niet dat de stijlen botsen, maar het komt omdat je in het mengen van stijlen juist niet ver genoeg bent gegaan. Pop-Art is niets anders dan het laten botsen van stijlen. Als je verder was gegaan, (of misschien nog verder gaat…?) kan er best een interessant werk gaan ontstaan. Thema snelheid op herhaling Ondanks dat ik eerder dacht dat ik het thema snelheid had afgerond bedacht ik daar toch nog iets leukers mee te kunnen doen. In de eerste versie (zie pagina 66) heeft het overheersende zwart voor mij een negatieve invloed op het effect van snelheid. Als ik de “voorste” kart lichtgekleurd maak, zonder deze te overdrukken met de daaropvolgende afdrukken, zou het effect van snelheid best eens kunnen bevorderen. Daarnaast is heb ik bij de eerste versie de afstand tussen de opeenvolgende afdrukken gelijk gehouden. Het effect van snelheid wordt denk ik ook positief beïnvloedt als ik de afstand tussen de afdrukken laat toenemen. Aanpak Eerst een proefdruk gemaakt om te kijken wat de beste aanpak voor de toenemende afstand zou zijn. Best een puzzel om de best passende incrementele afstand te bepalen. Bij de eerste poging had ik voor de toename per stap ik 1cm gebruikt. Dus de tussenruimte was 1, 2, 3, 4cm etc. Ik vond de afstand -zeker aan het einde van de reeks- veel te groot. Het increment dus verandert naar 0,5cm. Om de voorste kart niet te overdrukken met de daaropvolgende afdrukken het ongebruikte masker van het vorige experiment op de plaats geplakt waar ik de eerste kart in de reeks wil hebben. De linoplaat geïnkt met zwart, eerste afdruk op een apart vel, daarna een A2 romandruk vel gepakt zodat de tweede afdruk in de reeks ook de tweede afdruk van deze inktlaag is. Daarna met dezelfde inktlaag nog 6 afdrukken gemaakt, waarbij de laatste prachtig vaag is. Daarna de linoplaat opnieuw geïnkt, het masker verwijdert, en de voorste kart van de reeks gedrukt. De afdruk goed laten drogen. Daarna heb ik de eerste kart weer gemaskeerd, en ook de rest van het vel afgedekt, met uitzondering van de repeterend gedrukte steeds vager wordende karts, tot de zijkant van het papier. Daarna free hand airbrushend speed-strepen gezet in rood en wit. De snelheid is super! Ook blij dat ik voor een groot vel heb gekozen, maakt het effect van de strepen nog groter. Feedback Mooie plaat! Ook hier werkt het grote witte vlak goed, de balans komt vooral voort uit het tot de rand laten doorlopen van de speed strepen. Wat beter was geweest is als je de airbrush strepen op de coureur had laten beginnen, en niet erachter. Nu staat de rijder toch nog een beetje los van de snelheid erachter.











